Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 28 juli 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2050): Awb, Wabo; opheffing vovo, omgevingsvergunning voor bouwen woningen, parkeerplaatsen, oplossing
* 28 juli 2021 (ABRvS 202100601/1/R4): Awb, Wro; bpl, woningen, schaduwwerking, warmtepompen/geluid, motivering, onderzoek natuur, tussenuitspraak
* 28 juli 2021 (ABRvS 202100088/1/A3): Awb, Gmw; verbod maken uitweg (Rb Den Haag 19/1353)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202007079/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, drijvende wandelpaden, dijken, eilanden en drijvend zonnepanelenpark, aanvraagvereisten (Rb Gelderland 20/359)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202006479/1/R1): Awb, Wro; bpl, woningen, parkeren, ontsluiting
* 28 juli 2021 (ABRvS 202006368/1/R2): Awb, Wro; bpl, herontwikkelingen panden, Ladder/Bro, cultuurhistorische waarden, parkeren/CROW, verkeer(sveiligheid), geluid, schaduwwerking, stikstof/relativiteit, natuurtoets
* 28 juli 2021 (ABRvS 202006154/1/R4): Awb, Wro, Wabo; bpl en omgevingsvergunning voor bouwen en uitvoeren werk, bouwmarkt, Ladder/Bro, provinciale verordening
* 28 juli 2021 (ABRvS 202005203/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, bedrijfswoning, noodzaak, vvgb (Rb Midden-Nederland 19/3952)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202004856/1/A3): Awb, Hvw; boete, onttrekking woning, hennepkwekerij (Rb Midden-Nederland 19/5545)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202004761/1/R1): Awb, Wbr; vergunning, afrit rijksweg, komst bouwmarkt, belanghebbende (Rb Amsterdam 19/4619)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202004569/1/R4): Awb, Wabo; handhaving, gebruik parkeerstrook, keten van overgangsbepalingen, gebruiksovergangsrecht bpl, motivering (Rb Midden-Nederland 19/1845)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202004404/1/R1en 202004556/1/R1): Awb, Wm; plaatsingsplan, ondergrondse restafvalcontainers, afvalstoffenverordening, geschiktheid locaties, motivering, tussenuitspraak
* 28 juli 2021 (ABRvS 202004395/1/R4 en 202004449/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, windturbines, belanghebbenden, Nevele-arrest (Rb Midden-Nederland 19/5144 en 19/5150)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202003979/1/R2): Awb, Wro; buitengebied, veegplan, recreatieve nevenactiviteiten, tussenuitspraak
* 28 juli 2021 (ABRvS 202003833/1/R1): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, verbouwingen en samenvoeging woningen ongedaan maken, geen vergunning (Rb Noord-Holland 20/2260)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202003799/1/R4): Awb, Wabo; wijziging voorschriften milieuvergunning, veevoederbedrijf, geluid, RBS, beperkendheid grenswaarden, motivering, herstelbesluit, beschermingsniveau, gevelwering (Rb Midden-Nederland 18/3318, 18/3366 en 18/3405)
* 28 juli 2021 (ABRvS202003759/1/A3): Awb, Gmw; intrekking exploitatievergunning, shisha lounge, CO-gehalte te hoog, cumulatie van overtredingen, APV, bevoegdheid, motivering (Rb Amsterdam 20/1794)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202002958/1/A3): Awb, DHW, Gmw; handhaving, geluidoverlast, sportkantine, nader onderzoek
* 28 juli 2021 (ABRvS 202002726/1/R1): Awb, Wro; bpl, buitengebied, woningen, rood voor rood-regeling, voorwaardelijke verplichting
* 28 juli 2021 (ABRvS 202002472/1/A2): Awb, Wro; planschade, weggeluid, normaal maatschappelijk risico, drempel, voorzienbaarheid, herstelbesluit (Rb Limburg 19/266)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202002457/1/R4): Awb; invordering dwangsommen, afwijking bouwvergunning, bouwtekening, bewijslast (Rb Gelderland 19/715)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202002238/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, supermarkten, brancheringsregeling, Dienstenrichtlijn, evidentiecriterium (Rb Noord-Nederland 19/1475 en 19/1476)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202001556/1/R3): Awb, Wro; bpl, divers
* 28 juli 2021 (ABRvS 202001416/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor slopen, bouwen, afwijken bpl en maken uitweg, hotel, belanghebbenden, vooringenomenheid , nieuw besluit, Ladder/Bro, geluid, parkeren, verkeer, Natura 2000/motivering (Rb Zeeland-West-Brabant 18/3022, 18/3161, 18/3162, 18/3163, 18/3164, 18/3165, 18/3166, 18/3167, 18/3168, 18/3170, 18/3171 en 18/3190)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202001094/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, splitsing woning in 3 appartementen, bpl, omzettingsvergunning (Rb Oost-Brabant 18/3266)
* 28 juli 2021 (ABRvS 202001061/1/R4): Awb, Wro; bpl, appartementencomplex, woon- en leefklimaat, privacy, geluid, motivering, tussenuitspraak
* 28 juli 2021 (ABRvS 202001012/1/R3): Awb, Wro; afwijzing vaststelling bpl, recreatie/natuur, bevoegdheid, motivering
* 28 juli 2021 (ABRvS 202000859/1/A2): Awb; herziening, eerdere uitspraak over planschade
