Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 23 december 2020 (ABRvS 202003452/1/R1): Awb, Wro; bpl, centrum, masterplan, behoefte/Ladder
* 23 december 2020 (ABRvS 202003316/1/A3): Awb, Gmw; handhaving, spoedeisende bestuursdwang, verwijderen fiets, APV (Rb Den Haag 19/6360)
* 23 december 2020 (ABRvS 202003037/1/R4 en 202003355/1/R4): Awb, Wabo, Gmw; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik/handhaving, dwangsom, stallen caravans in kassen (Rb Gelderland 19/2863, 19/2864, 19/5664, 19/5671, 19/7138 en 19/7141)
* 23 december 2020 (ABRvS 202003034/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor tijdelijk afwijken bpl/handhaving, dwangsom, stallen caravans in kassen, evenredigheid, vertrouwensbeginsel (Rb Gelderland 19/1831 en 19/1267)
* 23 december 2020 (ABRvS 202002358/1/R1 en 202002359/1/R1): Awb, Wro, Wgh; bpl/HGW, woningen, scholen en voorzieningen, m.e.r.-plicht, verkeer, ontvankelijkheid, relativiteit
* 23 december 2020 (ABRvS 202002299/1/A3); Awb, Gmw; melding demonstratie, noodbevel/noodverordening, EVRM (Rb Noord-Nederland van 21 februari 2020 in zaak nr. 19/408
* 23 december 2020 (ABRvS 202002140/1/R1): Awb, Ww, Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, gebreken aan woning en elektra- en gasinstallatie, Bouwbesluit, hoogte bedrag (Rb Amsterdam 20/473 en 20/465)
* 23 december 2020 (ABRvS 202001853/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, zonnepark, provinciale omgevingsverordening, flora/fauna, biodiversiteit (Rb Gelderland 19/4354)
* 23 december 2020 (ABRvS 202001738/1/A3): Awb, Gmw; terrasvergunning, APV, beleidsregels, bevoegdheid (Rb Den Haag 19/493 en 19/465)
* 23 december 2020 (ABRvS 202001217/1/A3): Awb, DHW, Wok, Gmw; DHW-, exploitatie- en aanwezigheidsvergunning voor kansspelautomaten, sportcafé/waterpijpen, horecagebiedsplan/APV, bestaand (Rb Rotterdam 19/447)
* 23 december 2020 (ABRvS 202001147/1/R4): Awb, Ww, Gmw; handhaving, dwangsom, gebreken aan woning, achterstallig onderhoud, Bouwbesluit, herstellingen, bevoegdheid (Rb Midden-Nederland 19/1565)
* 23 december 2020 (ABRvS 202001076/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, zorgcentrum naar woningen, geen strijd met beheersverordening (Rb Midden-Nederland 18/1986, 18/1987 en 18/1846)
* 23 december 2020 (ABRvS 202000513/1/A3): Awb, Gmw; ligplaatsvergunning, verordening, schaarse vergunning/bepaalde tijd (Rb Amsterdam 18/7395)
* 23 december 2020 (ABRvS 202000493/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, wijziging
* 23 december 2020 (ABRvS 202000416/1/R1 en 202000958/1/R1): Awb, Wm; plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers, afvalstoffenverordening, overlast, verkeersveiligheid
* 23 december 2020 (ABRvS 202000227/1/A3): Awb, DHW. Gmw; intrekking DHW- en exploitatievergunning, slecht levensgedrag, Dienstenrichtlijn (Rb Oost-Brabant 19/1394(
* 23 december 2020 (ABRvS 202000020/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, splitsen pand en voorzieningen, herstelbesluit
* 23 december 2020 (ABRvS 201909385/1/A2 en 201909388/1/A2): Awb, Wro; planschade, passieve risicoaanvaarding (Rb Noord-Holland 18/3422 en 18/3421)
# 23 december 2020 (ABRvS 201909307/1/R4): Awb, Wro; bpl, weg in buitengebied, ontvankelijkheid
* 23 december 2020 (ABRvS 201908673/1/R1): Awb, Waterwet; projectplan, herstellen waterloop, legger, maatregelen (Rb Overijssel 19/558)
* 23 december 2020 (ABRvS 201908473/1/R3): Awb, Wabo, Wm; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl, uitvoeren werk en milieu/maatwerkvoorschrift, windturbines, Chw, belanghebbenden, locatie/MER, geluid, slagschaduw, externe veiligheid/relativiteit, landschapsplan, Natura 2000/diersoorten/relativiteit, BBT, tussenuitspraak
* 23 december 2020 (ABRvS 201907678/1/R1): Awb, Wm; plaatsingsplan ondergrondse afvalsorteerstraatjes, schade/procesbelang/ontvankelijkheid
* 23 december 2020 (ABRvS 201906978/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, herontwikkeling pand, horeca/woningen, parkeerdruk/-plaatsen, Bouwbesluit (Rb Den Haag 18/3573)
* 23 december 2020 (ABRvS 201906480/1/A3): Awb; herziening, uitleg LVB, berekening geluidsbelasting Schiphol
* 23 december 2020 (ABRvS 201906119/1/R4): Awb, Mnw 1988; vergunning voor wijzigen archeologisch rijksmonument, nieuwe schuur, wierde/borg, belevingswaarde, beschermd dorpsgezicht (Rb Noord-Nederland 19/833)
* 23 december 2020 (ABRvS 201905522/1/R2): Awb, Wro; bpl, woonwagenlocatie, uitsterfbeleid, rondweg
* 23 december 2020 (ABRvS 201905463/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, ‘hand aan de kraan’-principe
* 23 december 2020 (ABRvS 201904337/1/R3): Awb, Wro; uitwerkingsplan, supermarkt/woningen en parkeerplaatsen, verkeer/ontbreken verkeersonderzoek, behoefte, tussenuitspraak
* 23 december 2020 (ABRvS 201902717/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, gebruiksruimte/(tijdsafhankelijke)bodemdaling/zeespiegelstijging, belanghebbenden, TNO-rapporten, ‘hand aan de kraan’-principe
* 23 december 2020 (ABRvS 201902290/1/R3): Awb, Wro; niet vaststellen bpl, zandwinning IJsselmeer, beoordeling stikstof/PAS, effecten op Natura 2000-gebied, MER, landschap, SVIR/Barro
* 23 december 2020 (ABRvS 201901123/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, uitbreiden varkenshouderij, Wnb-vergunning/aanhaken, vvgb, geur/luchtwassers/Wgv (Rb Gelderland 18/3374)
* 23 december 2020 (ABRvS 201900182/1/R3): Awb, Wro; wijzigingsplan, buitengebied, agrarische bestemming, volwaardigheid, paardenhouderij, grondgebondenheid, provinciale omgevingsverordening, woon- en leefklimaat, geur/Wgv/dierenverblijf, Natura 2000/NNN, tussenuitspraak
* 23 december 2020 (ABRvS 201810138/1/R4): Awb, Mbw; instemming gewijzigd gaswinningsplan, kleine gasvelden, fracken, m.e.r.-plicht, aanvraag/detailniveau, bodemdaling, samenhang met gasopslag, bevingen/trillingen/risico’s, bevolkingsdichtheid, motivering, milieu- en natuurwaarden, schade/afhandeling, hydraulische stimulatie, tussenuitspraak
* 23 december 2020 (ABRvS 201807227/4/R2): Awb, Wro; bpl, buitengebied, ruimte-voor-ruimte-regeling, uitwegen, natuur, plattelandswoning
* 23 december 2020 (ABRvS 201804471/3/R4): Awb, Wro; bpl tankstation, behoefte, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 23 december 2020 (ABRvS 201801578/3/R2): Awb, Wro; bpl, bedrijf, Ladder/Bro, geluid, verkeer, ontsluiting, einduitspraak na eerder tussenuitspraak
* 22 december 2020 (CBb 19/451, 19/879, 19/292, 19/450, 19/904, 19/990, 19/76, 19/64, 19/80, 19/897, 19/898, 19/1310, 19/917, 19/972, 19/1349, 19/925 en 19/1145): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrecht, EP/geen sprake van individuele en buitensporige last, knelgevallenregeling, voorzienbaarheid, bevoegdheid, diergezondheidsproblemen, alternatieve peildatum, EVRM
* 22 december 2020 (CBb 18/2027, 19/441, 19/666, 19/70, 19/1607, 20/26, 18/1999, 18/2087, 18/1394 en 19/627, 19/632, 19/643 en 19/940): Awb, Lbw; heffing/bonus, fosfaatreductieplan, referentieaantal, voorzienbaarheid, startersregeling, opfok, knelgevallenregeling, hardheidsclausule, Dienstenrichtlijn
* 21 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 20/1283): Awb, Wabo; handhaving, camping met horeca, geen overlast meer
* 21 december 2020 (Rb Gelderland ARN 20/6366, 20/6369 en 20/6405): Awb, Wabo; handhaving, last onder bestuursdwang, verlenging begunstigingstermijn, opslag brandblusmiddel in lekkende IBC’s
* 21 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 20/962): Awb, Wabo; handhaving, woning/bedrijfsuitoefening, geen overtreding
