Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 9 juni 2021 (ABRvS 202100029/1/R4, 202100164/1/R4, 202100181/1/R4, 202100677/1/R4, 202101095/1/R4 en 202101176/1/R4): Awb, Wm, Gmw; handhaving, spoedeisende bestuursdwang, aanbieden huishoudelijke afvalstoffen, verordening, overtreder
* 9 juni 2021 (ABRvS 202006668/1/R3): Awb, Wro; bpl, woningen, verkeer, parkeren
* 9 juni 2021 (ABRvS 202004462/1/R1): Awb, Waterwet; handhaving, dwangsom, invordering, baggerwerkzaamheden, gedogen, bevoegdheid, vertrouwensbeginsel (Rb Den Haag 19/1807)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202004331/1/R4): Awb, Wro; bpl
* 9 juni 2021 (ABRvS 202004018/1/R1): Awb, Wro; bpl, vertrouwensbeginsel
* 9 juni 2021 (ABRvS 202003668/1/R1): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, lozen verontreinigd water, Activiteitenbesluit, herstelmaatregelen (Rb Limburg 20/483)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202003011/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor aanleggen pad en uitrit (Rb Gelderland 19/1347)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202003010/1/R4): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, verwijderen zaken, fruitbomen, spuitzone (Rb Gelderland 19/558)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202002666/1/A3): Awb, Hvw; boete, woningonttrekking, huisvesting toeristen (Rb Amsterdam 19/2341)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202002552/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, aanpassen appartementencomplex, Bor, voorschriften beleidsregels, welstand (Rb Zeeland-West-Brabant 19/1979)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202002447/1/R3): Awb, Wabo; buiten behandeling stellen omgevingsvergunning, onvoldoende gegevens (Rb Overijssel AWB 19/1358)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202001922/1/A2): Awb, Wro; planschade, compensatie in natura (Rb Amsterdam 19/1092)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202001343/1/R3): Awb, Wabo; handhaving, strijd met bpl, bedrijfsmatige activiteiten (Rb Overijssel 19/1261)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202000761/1/R3): Awb, Wro; bpl, centrum, woningbouw, parkeren
* 9 juni 2021 (ABRvS 202000529/1/A2): Awb, Wro; planschade (Rb Overijssel 19/1098)
* 9 juni 2021 (ABRvS 202000465/1/R3): Awb, Wro; bpl, belanghebbenden, woning
* 9 juni 2021 (ABRvS 202000262/1/R1): Awb, Wgh; aanbrengen van geluidwerende maatregelen, Bgh, motivering
* 9 juni 2021 (ABRvS 202000030/2/A2): Awb, Wro; planschade, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 9 juni 2021 (ABRvS 201909415/1/A2): Awb, Waterwet; nadeelcompensatie, vernattingsschade, geen gevolg van rechtmatige uitoefening van beheerstaken (Rb Oost-Brabant 18/2509)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201909107/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, recreatiewoning, strijd met bpl, geen vvgb (Rb Overijssel 19/939)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201907430/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl, milieu en natuur, veehouderij, aanvraag/wijzigingen, geur, luchtwassers, geluid (Rb Oost-Brabant 18/2835)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201907043/1/R3): Awb, Wro; bpl, belanghebbende, participatie, stikstof, Akte van Redemptie, soortenbescherming, cultuurhistorische waarden, wijzigingsgebieden
* 9 juni 2021 (ABRvS 201906430/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, kamerverhuur aan arbeidsmigranten, vertrouwensbeginsel (Rb Amsterdam 18/2736)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201905530/1/A2): Awb, Wvw; verkeersbesluit, relatie met omgevingsvergunning, belangenafweging (Rb Limburg 18/1522)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201905233/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl, aanleggen uitrit en handlesreclame, supermarkt, parkeren, CROW,ASVV, APV, relatie met verkeersbesluit (Rb Limburg 18/1853)
* 9 juni 2021 (ABRvS 201904532/1/R2): Awb, Wro; bpl, woningbouw, Ladder/Bro, behoefte, provinciale verordening, ecologische verbindingszone, Natura 2000/relativiteit, verkeer
* 9 juni 2021 (ABRvS 201903082/1/R2): Awb, Wro; bpl, bedrijventerrein, bedrijfsvloeroppervlak, agrarische bestemmingen
# 9 juni 2021 (ABRvS 201901769/1/A2): Awb, Wlv; schadevergoeding, vaststelling luchtvaartindelingsbesluit, voorzienbaarheid, verwachtingswaarde, passieve-risicoaanvaarding, compensatie in natura
* 9 juni 2021 (ABRvS 201607306/3/A2): Awb, Wro; planschade, taxaties, risicoaanvaarding, normaal maatschappelijk risico, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak (Rb Noord-Holland 15/5877)
* 8 juni 2021 (CBb 19/78, 18/714, 19/75, 20/30, 19/1850, 19/66 en20/605): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrecht, EP/geen sprake van individuele en buitensporige last, knelgevallenregeling, startersregeling, jongvee, voorzienbaarheid, bevoegdheid, EVRM, peildatum, gelijkheidsbeginsel, onderbouwing noodzaak uitbreiding, ontvankelijkheid, compensatie
* 7 juni 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/4813 en HAA 19/4816 en HAA 19/4925): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, uitbereiding van inrichting met gascentrales en hulwarmtecentrale met biomassacentrale, Chw, belanghebbenden, m.e.r.-plicht, afvalstof, vvgb, dioxinen/furanen en kwik, BBT, CO2, gezondheid
* 7 juni 2021 (Rb Noord-Holland HAA 20/3165 en HAA 20/3175 en HAA 20/3159): Awb, Wnb; vergunning biomassacentrale, Chw, vvgb, passende beoordeling, referentiesituatie, aantal draaiuren
* 4 juni 2021 (Rb Limburg ROE 21/1169 en ROE 21/1168): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, plateau boven snackbar, overlast hangjongeren, visuele beoordeling
* 4 juni 2021 (Rb SHE 21/1036 en SHE 21/1031): Awb; vovo en kortsluiten, invordering dwangsommen, verwijderen intern gebouw en gebruik en perceel in strijd met bestemmingsplan, bewijslast, evenredigheid
* 3 juni 2021 (Conclusie AG EH C‑126/20): Prejudiciële verwijzing, handel in broeikasgasemissierechten, overgangsregeling, zwavelterugwinning ‚Clausproces, emissie van CO2 in aardgas‚, hiërarchie subinstallaties/procesemissies
* 3 juni 2021 (EH C-635/18): Niet-nakoming, luchtkwaliteit, systematische en aanhoudende overschrijding van grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) in bepaalde zones en agglomeraties van Duitsland, passende maatregelen
* 3 juni 2021 (Rb Overijssel 08-994536-19 + 08-994570-19 en 08-994533-19): WSr, WED, Wm, Wabo; overtredingen, verkeerde opslag accu’s en asbest, EVOA, overbrenging zonder juiste papieren
* 3 juni 2021 (Conclusie AG EH C-938/19): Prejudiciële verwijzing, handel in broeikasgasemissierechten, gecorrigeerd aandeel hulpinstallatie, berekeningsmethode, bedrijfstak die aan een significant CO2-weglekrisico is blootgesteld
* 2 juni 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 20/2412): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, bewijsvermoeden
* 2 juni 2021 (ABRvS 202101878/2/R4): Awb, Wm; vovo, maatwerkvoorschriften, mestverwerking, Activiteitenbesluit, geur, aanvaardbaar geurhinderniveau (Rb Oost-Brabant 20/1948, 20/2114, 20/2117, 21/191 en 21/193)
* 1 juni 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/6093 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen
* 1 juni 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/3446, 19/3522, 19/3523, 19/3593, 19/3594, 19/3595, 19/3596, 19/3688, 19/3712, 19/3851, 19/3895 en 19/3896): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor vellen, bouwen en afwijken bpl, uitbreiding speeltuin, vvgb, goede ruimtelijk ordening, overlast/geluid, verkeer, parkeren, CROW, motivering
# 1 juni 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 19/3753): Awb, Wabo; Gmw; handhaving, dwangsommen, afvalverwerker, sorteren/mengen van grond/puin, definitie, LAP, Bbk, protocol monsterneming, afvalstof, geen zicht op legalisatie, visuele keuring
* 1 juni 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1454): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 1 juni 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 19/5630 WABOA, BRE 19/5513 WABOA en BRE 19/5630 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, kinderdagverblijf, verkeer
* 31 mei 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/2874): Awb, Wabo; handhaving, gebruik van specifiek spoor, geen vergunning, proefdraaien/remproeven , geen spoorwegemplacement, Bor, geen inrichting
* 31 mei 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/1034): Awb, Wm, Gmw; vovo, handhaving, dwangsommen, veehouderij, luchtwasser, Activiteitenbesluit/-regeling, Wgv/geurverordening
* 31 mei 2021 (Rb Rotterdam ROT 19/4231): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid, motivering
* 28 mei 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/4167 en HAA 19/5664): Awb, Wro; planschade, normaal maatschappelijk risico, drempel
* 27 mei 2021 (Rb Den Haag SGR 19/5394, SGR 19/4768 en SGR 19/4770): Awb, Wabo; handhaving, geen afwijking bouwvergunning voor dakterras, andere zaken wel illegaal, geen strijd met bpl
* 26 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1964 WABOA VV): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, schuur, Bor, bezonning
* 26 mei 2021 (Rb Limburg ROE 21/1080 en ROE 21/1081): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, tijdelijke huisvesting arbeidsmigranten, strijd met bpl, motivering
* 25 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1837 OPIUMW VV): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 25 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1727 VV en 21/1728 WABO): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, uitbreiden zorggebouw, Bor, peil
* 20 mei 2021 (Rb Limburg AWB/ROE 19/2260): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, Natura 2000-gebied, externe saldering, passende beoordeling, mitigerende maatregel, Habitatrichtlijn, motivering
* 20 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1295 VV en 21/1296 VV): Awb, Wabo; vovo, intrekking omgevingsvergunning, veestal, bevoegdheid
* 19 mei 2021 (Rb Limburg AWB/ROE 18/2813): Awb, Nbw; vergunning, veehouderij, externe saldering, Natura 2000, mitigerende maatregel, Habitatrichtlijn, Aerius
* 19 mei 2021 (Rb Overijssel Awb 20/1463 en Awb 20/1464): Awb, AWR; zuiveringsheffing, -NEN- normen, niet aan het kenbaarheidsvereiste voldaan, onverbindendheid verordeningen
* 19 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1779 WABO VV): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor wijzigen mountainbikeroute, geen spoedeisend belang
* 17 mei 2021 (Hof Arnhem-Leeuwarden  200.269.364/01): Wahv; milieuzone, ontbreken van een vooraankondigingsbord, geen mogelijkheid om alternatieve route te kiezen
* 14 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1423 GEMWT VV): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, B&B strijdig met het bestemmingsplan
* 12 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 19/5321, 19/5322, 19/5323, 19/5324, 19/5325, 19/5326, 19/5327, 19/5329, 19/5330 en 19/5331): Awb, Ww, Wm, Gmw; handhaving, lasten onder bestuursdwang, dwangsommen, camping, milieuregels, brandveiligheid, ontvankelijkheid
* 11 mei 2021 (Rb Limburg ROE 20/1318): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijken bpl en milieu, uitbreiding mestbe- en verwerkingsinstallatie bij veehouderij, belanghebbende, Chw, geur, hygiëniseren/drogen, aanvaardbaar geurhinderniveau
* 7 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant  BRE 20/9853 VV, 20/9884 VV, 20/9841 VV en 20/9890 VV): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor vellen bomen,
* 4 mei 2021 (Hof Den Bosch 20-002023-19): WSr, WED, Wm, Wabo; lekkage afvalwatertank, rioolwaterzuivering buiten bedrijf, overtreding vergunningvoorschrift, melding, geen goede werking en controle
* 3 mei 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/6843 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning, ontvankelijkheid
* 30 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1450 WABOA VV): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, herbouw afgebrand pand, aanmaakblokjes, brandgevaar, milieucategorie
* 29 april 2021 (Rb Den Haag SGR 20/2336): Awb, Ww, Gmw; handhaving, dwangsom, staken bewoning pand, brandveiligheid, zorgplicht, invordering
* 29 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1537 OPIUMW VV): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting pand, drugs, bevoegdheid
* 16 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1137 OPIUMW VV): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 15 april 2021 (Rb Amsterdam AMS 20/3219): Awb; invordering dwangsom, Wnb, onvoldoende toepassen zorgvuldigheidsvereisten volgens Houtverordening
* 14 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1564 WABO): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen, appartementen, gierzwaluwen/Wnb/bevoegdheid
* 13 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/766 GEMWT VV en 21/767 GEMWT): Awb, Wabo, Gmw; vovo en kortsluiten, dwangsom, pand terugbrengen naar oorspronkelijk staat, geen vergunning, strijd met bpl, zicht op legalisering, geen bijzondere omstandigheden
* 7 april 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/525): Awb, AWR; leges, omgevingsvergunning, vertrouwensbeginsel
* 29 maart 2021 (Rb Den Haag SGR 20/843): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor kappen, bouwen, afwijken bpl, wijzigen beschermd monument en maken uitrit, appartementen met parkeerkelder, welstand, motivering
* 12 maart 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/551): Awb; vovo, handhaving, gedogen kabelbaan Floriade, vergunningprocedure loopt, belangafweging
* 8 januari 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 19/2631 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, gebruik bijgebouw als recreatief nachtverblijf, strijd met bpl, motivering
* 8 januari 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/5996 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, bijgebouw/recreatief nachtverblijf
* 29 september 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/5942 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor aanleggen, erfverharding voor opslag bieten
* 2 april 2020 (Rb Limburg AWB/ROE 19/323): Awb, Wabo; handhaving, dwangsom, gebruik van percelen grond voor de teelt van maïs, bonen, groenbemester en gecultiveerd gras, strijd met bpl, natuur, bevoegdheid