# 28 juli 2021 (ABRvS 201907814/1/R4): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, opslag, bewerking en verwerking van petroleumcokes, bodem, Bbk/Rbk, NRB, Protocol 1002, bevoegdheid (Rb Noord-Nederland 19/2305)
* 28 juli 2021 (ABRvS 201906442/1/R2): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunningen voor bouwen, windpark, laag frequent geluid, lagere streefwaarde Lden, Nevele-arrest, slagschaduw/strengere norm, Natura 2000/relativiteit, (nieuwe) provinciale verordening
* 28 juli 2021 (ABRvS 201904929/1/A2): Awb, Wvw; verkeersbesluit, snorfiets naar de rijbaan met helmplicht, belanghebbenden, ontvankelijkheid (Rb Amsterdam 19/322, 19/415 en 19/622)
* 27 juli 2021 (Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba CUR2020H00424 en CUR2020H00426): Lar; intrekking bouwvergunning, procesbelang, flatgebouwencomplex, EOP, verkavelingsplan, bouwhoogte
* 27 juli 2021 (ABRvS 202103813/2/R4): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, verwijderen chalets, strijd met bpl, geen spoedeisend belang (Rb Gelderland 21/1874)
* 27 juli 2021 (CBb 18/51): Awb, Msw; handhaving, boete, mestboekhouding, eerdere uitspraak, strijd met willekeurverbod, EVRM, schadevergoeding (Rb Den Haag SGR 17/1268 en SGR 17/1271)
* 27 juli 2021 (CBb 20/483, 19/547, 19/539, 19/96, 20/583, 20/170, 20/604, 20/667, 19/454, 20/478, en 20/54): Awb, Msw; vaststelling/herziening fosfaatrecht, EP/geen sprake van individuele en buitensporige last, knelgevallenregeling, bevoegdheid, EVRM, peildatum, gelijkheids- en evenredigheidsbeginsel, EVRM, schadevergoeding, melding overdracht/ bijzondere omstandigheden, begrip melkvee
* 27 juli 2021 (CBb 19/1543 ): Awb, Lbw; heffing/bonus, fosfaatreductieplan, geen strijd EP/geen individuele buitensporige last, duur procedure/EVRM, hardheidsclausule
* 26 juli 2021 (Rb Gelderland ARN 19/3561, 19/3600, 19/3701, 19/3721, 19/3907 en 19/4017): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, pannaspeelveld bij school en kinderopvang, belanghebbenden, Activiteitenbesluit, binnenterrein, menselijk stemgeluid, geen strijd met bpl, representatieve situatie, impulsgeluid, evenredigheid
# 26 juli 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 19/2422 en UTR 19/2546): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken en milieu, afvalwaterzuivering, geur, goede ruimtelijke ordening
* 26 juli 2021 (ABRvS 202100119/2/R2): Awb, Wro; vovo, bpl, buitengebied/veegplan, recreatie/groepsaccommodatie, belangenafweging
* 26 juli 2021 (ABRvS 202102378/1/R2 en /2/R2): Awb, Wro; vovo, wijzigingsplan, seniorenappartementen, beeldkwaliteitsplan, parkeren
* 26 juli 2021 (ABRvS 202103929/2/R1): Awb, BP; vovo, plicht gedogen, windturbine en infrastructuur, belangenafweging
* 23 juli 2021 (ABRvS 202103765/2/R2): Awb, Wro; vovo, bpl, appartementengebouwen, woon- en leefklimaat, parkeren
* 23 juli 2021 (ABRvS 202103942/2/R2): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, podiumterras boven horeca, goede ruimtelijke ordening (Rb  Limburg 21/1169 en 21/1168)
* 21 juli 2021 (ABRvS 202102999/1/R4 en /2/R4): Awb, Wro; vovo en kortsluiten, bpl, herontwikkeling winkelcentrum, hoogte gebouwen, verkeer
* 21 juli 2021 (Rb Gelderland ARN 19/5918, 19/5989 en 19/5999): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor uitvoeren werk, telen bomen heesters (18 ha), belanghebbenden, provinciale omgevingsverordening, LOP, openheid landschap, motivering, ecologische beoordeling, das/steenuil, Wnb, bestrijdingsmiddelen, Natura 2000
* 20 juli 2021 (Rb Limburg ROE 21/1561 en ROE 21/1557 en ROE 21/1562 + ROE 21/1558): Awb, Gmw; vovo en kortsluiten, exploitatievergunning, speelautomatenhal, schaarse vergunning, rangorde
* 20 juli 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/2314): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor verplaatsen van parkeerplaatsen en in- en uitrit, verkeersveiligheid, APV, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 20 juli 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/403): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, recreatiewoningen, geen bijbehorend bouwwerk, verkeerde procedure
* 20 juli 2021 (Hof Arnhem-Leeuwarden 200.285.183/01): BW; voorschrot schadevergoeding, aardbevingsschade, onveilige situatie/onmiddellijke voorziening/vervangende huisvesting
* 16 juli 2021 (Rb Limburg ROE 20/681): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, woon- en leefklimaat, hinder bovengelegen ruimte, begeleiding/wonen, geen strijd met bpl, weigering om verordening vast te stellen/ontvankelijkheid, schadevergoeding
* 16 juli 2021 (Rb Limburg C/03/292923/KGZA21-202 16072021): BW; kort geding, burengeschil, geluidhinder, kattenoverlast
* 16 juli 2021 (Rb Gelderland ARN 20/622): Awb, Wro; planschade, risicoaanvaarding, compensatie in natura, inkomensschade
* 16 juli 2021 (Rb Limburg ROE 20/2560): Awb, Gmw; wijziging exploitatievergunning, coffeeshop, geldigheidsduur, beleidsregel, gedogen
* 15 juli 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 20/2347): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, deskundigenonderzoeken, schades, grondwaterstanden, trillingsterktes
* 14 juli 2021 (Rb Limburg ROE 19/1664): Awb, Wnb; wijzigingsvergunning, paardenhouderij, belanghebbende, stikstof, geen significante gevolgen, vergunningvrij, ontvankelijkheid