* 21 december 2020 (Rb Limburg AWB/ROE 20/3085): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, verwijderen chalet, relatie bpl, geen vergunning
* 18 december 2020 (Rb Gelderland AWB 19/2184, AWB 19/2213): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, antennemast, belanghebbende, gezondheidseffecten, geen samenhang met ondergrondse kabels, cultuur- en landschapswaarden, motivering
* 18 december 2020 (Rb Limburg AWB 20/3107): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen, maatschappelijke (dag- en nacht)opvang, geen strijd met bpl, bevoegdheid
* 18 december 2020 (ABRvS 202006172/1/A3 en /2/A3): Awb, Opiumwet; vovo en kortsluiten, handhaving, sluiting woning, hennepkwekerij
* 18 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 19/2821): Awb, Gmw; handhaving, carbidschieten, APV/(geluid)artikele8878597 \ CV EXPL 20-4926 n
* 18 december 2020 (Rb Overijssel 8878597 \ CV EXPL 20-4926): BW; ontbinding huurovereenkomst, onrechtmatige overlast, bezeten
* 18 december 2020 (Rb Overijssel AWB 20/827): Awb, Wnb; handhaving, organisatie evenementen, geen vergunning, belanghebbenden, project, Natura 2000-gebied, stikstofdepositie, AERIUS Calculator, rekenpunten, cumulatie
* 18 december 2020 (Rb Amsterdam AMS 20/6227): Awb, Gmw; vovo, handhaving, sluiting avondwinkel/slijterij, explosief, openbare orde, APV
* 18 december 2020 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/9626 OPIUMW en BRE 20/9625 OPIUMW VV): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving, sluiting bedrijfsruimte, voorraad coffeeshops, bevoegdheid, Wegc
* 18 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 19/3662): Awb; schadevergoeding, Besluit mijnbouwschade, studentenhuisvestingsgebouw, bewijsvermoeden, rapportages van deskundigen, optopping, vrachtverkeer, causaal verband met gaswinning
* 18 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 19/3756): Awb; schadevergoeding, Besluit mijnbouwschade, schade aan pand, herstelmethoden en -prijzen, deskundigen
* 17 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 19/4343): Awb, Wnb; schadevergoeding, schapen/wolf, provinciale beleidsregels, bijstelling
* 17 december 2020 (Rb Overijssel AWB 20/548): Awb, Gmw; handhaving, dwangsom, plaatsen reclameobjecten zonder toestemming, APV, bevoegdheid, overtreder
* 17 december 2020 (Rb Overijssel AWB 20/2251): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid, evenredigheid
* 17 december 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4187): Awb, Opiumwet; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, belangen minderjarig kind, alternatieve huisvesting
* 17 december 2020 (Rb Noord-Holland HAA 19/5714): Awb, Wro; planschade
* 17 december 2020 (EH C-849/19): Niet-nakoming, Habitatrichtlijn, SBZ, verplichting om instandhoudingsmaatregelen te nemen, mediterrane biogeografische regio
* 17 december 2020 (EH C-693/18): Prejudiciële beslissing, ongeldigheidsinrichting, motorvoertuigen, dieselmotor, programma dat op de motorbesturingseenheid werkt, technologie en strategie ter beperking van de productie van verontreinigende emissies
* 17 december 2020 (Rb Limburg AWB 20/2722): Awb, Gmw; vovo, indelingsplan van plein, terrassen, geen strijd met terrasverordening
* 17 december 2020 (Rb Oost-Brabant 01/995028-19): WSr, Arbowet, Wm; bedrijfsongeval, zeer onveilige werksituatie, tekort schieten in zorgplicht, geldboete
* 17 december 2020 (Rb Rotterdam 10/994575-18): WSr, Svw; aanvaring sloep/watertaxi, vaarsnelheid niet wettelijk gemaximeerd, onvoldoende zicht/geen misdrijf, wel handelen in strijd met Bpr, onvoldoende uitkijk, geldboete
* 17 december 2020 (Rb Rotterdam 10/994575-18): WSr, Svw, aanvaring sloep/watertaxi, geen werking Havenbeheersverordening, geen verplichting groot vaarbewijs en basiscertificaat marifonie, voorrang verlenen/geen misdrijf, wel handelen in strijd met Bpr, geldboete
* 17 december 2020 (Rb Gelderland ARN 20/6515): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 17 december 2020 (Rb Gelderland ARN 20/6287 en 20/5238): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving, sluiting pand, drugs, bevoegdheid
* 16 december 2020 (Rb Overijssel AWB 20/666): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen , woonwagen, geen strijd met bpl, welstand
* 16 december 2020 (Rb Den Haag SGR 20/6990): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, last onder bestuursdwang, strijdig gebruik van rijksmonument, bewoning
* 16 december 2020 (Rb Noord-Holland HAA 20/6073 en HAA 20/5690): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, verbouw bestaande schuur, geen strijd met bpl, bouwovergangsrecht
* 16 december 2020 (ABRvS 202000234/2/R1): Awb, Wro; vovo, uitwerkingsplan, woningen, hydrologische gevolgen
* 16 december 2020 (ABRvS 202003437/2/R2): Awb, Wro; vovo, bpl, woningen, privacy
* 16 december 2020 (Rb Den Haag C/09/555356 / HA ZA 18-713 en C/09/572159 / HA ZA 19-397): BW: tussenvonnis, Interim omgevingsverordening provincie Noord-Brabant, stikstofregels
* 16 december 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4217): Awb, Gmw; vovo, handhaving, sluiting notariskantoor, criminele activiteiten, motivering
* 16 december 2020 (Rb Amsterdam AMS 20/6519): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, last onder bestuursdwang, stadsnomaden, strijd met bpl
* 15 december 2020 (Rb Overijssel 8628373 \ EJ VERZ 20-225): BW; overlegrechter, hoog klimtoestel, inkijk in appartement, privacy, verwijderen
* 15 december 2020 (Rb Den Haag SGR 20/6987): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
#! 11 december 2020 (Rb Overijssel 18/2317): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en milieu, pluimveehouderij, geluid, gemeentelijke geluidnota, maatregelen, kosteneffectiviteit, motivering, houtstook, geur
* 11 december 2020 (Rb Rotterdam 8243243 CV EXPL 19-54758): BW; gehorige houten vloer, contactgeluid, stemmen kinderen, overlast, huurovereenkomst
* 11 december 2020 (Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba AR 2017/32 – SXM201700621 – SXM2019H00008 en AR 2017/35 – SXM201600493 – SXM2019H00007): BW; onrechtmatige hinder, afvalwater
* 9 december 2020 (Rb Den Haag SGR 20/1899 en SGR 20/6711): Awb, Wabo. Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, bouwwerken, geen vergunning, categorieën van overtredingen, motivering
* 8 december 2020 (Rb Amsterdam AMS 19/5638): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, extra bouwlaag en trappenhuis, kruimelgevallenregeling, motivering
* 7 december 2020 (Rb Oost-Brabant SHE 20/1003): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, last onder dwangsom, optredens in restaurant, strijd met bpl, motivering, vertrouwensbeginsel, heroverweging, facebook
* 4 december 2020 (Rb Noord-Holland HAA 20/6082): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting tuinhuis, geen spoedeisend belang
* 4 december 2020 (Rb Oost-Brabant SHE 20/1469 en SHE 20/1529): Awb, Wvw; verkeersmaatregelen, wetsgeschiedenis, omvang bestuursrechtelijke rechtsbescherming  verkeersbesluit
* 4 december 2020 (Rb Den Haag SGR 20/1139 en SGR 20/1141): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, appartementen met commerciële ruimte, parkeren, bezonning, privacy, uitzicht, geluid
* 30 november 2020 (Rb Amsterdam AMS 20/5395, AMS 20/5438 en AMS 20/5634): Awb, Wabo; vovo, gewijzigd uitvoeren van omgevingsvergunning, rijksmonument, fundering/renovatie, archeologie, verwevenheid fundering
* 3 september 2020 (Rb Amsterdam AMS 20/3992 en AMS 20/3993): Awb, Wabo; vovo, en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, aanpassen pand en 24-uursopvang voor ongedocumenteerden voor de periode van 10 jaar