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 9 juni 2021 (ABRvS 201907043/1/R3): Awb, Wro; bpl, belanghebbende, participatie, stikstof, Akte van Redemptie, soortenbescherming, cultuurhistorische waarden, wijzigingsgebieden
12.3.  Niet betwist is dat de Akte van Redemptie in 1576 openbaar is gemaakt bij ordonnantie. Zoals Koops ter zitting heeft toegelicht, is deze wijze van openbaarmaking niet bepalend voor het karakter daarvan als publiekrechtelijke of privaatrechtelijke regeling, omdat hierin in 1576 geen onderscheid werd gemaakt. Bij de Akte van Redemptie gaat het om een document waarin wederzijdse verplichtingen tussen betrokken partijen zijn neergelegd. De Afdeling ziet geen aanknopingspunt om aan te nemen dat hierin tevens een algemeen verbindende regeling besloten ligt, waaraan de raad bij het vaststellen van een bestemmingsplan is gebonden. De enkele omstandigheid dat aan de Stadhouder en de Staten van Holland destijds de bevoegdheid toekwam om dergelijke algemeen verbindende regelingen vast te stellen, is daarvoor onvoldoende. Voor zover verder zou moeten worden aangenomen dat niet het Hof van Holland zelf, maar de suppoosten van het Hof van Holland partij waren, volgt daaruit evenmin dat moet worden uitgegaan van een regeling die onderdanen in het algemeen betrof.