* 14 juli 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 19/2977): Awb, Wnb; handhaving, dwangsom, stoppen met aanleg drijvend zonnepark, beperking rust- en slaapplaats vogels, bevoegdheid, geen bijzondere omstandigheden
* 9 juli 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/2599): Awb, Msw; handhaving, boete, overschrijdingen gebruiksnorm dierlijke meststoffen en fosfaatgebruiksnorm, marges, motivering
* 8 juli 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/2389): Awb, Wabo; intrekking milieuvergunning veestal, ontoelaatbare gevolgen milieu, drie jaar geen gebruik maken van vergunning, geur, Wgv
* 1 juli 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/246): Awb, Wabo; handhaving, paardenbak/stapmolen, geen vergunning, strijd met bpl, motivering, dwangsom
* 1 juli 2021 (Rb Rotterdam 83/317185-20 en 83/317248-20): WSr, Wm; overtreding, voorhanden hebben professioneel vuurwerk, Vuurwerkbesluit
* 30 juni 2021 (Rb Limburg C/03/278889 / HA ZA 20-304): BW; geluidhinder, racecircuit, karts, vaststellingsovereenkomst en/of afwijkingsovereenkomst, geluidmetingen
* 25 juni 2021 (Rb Gelderland ARN 20/6232): Awb, Wro; planschade, schadefactoren, taxatie, normaal maatschappelijk risico, vermogensschade, motivering
* 17 juni 2021 (Rb Gelderland AWB 20/1894): Awb, Wnb; ontheffing, sloop silotoren met aanbouw, verstoring vleermuizen, mitigerende maatregelen, groot openbaar belang
* 4 juni 2021 (Rb Rotterdam ROT 20/1564): Awb, Wabo; omgevingsvergunning bouwen, uitvoeren werk, afwijken bpl en handelen met gevolgen voor beschermde monumenten, verlenging spoorlijn, bevoegdheid, eerdere Wnb-vergunning/PAS
* 30 april 2021 (Rb Gelderland AWB 20/1248): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, rundveestal, aantal dieren, milieuvergunningplicht/Activiteitenbesluit, categorie
* 12 april 2021 (Rb Gelderland AWB 19/5887 en 19/5917): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, loods voor opslag kermisattracties, bevoegdheid, goede ruimtelijke ordening
* 12 maart 2021 (Rb Gelderland AWB 19/1418): Awb; invordering dwangsom, gevaarlijke stoffen, overtreding Brzo, CLP-verordening, ADR klasse, bevoegdheid, ,motivering
* 23 maart 2021 (Rb Gelderland ARN 19/4147): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor veranderen rijksmonument en afwijken bpl, herinrichten monumentale woonboerderij en plaatsen stalling, belanghebbende, beschermd dorpsgezicht
* 2 maart 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/602): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor kappen bomen, procesbelang
* 23 februari 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/1745): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, extra wooneenheid, parkeren, CROW, afmetingen auto/SWOV
* 15 februari 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/973 GEMWT): Awb; invordering dwangsom, overtreding maatwerkvoorschriften, Activiteitenbesluit, afvalwater, zuurgraad
* 6 november 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 19/3663): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor tijdelijk horecabedrijf, belanghebbenden, ontvankelijkheid
* 30 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/149): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, uitbouw, strijd met beheersverordening
* 27 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/2775 en UTR 20/3012): Awb, Wabo, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving, dwangsom, verwijderen schuur, geen vergunning, strijd met bpl
* 23 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/3723): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor vellen bomen, ordemaatregel
* 22 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/3305): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, zorgwoningen naar woonappartementen, geen spoedeisend belang
* 14 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/3570): Awb, Gmw; vovo, sluiting woning, ordemaatregel
* 14 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 19/2718): Awb, Gmw; handhaving, dwangsom, overtreding, rookmelders, Bouwbesluit, NEN 2555, motivering, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 14 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 19/3690): Awb, Waterwet; vergunning, gebouw binnen waterstaatszone, motivering
* 7 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/956): Awb; invordering dwangsom, splitsing woning, strijd met bpl
* 5 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/33, UTR 19/2247 en UTR 19/5306): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, handhaving, vergunning voor afwijkend gebruik, bedrijfsverzamelgebouw, strijd met bpl, zicht op legalisatie, Dienstenrichtlijn
* 2 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 20/3428): Awb, Gmw; vovo, sluiting woning, ordemaatregel
* 1 oktober 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 19/2521): Awb, Wabo; handhaving, dwangsom, garages, gedoogbeschikking, aanbouw, geen vergunning
* 24 augustus 2020 (Rb Midden-Nederland UTR 19/1108 en UTR 20/323): Awb, Wabo; handhaving, dwangsom, invordering, verwijderen dam/duiker, geen vergunning