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 23 december 2020 (ABRvS 201908473/1/R3): Awb, Wabo, Wm; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl, uitvoeren werk en milieu/maatwerkvoorschrift, windturbines, Chw, belanghebbenden, locatie/MER, geluid, slagschaduw, externe veiligheid/relativiteit, landschapsplan, Natura 2000/diersoorten/relativiteit, BBT, tussenuitspraak
16.3.    Het college heeft desgevraagd op de zitting verklaard dat het handhavend zal optreden als de berekende maximale geluidbelasting van 45 dB Lden en 39 dB Lnight wordt overschreden. Daaruit begrijpt de Afdeling dat het college ervan uitgaat dat deze geluidwaarden de maximale vergunde waarden zijn en dat daarmee niet wordt aangesloten bij de normen van 47 dB Lden en 41 dB Lnight in artikel 3.14a van het Activiteitenbesluit.

16.4.    De Afdeling ziet in wat [appellant] en anderen naar voren hebben gebracht geen aanleiding voor het oordeel dat met een maximale geluidbelasting van 45 dB Lden en 39 dB Lnight zich onaanvaardbare gevolgen voor de gezondheid zullen voordoen. Zoals ter zitting is besproken, wordt hiermee aangesloten bij de aanbevelingen van de WHO, waarin een maximaal geluidniveau van 45 dB Lden is genoemd, en waarmee het college volgens [appellant] en anderen rekening had moeten houden. Voor zover het betoog van [appellant] en anderen er op is gericht dat ook daarvan gevolgen voor de gezondheid zijn te verwachten, overweegt de Afdeling het volgende.