12.4.  Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen, bestaat voor het oordeel van de bestuursrechter dat een privaatrechtelijke belemmering aan de vaststelling van een bestemmingsplan in de weg staat, alleen aanleiding wanneer deze een evident karakter heeft. De burgerlijke rechter is namelijk de eerst aangewezene om de vraag te beantwoorden of een privaatrechtelijke belemmering in de weg staat aan de uitvoering van een activiteit, waarbij de bewijslast wordt beheerst door de in die procedure geldende regels. De Afdeling verwijst naar haar uitspraak van 30 januari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BY9957. Om deze reden ziet de Afdeling geen aanleiding om het verzoek van de stichtingen om in verband met de interpretatie van de inhoud van de Akte van Redemptie een deskundige te benoemen, toe te wijzen.

De planregeling voorziet in de kap van enkele bomen met het oog op een herinrichting van het groene gebied. Hetgeen de stichtingen hebben aangevoerd tegen de uitleg die de raad aan het kapverbod in de Akte van Redemptie heeft gegeven, is onvoldoende voor het oordeel dat die uitleg evident onjuist is en dat uit de Akte van Redemptie evident volgt dat de kap van bomen ter uitvoering van de planregeling niet is toegestaan. De Afdeling is dan ook van oordeel dat de raad zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat er geen zo duidelijke privaatrechtelijke belemmering is dat verwezenlijking van het plan niet mogelijk is.

Het betoog slaagt niet.