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 28 juli 2021 (ABRvS 202004761/1/R1): Awb, Wbr; vergunning, afrit rijksweg, komst bouwmarkt, belanghebbende (Rb Amsterdam 19/4619)
5.1.    Bij de hiervoor al vermelde uitspraak van 4 mei 2021, onder 4.3 tot en met 4.8, heeft de Afdeling – tegen de achtergrond van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 14 januari 2021, Stichting Varkens in Nood, ECLI:EU:C:2021:7 – overwogen dat aan degene die bij een besluit geen belanghebbende is, maar die wel een zienswijze heeft ingediend tegen het ontwerpbesluit op basis van de in het nationale omgevingsrecht gegeven mogelijkheid daartoe, in beroep niet zal worden tegengeworpen dat hij geen belanghebbende is.

5.2.    De Afdeling stelt vast dat het besluit niet is voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. De in artikel 4:8 van de Awb neergelegde mogelijkheid voor belanghebbenden om een zienswijze naar voren te brengen voordat een bestuursorgaan een beschikking neemt, is geen inspraakprocedure als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag van Aarhus. Alleen al daarom kan uit de door Merwehave en andere aangehaalde jurisprudentie niet worden afgeleid dat Merwehave en andere recht hebben op een inhoudelijke behandeling van hun bezwaren door een rechter, ook als zij geen belanghebbende zijn.