Zoals de Afdeling heeft overwogen in haar uitspraak van 5 februari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:375, onder 20.1, over het windpark Piet de Wit, bestaat er in de wetenschap geen eenduidig standpunt over het antwoord op de vraag of (laagfrequent) geluid van windturbines effect heeft op de gezondheid van mensen en is in de wetenschap geen directe oorzaak-effectrelatie tussen windturbinegeluid en gezondheid gevonden. De door [appellant] en anderen overgelegde publicaties geven geen aanleiding voor een andere conclusie. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak over het windpark De Drentse Monden en Oostermoer, onder 119.3, strekt het voorzorgs- en preventiebeginsel, waar [appellant] en anderen in dit verband op wijzen, niet zo ver dat op basis van publicaties waarin alleen een mogelijk verband wordt gelegd tussen windturbines en gezondheidsklachten, het college van het verlenen van de omgevingsvergunning had behoren af te zien. Het artikel van de huisarts uit ’s-Hertogenbosch geeft, zoals de Afdeling eerder, onder meer in haar uitspraak van 4 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2225, onder 9.1, over het windpark Oostpolder, heeft overwogen geen grond voor de conclusie dat er een direct verband is tussen geluid van windturbines en gezondheidsklachten. Aan de verwijzing naar het bericht “Far Out: German Study Finds Pulsing Wind Farm Infrasound 20 Kilometres From Turbines”, gaat de Afdeling voorbij omdat [appellant] en anderen niet concreet hebben onderbouwd uit welke passages van welke in dat bericht genoemde buitenlandse publicaties of onderzoeken moet worden afgeleid dat niet slechts sprake is van een mogelijk verband tussen windturbinegeluid en gezondheidsklachten. Het bericht “Verzoek tot meer onderzoek naar Nederlandse geluidnorm windturbines” gaat alleen over een aan alle gemeenten kenbaar gemaakte motie van de raad van de gemeente Hoeksche Waard waarin een oproep wordt gedaan om onderzoek te verrichten naar de geluidnormen. De door [appellant] en anderen genoemde artikelen van de Volkskrant en De Telegraaf, het bericht op de website EurekAlert! en de te vinden berichtgeving over gevolgen van windturbines in Canada dateren van na de besluitvorming over het windpark Staphorst. Overigens zijn de artikelen van de Volkskrant en De Telegraaf als zodanig ook geen wetenschappelijke studies naar een verband tussen het geluid van windturbines en de door [appellant] en anderen gevreesde gevolgen voor de gezondheid. Verder gaan deze artikelen over mogelijke gezondheidsrisico’s van klimaatplannen. Uit het bericht op de website van EurekAlert! en de berichtgeving over gevolgen van windturbines in Canada is ook niet af te leiden dat er een direct verband is. Tot slot hebben [appellant] en anderen niet nader geduid welk recent onderzoek van het RIVM ten onrechte niet bij de besluitvorming zou zijn betrokken. Uit het artikel van RTL-nieuws van 5 juni 2020, waar [appellant] en anderen in dit verband op wijzen, kan dit niet worden afgeleid. In dit artikel wordt gesproken over onderzoek van het RIVM dat is opgesteld naar aanleiding van de aanbevelingen van de WHO, waarin, zoals hiervoor is overwogen, een maximaal geluidniveau van 45 dB Lden is genoemd. Voor zover [appellant] en anderen doelen op het rapport “Health effects related to wind turbine sound: an update” van het RIVM uit 2020, overweegt de Afdeling dat dit rapport dateert van na het nemen van het bestreden besluit, zodat het college daar geen rekening mee kon houden. Overigens worden in dit rapport de conclusies uit het rapport  “Health effects related to wind turbine sound” van het RIVM uit 2017 bevestigd. De eindconclusie in het rapport is dat er onvoldoende wetenschappelijk bewijs beschikbaar is voor een directe relatie tussen gezondheidsrisico’s en het geluid van windturbines.