* 9 juni 2021 (ABRvS 201905530/1/A2): Awb, Wvw; verkeersbesluit, relatie met omgevingsvergunning, belangenafweging (Rb Limburg 18/1522)
* 9 juni 2021 (
ABRvS 201905233/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl, aanleggen uitrit en handlesreclame, supermarkt, parkeren, CROW,ASVV, APV, relatie met verkeersbesluit (Rb Limburg 18/1853)
6.2.    Naar het oordeel van de Afdeling heeft het college terecht gesteld dat er geen sprake is van een formeel-juridische koppeling tussen het verkeersbesluit en het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning. Bij het verkeersbesluit dient het college de gevolgen van dat besluit bij de beoordeling te betrekken, wat het college ook heeft gedaan. Het college heeft ook terecht de gevolgen van het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning bij dit besluit betrokken. De Afdeling verwijst in dit verband en voor het betoog dat het verkeersbesluit noodzakelijk is om gebruik te kunnen maken van de omgevingsvergunning, naar de uitspraak van vandaag in zaak nr. 201905233/1/R2, onder 10.2. Dat het verkeersbesluit niet nodig zou zijn indien het bouwplan niet gerealiseerd kan worden, betekent niet dat het college om die reden had moeten wachten met het nemen van het verkeersbesluit totdat het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning in rechte vast zou komen te staan. Overigens heeft het college zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de verkeerssituatie in de Prinses Beatrixstraat door de invoering van het tweerichtingsverkeer ook zonder de te realiseren supermarkt veiliger is, omdat het verkeer niet door de Koningin Julianastraat hoeft te rijden maar meteen vanaf de Rijksweg naar de PLUS-supermarkt kan rijden.

Het betoog over de samenhang tussen het verkeersbesluit en de omgevingsvergunning faalt.

* 7 juni 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/4813 en HAA 19/4816 en HAA 19/4925): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, uitbereiding van inrichting met gascentrales en hulwarmtecentrale met biomassacentrale, Chw, belanghebbenden, m.e.r.-plicht, afvalstof, vvgb, dioxinen/furanen en kwik, BBT, CO2, gezondheid
* 7 juni 2021 (
Rb Noord-Holland HAA 20/3165 en HAA 20/3175 en HAA 20/3159): Awb, Wnb; vergunning biomassacentrale, Chw, vvgb, passende beoordeling, referentiesituatie, aantal draaiuren
Vattenfall wil binnen de bestaande inrichting op de Overdiemerweg in Diemen een BMC bouwen en in gebruik nemen. Op het perceel staan nu twee gascentrales en een hulpwarmtecentrale. Om de BMC te kunnen bouwen en in gebruik te kunnen nemen heeft Vattenfall een omgevings- en een natuurvergunning aangevraagd. Deze vergunningen zijn op 9 september 2019 en 10 april 2020 door GS verleend.

Verschillende partijen, waaronder de Coöperatie Mobilisation for the Environment en Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten Nederland (eisers) hebben bezwaar tegen de verleende vergunningen en stellen dat GS de vergunningen dit ten onrechte heeft gedaan. Eisers maken zich zorgen om het effect van de BMC op het milieu en de leefomgeving. Zij vrezen onder andere voor een hogere uitstoot van schadelijke stoffen, waaronder stikstof.

Volgens de rechtbank voldoet de BMC aan de daarvoor gestelde eisen en kon GS daarom de vergunningen verlenen. Anders dan de eisers stellen, oordeelt de rechtbank dat de BMC niet kan worden beschouwd als afvalverbrandingsinstallatie. De houtpallets die door de BMC als brandstof worden gebruikt worden niet aangemerkt als afvalstof, omdat het schoon hout betreft dat niet chemisch is behandeld. Een milieueffectenrapportage was daarom niet nodig.

Ook oordeelt de rechtbank dat er zal met de komst van de BMC geen sprake zal zijn van een hogere uitstoot van schadelijke stoffen dan wettelijk is toegestaan. Of de BMC in de praktijk zal leiden tot een hogere uitstoot van stikstof dan de huidige centrale, is volgens de rechtbank niet relevant bij de beoordeling. Wel relevant is de vraag of de uitstoot van stikstof door de BMC zal toenemen ten opzichte van de verleende vergunning voor de huidige centrale. Maar dat is volgens de rechtbank niet het geval. Omdat geen sprake is van hogere uitstoot van schadelijke stoffen zoals stikstof en fijnstof, volgt de rechtbank eisers niet in hun stelling dat de komst van de BMC zulke risico’s voor de volksgezondheid met zich meebrengt dat het woon- en leefklimaat onaanvaardbaar verslechterd.