* 23 december 2020 (ABRvS 201905463/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, ‘hand aan de kraan’-principe
5.1.    Zoals de Afdeling heeft overwogen in de uitspraken van 26 augustus 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2048, en 2 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2875, is de vraag of een vergunning krachtens de Wet natuurbescherming is vereist en, zo ja, of die vergunning kan worden verleend, gezien de in artikel 36 van de Mijnbouwwet opgenomen beoordelingsgronden niet van belang bij een besluit over instemming met een winningsplan. De minister is (dus) ook niet verplicht om zijn beoordeling op grond van artikel 36 op dezelfde wijze uit te voeren als de beoordeling bij die vergunning. Meer in het algemeen geldt dat artikel 36 niet een bepaalde wijze van beoordeling voorschrijft aan de minister.

Anders dan de Waddenvereniging betoogt, was de minister niet gehouden om in deze zaak toepassing te geven aan het ‘hand aan de kraan’-principe. Gezien de ligging van de gasvelden waarop het winningsplan ziet, acht de Afdeling aannemelijk dat, zoals de minister heeft opgemerkt, het kombergingsgebied Borndiep bepalend is voor de vraag of bodemdaling vanwege de in het winningsplan voorziene gaswinning gevolgen kan hebben voor het Waddenzeegebied. Het rijksprojectbesluit verplicht er niet toe dat voor het kombergingsgebied Borndiep toepassing wordt gegeven aan het ‘hand aan de kraan’-principe. Dat, zoals de Waddenvereniging ter zitting heeft opgemerkt, in artikel 2.1, eerste lid, van het rijksprojectbesluit staat dat dit besluit van toepassing is op alle activiteiten die plaatsvinden voor de gaswinning in het Waddenzeegebied, doet in dit verband niet ter zake. Het ‘hand aan de kraan’-principe is neergelegd in artikel 2.3 van het rijksprojectbesluit. Uit het eerste en tweede lid daarvan, gelezen in onderlinge samenhang, volgt dat artikel 2.3 van toepassing is als het om de kombergingsgebieden Zoutkamperlaag en Pinkegat gaat. De minister heeft zich verder, gelet op hetgeen onder 5.2 wordt overwogen, op goede gronden op het standpunt gesteld dat toepassing van het ‘hand aan de kraan’-principe in dit geval onnodig en niet proportioneel zou zijn.

* 23 december 2020 (ABRvS 201902290/1/R3): Awb, Wro; niet vaststellen bpl, zandwinning IJsselmeer, beoordeling stikstof/PAS, effecten op Natura 2000-gebied, MER, landschap, SVIR/Barro
11.4.    De Afdeling overweegt dat vermelding van de projectlocatie in het Barro als uitzondering op de regel dat een bestemmingsplan geen nieuwe bebouwing mogelijk mag maken, onverlet laat dat de raad over de vaststelling van het bestemminsplan een belangenafweging moet maken en een toets aan een goede ruimtelijke ordening dient te verrichten. Dit blijkt ook uit de Kamerbrief van 13 februari 2019, kenmerk IENW/BSK-2019/20670, waarin de minister heeft benadrukt dat delfstoffenwinning van nationaal belang is, maar dat een belangrijke afweging wordt gelaten aan de gemeente De Fryske Marren. Ook blijkt uit de Kamerbrief van de minister van Infrastructuur en Waterstaat van 21 december 2018, kenmerk: IENW>BSK-2018/277211, dat de ruimtelijke afweging op gemeentelijk niveau moet plaatsvinden. De stelling dat de effecten van het project op de landschappelijke kwaliteiten geen rol meer kunnen spelen, omdat deze reeds zouden zijn verdisconteerd in de keuze van het Rijk om in het SVIR zandwinning als nationaal belang op te nemen en/of de keuze voor vermelding van de locatie in het IJsselmeer in artikel 2.12.2 Barro is niet juist.

De Afdeling ziet in hetgeen Smals heeft aangevoerd onvoldoende aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van de stelling van de raad over het nationale belang van en de alternatieven voor de zandwinning. De Afdeling volgt Smals dan ook niet in zijn opvatting dat de raad op dit punt van een onjuiste feitenvaststelling is uitgegaan.

* 23 december 2020 (ABRvS 201810138/1/R4): Awb, Mbw; instemming gewijzigd gaswinningsplan, kleine gasvelden, fracken, m.e.r.-plicht, aanvraag/detailniveau, bodemdaling, samenhang met gasopslag, bevingen/trillingen/risico’s, bevolkingsdichtheid, motivering, milieu- en natuurwaarden, schade/afhandeling, hydraulische stimulatie, tussenuitspraak
26.1.    In bijlage 3 bij de Leidraad is het volgende vermeld over de manier waarop de classificatie van de bevolkingsdichtheid moet worden bepaald bij het uitvoeren van een SRA:

“De bevolkingsdichtheid, oftewel het aantal inwoners per km2, kan worden bepaald door het oppervlakte van het veld binnen de verschillende gemeenten waaronder het veld gelegen is in kaart te brengen. Op de bevolkingsdichtheidkaart (CBS Statline)) kan per gemeente de gemiddelde bevolkingsdichtheid worden afgelezen. Op basis van het oppervlakte binnen de verschillende gemeenten kan vervolgens een gewogen gemiddelde voor de bevolkingsdichtheid boven het gasveld worden bepaald, welke geclassificeerd kan worden. Voor hele kleine velden kan eventueel ook de ‘bevolkingsdichtheid per buurt’ worden gebruikt (CBS Statline). Daarnaast wordt in deze categorie ook rekening gehouden met de aanwezige bebouwing. Het type bebouwing speelt een belangrijke rol, maar is moeilijk te specificeren. Het is wel vast te stellen of er wijken met flats/appartementencomplexen aanwezig zijn. Dit is in deze categorie verwerkt.”
26.3.    De Afdeling stelt echter vast dat de minister in het instemmingsbesluit en in de nota van antwoord niet inhoudelijk is ingegaan op het betoog dat de bevolkingsdichtheden in dit geval op een andere manier moeten worden vastgesteld, waarbij niet wordt uitgegaan van de gemiddelde bevolkingsdichtheid in de hele gemeente, maar waarbij rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van dichtbevolkte woonwijken binnen de invloedssfeer van de gasvelden. Dit betoog is uitdrukkelijk naar voren gebracht in een groot aantal zienswijzen en in de adviezen die aan de minister zijn uitgebracht. Op blz. 11 van de nota van antwoord heeft de minister verwezen naar bijlage 3 bij de Leidraad, om aan te geven waarom in dit geval is gerekend met de gemiddelde bevolkingsdichtheid in de hele gemeente. Daarbij heeft hij geen melding gemaakt van de, ook in de Leidraad genoemde, mogelijkheid om voor hele kleine velden de ‘bevolkingsdichtheid per buurt’ te gebruiken. Als gevolg hiervan heeft de minister niet onderbouwd waarom hij zich op het standpunt heeft gesteld dat een methode, waarbij rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van dichtbevolkte woonwijken binnen de invloedssfeer van de gasvelden, in dit geval niet hoefde te worden toegepast.

Het instemmingsbesluit is op dit punt niet deugdelijk gemotiveerd. Daarmee is het besluit in strijd met artikel 3:46 van de Awb.