De eisers stelden dat de CO2-uitstoot door het stoken van hout gevolgen heeft voor onder meer het opwarmen van de aarde. Maar volgens de rechtbank is dit niet relevant voor de vraag of de vergunningen mochten worden verleend, omdat dit niet gaat over specifieke gevolgen op de (directe) omgeving van de BMC. Ook oordeelt de rechtbank dat de politiek-bestuurlijke keuze voor biomassa, de vraag of biomassa een geschikte transitiebrandstof is en de vraag of met de inzet van biomassa de klimaatdoelstellingen gehaald kunnen worden, geen aspecten zijn die door GS bij het verlenen van de vergunning kunnen worden betrokken. De rechtbank kan deze aspecten daarom ook niet meenemen in de beoordeling.

# 1 juni 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 19/3753): Awb, Wabo; Gmw; handhaving, dwangsommen, afvalverwerker, sorteren/mengen van grond/puin, definitie, LAP, Bbk, protocol monsterneming, afvalstof, geen zicht op legalisatie, visuele keuring
3.3.2   Eiseres is een inrichting voor het verwerken van afvalstoffen en heeft een omgevingsvergunning op grond van de Wm. Nu in de omgevingsvergunning geen definitie van het begrip grond is opgenomen, dient naar het oordeel van de rechtbank, gelet op de hierboven genoemde wettelijke bepalingen, bij de interpretatie van de vergunning voor de definitie van grond aansluiting te worden gezocht bij de Wm, meer concreet bij het afvalbeheerplan. In het onderhavige geval betreft dat het LAP met sectorplan 39. Daarin wordt voor wat betreft het begrip grond qua aard en structuur overigens ook aangesloten bij de definitie van het Bbk. Voor een afvalstoffeninrichting geldt blijkens de definitie uit sectorplan 39, anders dan voor de definitie van grond uit het Bbk, echter een percentage van 50% bodemvreemd materiaal. Anders dan eiseres meent is verweerder daarom naar het oordeel van de rechtbank bij het opleggen van de last van de juiste definitie uitgegaan.

3.3.3   Vervolgens is aan de orde de vraag of de door verweerder geconstateerde feitelijke situatie een overtreding van de norm oplevert.

…………………………………………………………..

Uit het controlerapport blijkt dat op 13 november 2018 op basis van een meting is vastgesteld dat er geen nieuwe hoeveelheden puin of grond zijn toegevoegd aan de partij. Er opnieuw een zeefproef uitgevoerd waarbij door weging het gewicht van de fracties is vastgesteld, is berekend dat sprake is van 38% puin en 65% grond. Het uitzeven van een zekere hoeveelheid gevolgd door weging van de verschillende fracties is in het protocol als gangbare praktijk beschreven. De StAB komt op grond van een herberekening uit op 35% puin en 65% grond. De samenstelling wijkt sterk af van de eerder berekende samenstelling, terwijl geconstateerd is dat de partij ongewijzigd is gebleven. Daarvoor wordt in het controlerapport geen verklaring gegeven.

Volgens een rapport van Bodemvisie zou slechts sprake zijn van minder dan 5% puin.

Partijen zijn het er over eens dat de proefzeving van 13 november 2018 als maatgevend moet worden aangemerkt, zodat naar het oordeel van de rechtbank van de tijdens die controle vastgestelde percentages moet worden uitgegaan.

Gelet op de genoemde bevindingen is de rechtbank van oordeel dat, van welke berekening ook wordt uitgegaan, de onderzochte partij voldoet aan de definitie van grond uit het LAP en daarom moet worden aangemerkt als een afvalstof. Anders dan eiseres meent is verweerder daarom bij het opleggen van de last terecht tot de conclusie gekomen dat er sprake is van een afvalstof. Verweerder was daarom bevoegd om eiseres op te dragen het zeven van de grond met stenen/puin te staken en gestaakt te houden en bevoegd om eiseres te gelasten om deze ingenomen en samengevoegde grond af te voeren naar een erkende verwerker.

* 31 mei 2021 (Rb Noord-Holland HAA 19/2874): Awb, Wabo; handhaving, gebruik van specifiek spoor, geen vergunning, proefdraaien/remproeven , geen spoorwegemplacement, Bor, geen inrichting
5.3   De rechtbank stelt vast dat in het Bor geen definitie is opgenomen van het begrip “proefdraaien”. Derde-partij sub 2 heeft uiteengezet dat een remproef noodzakelijk is indien een trein van rijrichting verandert en dat hiervan sprake is op spoor HNK103. Volgens derde-partij sub 2 is het uitvoeren van een remproef niet te beschouwen als proefdraaien. De remproef is een controle van het remsysteem. Remmen van treinen werken op luchtdruk, als deze wegvalt wordt een trein geremd. Door druk weg te laten vallen wordt gecontroleerd of de remmen van treinen functioneren. Proefdraaien suggereert volgens derde-partij sub 2 dat een draaiend systeem (langdurig) wordt aangezet om te bezien of dit systeem gedurende het draaien blijft lopen. Dat is bij een remproef niet het geval. De remproef is een onderdeel van de uitvoering van de dienstregeling, aldus derde-partij sub 2.