* 18 december 2020 (Rb Noord-Nederland LEE 19/2821): Awb, Gmw; handhaving, carbidschieten, APV/(geluid)artikelen
De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat artikel 2:38 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Emmen 2017 (de APV) – zoals dat artikel luidde ten tijde hier in geding – een lex specialis is op grond waarvan aan artikel 4:4, tweede lid, van de APV ten aanzien van het carbidschieten geen betekenis toekomt. Tijdens deze beroepsprocedure heeft verweerder diverse stukken ingediend over de totstandkoming van (het artikel dat voorafging aan) artikel 2:38 van de APV. Ook heeft verweerder aangegeven welke gedeelten van die stukken volgens hem relevant zijn ter onderbouwing van zijn standpunt. De rechtbank overweegt dat uit die (gedeelten van die) stukken niet valt af te leiden dat de raad van de gemeente Emmen (de raad) impliciet of expliciet heeft besloten dat artikel 2:38 van de APV ziet op (maximaal toegestane) geluidhinder bij het carbidschieten. Uit de totstandkomingsgeschiedenis blijkt dat artikel 2:38 van de APV is ingegeven door overwegingen van de raad inzake vastlegging van de traditie van carbidschieten, deregulering, handhaving en veiligheid. Geluid(shinder) van carbidschieten komt echter niet terug in die overwegingen. Uit die stukken volgt ook niet dat de raad aandacht heeft gehad voor (de ratio en strekking van) artikel 4:4, tweede lid, van de APV in verhouding tot carbidschieten. Verweerder had dat artikel daarom in dit geval niet buiten beschouwing mogen laten. Nu verweerder het handhavingsverzoek van eisers niet heeft getoetst aan artikel 4:4, tweede lid, van de APV is het bestreden besluit niet voorzien van een voldoende deugdelijke motivering. Het beroep is daarom gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd. De rechtbank ziet aanleiding om het bezwaarschrift van eisers tegen het primaire besluit gegrond te verklaren, het primaire besluit te herroepen, het handhavingsverzoek af te wijzen en te bepalen dat deze uitspraak in de plaats komt van het vernietigde bestreden besluit. Het handhavingsverzoek wordt afgewezen omdat feitelijk handhavend optreden tegen het carbidschieten op 31 december 2018 thans niet meer mogelijk is.

* 18 december 2020 (Rb Overijssel AWB 20/827): Awb, Wnb; handhaving, organisatie evenementen, geen vergunning, belanghebbenden, project, Natura 2000-gebied, stikstofdepositie, AERIUS Calculator, rekenpunten, cumulatie
7. ……………………………………
De rechtbank overweegt dat uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (vergelijk de uitspraken van 18 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2449, en 29 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1604) volgt dat een Wnb-vergunning betrekking moet hebben op alle activiteiten die tezamen één project vormen. Op die wijze is gewaarborgd dat de gevolgen van het hele project voor het Natura 2000-gebied bij de beoordeling van een vergunning worden betrokken. De beoordeling van de gevolgen van het gehele project dient uitgangspunt te zijn van de voortoets en de (eventuele) passende beoordeling. Het opknippen van één project in de zin dat voor een deel daarvan een vergunning is vereist en een deel is uitgezonderd van de vergunningplicht is daarmee niet in overeenstemming. Dit kan ook worden afgeleid uit de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie waarin meermalen is geoordeeld dat een passende beoordeling betrekking heeft op alle aspecten van een project (zie bijvoorbeeld HvJ EU 13 april 2013, Sweetman, ECLI:EU:C:2013:220). Het opknippen van een project is dan ook in strijd met artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn.

De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de exploitatie van het evenemententerrein en de afzonderlijke evenementen die op dit terrein plaatsvinden elk een afzonderlijk project vormen en dat geen sprake is van het opknippen van één project in kleine stukjes. Daartoe is van belang dat tussen de evenementen geen sprake is van onlosmakelijke samenhang. De evenementen die op het terrein plaatsvinden zijn zeer verschillend van aard en worden steeds door andere partijen en in verschillende perioden uitgevoerd. Tussen de diverse partijen en de door hen georganiseerde evenementen bestaat geen enkele relatie. Ook de exploitatie van het terrein vormt geen project samen met een op het terrein te houden (willekeurig) evenement, nu het terrein niet noodzakelijk is om deze evenementen te kunnen laten plaatsvinden. De organisatie van de evenementen kan ook op een ander terrein plaatsvinden. Van onderlinge afhankelijkheid is dan ook geen sprake.

De beroepsgrond faalt.
8.1 ……………………………………………
De rechtbank constateert dat het Adviescollege – dat bestaat uit experts op het gebied van metingen en modellering van stikstofconcentraties en -deposities – weliswaar concludeert dat AERIUS Calculator niet doelgeschikt is, maar de specifieke vraag of er een risico is dat door toepassing van AERIUS Calculator de stikstofdepositie op bepaalde Natura 2000-gebieden toeneemt, waardoor de instandhoudingsdoelen in gevaar komen, ontkennend beantwoordt. Voorts wordt ook geadviseerd om de huidige grens van 0,005 mol/ha/jaar te blijven hanteren en die grens te verhogen afhankelijk van de mate van reductie van de overschrijding van de kritische depositiewaarde als gevolg van (gezekerd) generiek beleid.

Verweerder heeft gesteld, en eiseressen hebben dit niet betwist, dat AERIUS Calculator op dit moment het best beschikbare instrument is voor het doorrekenen van projecten op hun effecten op stikstofdepositie. AERIUS Calculator wordt ook nog regelmatig verbeterd, hetgeen blijkt uit het feit dat na de PAS-uitspraken van de Afdeling AERIUS Calculator 2019 is gelanceerd en daarna op 14 januari 2020 AERIUS Calculator 2019A. Vanaf 15 oktober 2020 is AERIUS Calculator 2020 beschikbaar, waarin de nieuwste wetenschappelijke inzichten en actuele data zijn verwerkt.

Dat bij het verkrijgen van de door artikel 6, lid 3, van de Habitatrichtlijn vereiste zekerheid van het best beschikbare instrument mag worden uitgegaan, blijkt onder meer uit het arrest van het Hof van Justitie van 7 september 2004, C-127/02, Kokkelvisserij, ECLI:EU:C:2004:482. Uit dit arrest volgt dat alle aspecten van een project moeten worden geïnventariseerd op basis van de beste wetenschappelijke kennis ter zake. Er kan slechts toestemming voor een activiteit worden gegeven als de zekerheid is verkregen dat de activiteit geen schadelijke gevolgen heeft voor de natuurlijke kenmerken van het betrokken gebied. Dit is het geval wanneer er wetenschappelijk gezien redelijkerwijs geen twijfel bestaat dat er geen schadelijke gevolgen zijn. De rechtbank kan eiseressen dan ook niet volgen voor zover zij stellen dat artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn vereist dat 100% zekerheid wordt verkregen.

Samenvattend is de rechtbank van oordeel dat verweerder de stikstofdepositie met AERIUS Calculator heeft kunnen berekenen. De beroepsgrond faalt.
8.3 …………………….
Het geraadpleegde adviescollege betreft het hiervoor onder 8.1 reeds aangehaalde Adviescollege Meten en Berekenen Stikstof. Zoals eveneens hiervoor onder 8.1 al aangehaald, heeft dit Adviescollege geadviseerd de grenswaarde van 0,005 mol/ha/per jaar te blijven hanteren tot deze verhoogd kan worden. Volgens het Adviescollege is er bij het hanteren van deze grenswaarde geen risico op toename van de stikstofdepositie.

De rechtbank is gelet op het voorgaande van oordeel dat eiseressen niet aannemelijk hebben gemaakt dat er door de afronding op twee decimalen achter de komma relevante stikstofdepositie buiten beschouwing wordt gelaten. De verwijzing naar de aangehaalde uitspraak van de Afdeling maakt dit niet anders, nu de Afdeling zich in die uitspraak niet expliciet heeft uitgelaten over de onderhavige afrondingsproblematiek. De beroepsgrond faalt.

* 4 december 2020 (Rb Oost-Brabant SHE 20/1469 en SHE 20/1529): Awb, Wvw; verkeersmaatregelen, wetsgeschiedenis, omvang bestuursrechtelijke rechtsbescherming  verkeersbesluit
3.4.  De rechtbank is het niet eens met het in 3.3. genoemde betoog van eisers, dat door het college in het bestreden besluit is gevolgd. De in 3.3.2. genoemde onderdelen van de wetsgeschiedenis bieden voor een dergelijke redenering geen aanknopingspunt. Integendeel, de wetgever heeft een weloverwogen expliciete keuze gemaakt om bestuursrechtelijke rechtsbescherming te bieden tegen een beperkt aantal en met zoveel woorden in de wet genoemde verkeersmaatregelen. Tegen die achtergrond bestaat er geen ruimte om de bestaande beroepsmogelijkheden op de door eisers voorgestelde wijze uit te breiden. Op zich kan men zich afvragen of alle argumenten die de wetgever destijds ten grondslag heeft gelegd aan de keuze voor de inrichting van het huidige wettelijke systeem nog even actueel zijn. Met name kan worden gedacht aan de bestuurslasten die gepaard zouden gaan met de publicatie van verkeerbesluiten, iets wat vandaag de dag via elektronische weg gebeurt. Een antwoord op die vraag kan echter niet tot een andere uitkomst leiden, omdat dit neerkomt op een beoordeling van de vraag of de wet op dit punt billijk is. Het is op grond van artikel 11 van de Wet algemene bepalingen niet aan de rechter om de innerlijke waarde of de billijkheid van de wet te beoordelen.

4. Uit wat hiervoor is overwogen volgt dat het college bij de heroverweging in bezwaar ten onrechte een oordeel heeft gegeven over de bezwaren van eisers tegen het plaatsen van de middengeleiders en, in het geval van [eiser] , ook tegen het feitelijke plaatsen van de verkeersborden. Deze feitelijke handelingen maakten namelijk geen onderdeel uit van het primaire besluit en hoefden daar ook geen onderdeel van uit te maken. Door dat oordeel wel te geven is het college buiten de door het primaire besluit gegeven buitengrenzen van het geding getreden. Dit betekent dat het bestreden besluit genomen is in strijd met artikel 7:11, eerste lid, van de Awb.