De rechtbank volgt derde-partij sub 2 en daarmee (ook) verweerder. Naar het oordeel van de rechtbank wordt met het begrip “proefdraaien” als bedoeld in categorie 14.3, onderdeel a, van het Bor gedoeld op een activiteit van langdurige aard waarbij wordt bezien en uitgetest of een machine of systeem behoorlijk functioneert en niet op een meer kortstondiger activiteit als hier aan de orde waarbij wordt gecontroleerd of de remmen van een trein behoorlijk functioneren alvorens deze weer kan vertrekken.

Het voorgaande betekent dat spoor HNK103 niet is aan te merken als een inrichting als bedoeld in categorie 14.3, onderdeel a, van bijlage I van het Bor.
……………………………………………………

6.5   Ter zitting hebben verweerder en derde-partijen desgevraagd nader toegelicht dat het spoor HNK103 een tweetal functies heeft. Enerzijds fungeert het als keerspoor om de trein die is opgesteld geweest weer terug te laten rijden in de richting waar deze vandaan kwam. Anderzijds fungeert het als wachtspoor. Het spoor geeft als opstelplaats treinen de gelegenheid elkaar te passeren.

6.6   De rechtbank is van oordeel dat het spoor HNK103 niet onder het begrip “spoorwegemplacement” als gedefinieerd in de toelichting bij het Ivb valt. In de eerste plaats is geen sprake van een verzameling van in elkaars onmiddellijke nabijheid gelegen sporen die niet zijn bestemd voor doorgaand spoorverkeer. Zo ligt naast het spoor HNK103 de doorgaande enkele spoorweg richting Enkhuizen en bevinden zich bij station Hoorn Kersenboogerd twee doorgaande spoorwegen. In de tweede plaats valt een wachtspoor dat deel uitmaakt van de doorgaande spoorweg, zoals in dit geval, niet onder het begrip.

Verweerder heeft dan ook terecht geconcludeerd dat het spoor HNK103 geen inrichting is als bedoeld in categorie 14.3, onderdeel b, van bijlage I van het Bor.

* 20 mei 2021 (Rb Limburg AWB/ROE 19/2260): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, Natura 2000-gebied, externe saldering, passende beoordeling, mitigerende maatregel, Habitatrichtlijn, motivering
* 19 mei 2021 (
Rb Limburg AWB/ROE 18/2813): Awb, Nbw; vergunning, veehouderij, externe saldering, Natura 2000, mitigerende maatregel, Habitatrichtlijn, Aerius
20. Het ligt in de lijn van de voormelde Conclusie van de Advocaat-Generaal en jurisprudentie van het Hof dat de vermindering van stikstofdepositie op een overbelast Natura 2000-gebied door intrekking van een verleende vergunning, waardoor een project moet worden beëindigd, naar zijn aard kwalificeert als mogelijke instandhoudingsmaatregel die nodig is op grond van artikel 6, eerste lid, van de Hrl of passende maatregel in het kader van artikel 6, tweede lid, van de Hrl. Zodanige maatregel kan dus in het kader van het derde lid niet zonder meer als een mitigerende maatregel worden beschouwd in het kader van de passende beoordeling voor een ander project. Zoals ook de Afdeling in de eerdergenoemde uitspraken van 29 mei 2019 en 30 september 2020 heeft overwogen kunnen de positieve gevolgen van een maatregel die nodig zijn voor het behoud van de staat van instandhouding of het voorkomen van verslechteringen en verstoringen die significante effecten kunnen hebben, niet worden betrokken bij de beoordeling van de vraag of negatieve gevolgen van een plan of project kunnen worden voorkomen of verminderd. De Afdeling heeft echter ook uit het arrest van het Hof afgeleid dat er ruimte bestaat om een maatregel die ook ter uitvoering van een herstel- of verbeterdoelstelling zou kunnen worden getroffen, te beschouwen als beschermingsmaatregel in het kader van artikel 6, derde lid, van de Hrl. Daarvoor geldt dan wel de eis dat de maatregel specifiek in het kader van dat plan of project wordt getroffen en dat verzekerd is dat, gelet op de staat van instandhouding en de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied, de natuurwaarden worden behouden en, indien een herstel- en verbeterdoelststelling geldt, realisering daarvan op andere wijze mogelijk blijft. Het moet dan aannemelijk zijn dat dergelijke maatregelen daadwerkelijk worden ingezet en binnen afzienbare termijn tot het beoogde resultaat zullen leiden.

  1. Het voorgaande brengt de rechtbank tot de conclusie dat artikel 6, derde lid, van de Hrl, bezien in onderlinge samenhang met de andere onderdelen van die bepaling, er niet aan in de weg staat dat een maatregel die specifiek voor een project wordt getroffen en daarmee onlosmakelijk functioneel is verbonden, en die derhalve achterwege zou blijven als het aangevraagde project niet tot stand komt, is aan te merken als een mogelijke beschermingsmaatregel in het kader van de passende beoordeling mits zodanige maatregel overigens in alle opzichten voldoet aan de strikte voorwaarden die volgens de eerder beschreven jurisprudentie van het Hof uit die bepaling voortvloeien.
  2. Uit het voorgaande vloeit voort dat verweerder niet kan volstaan met de enkele vergelijking van de toename en de afname van de stikstofdepositie in het kader van artikel 6, derde lid, van de Hrl, maar zich eveneens moet vergewissen van de staat van instandhouding en instandhoudingsdoelstellingen van de betrokken Natura 2000-gebieden, in hoeverre daarvoor herstel- en verbetervoorstellen gelden, in verband daarmee andere maatregelen (moeten) worden getroffen en wat het daarvan het te verwachten resultaat is.

De rechtbank acht dit niet strijdig met de uitspraak van de Afdeling van 30 september 2020 waaruit volgt dat reductie van de depositie na toepassing van extern salderen geen voorwaarde is om extern salderen als mitigerende maatregel in een passende beoordeling te betrekken. Ook al is reductie geen voorwaarde, het eindresultaat van de passende beoordeling dient mede in het licht van artikel 6, eerste en tweede lid, van de Hrl te worden bezien en gemotiveerd. Onderhavige geval vergt dan ook een motivering omtrent het tijdsverloop tussen het intrekkingsbesluit van 27 juli 2015 en de verlening van de Wnb-vergunning in het licht van eventuele noodzakelijke herstel- en verbetervoorstellen, in verband daarmee andere getroffen maatregelen en het resultaat daarvan. In zoverre is het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd en slagen de beroepsgronden van eiseres.

STAB verzorgt de jurisprudentie voor STAB OGR updates

Ruud Veenhof heeft een annotatie geschreven bij de uitspraak van 21 april 2021 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ( ECLI:NL:RVS:2021:851). De uitspraak betreft een bestemmingsplan waarin een regeling is genomen voor spuitzones. In zijn noot gaat hij in op de overwegingen van de Afdeling over de locatiespecifieke onderzoeken die zijn verricht naar onder andere de cumulatie van gewasbestrijdingsmiddelen en de mogelijkheden voor driftreductie (zie OGR 2021-0127).

Martin van Harten, advocaat bij DVLP, schreef een noot bij het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 20 mei 2021 naar aanleiding van prejudiciële vragen van de ABRvS in een zaak over de handhaafbaarheid van voorschriften verbonden aan een vergunning voor een LPG-tankstation. Hij gaat in zijn noot in op het relativiteitsvereiste en op de rechtmatigheid van vergunningvoorschriften die onaantastbaar zijn geworden, maar in strijd zijn met het Europese recht. Zie STAB OGR Updates.

Samenvattingen van jurisprudentie op STAB-site
Op de website van STAB wordt recente jurisprudentie ook samengevat.
De volgende uitspraken zijn deze week nieuw geplaatst:
Rb Den Haag 18 mei 2021 Toepassing spoedeisende bestuursdwang door middel van sloop kerk.
ABRvS 19 mei 2021 Omgevingsvergunning voor tijdelijke bewoning van bedrijfspanden op een bedrijventerrein, geluid.
ABRvS 12 mei 2021 Weigering omgevingsvergunning wegens gebruik balustrade onvoldoende gemotiveerd.