Ook ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat het doorlopen van de bezwaarprocedure heeft geleid tot een schending van de procedurele verplichtingen uit het verdrag van Aarhus. De eisen in artikel 9 gaan over de rechterlijke procedure, en niet op de fase van de bestuurlijke heroverweging in bezwaar.

Het betoog faalt.

* 28 juli 2021 (ABRvS 202004395/1/R4 en 202004449/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, windturbines, belanghebbenden, Nevele-arrest (Rb Midden-Nederland 19/5144 en 19/5150)
5.2.    In de uitspraak van 30 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1395, overwegingen 16 tot en met 48, is de Afdeling ingegaan op de vraag of de windturbinebepalingen moeten worden aangemerkt als plan of programma waarvoor op grond van de SMB-richtlijn een milieubeoordeling is vereist. De Afdeling heeft die vraag, gelet op het Nevele-arrest, bevestigend beantwoord. Omdat voor de windturbinebepalingen op dit moment geen milieubeoordeling is gemaakt, moeten die bepalingen, zo volgt uit de uitspraak van 30 juni 2021, buiten toepassing blijven voor zover zij zien op windturbineprojecten die vallen onder bijlage II van Richtlijn 85/337/EEG, zoals gewijzigd bij Richtlijn 2011/92/EU en Richtlijn 2014/52/EU (hierna: de Mer-richtlijn).

5.3.    Vast staat dat het bij het besluit van 15 oktober 2019 vergunde windpark valt onder bijlage II van de Mer-richtlijn, zodat de windturbinebepalingen wat dit windpark betreft buiten toepassing moeten blijven. Dit betekent dat het college er bij de beoordeling van de ruimtelijke aanvaardbaarheid in het kader van de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo (afwijken bestemmingsplan) en bij de beoordeling in het kader van de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van die wet (beperkte milieutoets) ten onrechte van is uitgegaan dat Windpark Goyerbrug zich bij de bouw en het gebruik van dat windpark heeft te houden aan de windturbinebepalingen. Het besluit van 15 oktober 2019 is in zoverre in strijd met artikel 3:2 van de Awb niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en berust in strijd met artikel 3:46 van die wet niet op een deugdelijke motivering. Nu de verleende omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo niet in stand kan blijven, kan ook de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo (bouwen), gelet op artikel 2.10, eerste lid, aanhef en onder c, van die wet, niet in stand blijven.

Het betoog slaagt.

* 28 juli 2021 (ABRvS 202001416/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor slopen, bouwen, afwijken bpl en maken uitweg, hotel, belanghebbenden, vooringenomenheid , nieuw besluit, Ladder/Bro, geluid, parkeren, verkeer, Natura 2000/motivering (Rb Zeeland-West-Brabant 18/3022, 18/3161, 18/3162, 18/3163, 18/3164, 18/3165, 18/3166, 18/3167, 18/3168, 18/3170, 18/3171 en 18/3190)
5.4.    Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen, bijvoorbeeld in de uitspraak van 3 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1317, strekt artikel 2:4, tweede lid, van de Awb ertoe de burger een waarborg te bieden voor naleving van de in het eerste lid neergelegde norm. Daartoe wordt, niet aan de in de bepaling bedoelde personen individueel, maar aan het tot besluiten bevoegd bestuursorgaan, een zorgplicht opgelegd die in elk geval inhoudt dat door het orgaan wordt voorkomen dat de besluitvorming niet meer voldoet aan de in het eerste lid neergelegde norm. Met het begrip “persoonlijk” is blijkens de wetsgeschiedenis van artikel 2:4 van de Awb (Kamerstukken II, 1988/89, 21 221, nr. 3, blz. 55) gedoeld op ieder belang dat niet behoort tot de belangen die het bestuursorgaan uit hoofde van de hem opgedragen taak behoort te behartigen.

5.5.    Vast staat dat wethouder Melse aanwezig was ten tijde van de vergadering van het college van 9 januari 2018. In die vergadering is besloten de door [vergunninghouder] gevraagde omgevingsvergunning te verlenen. Uit de besluitenlijst volgt niet dat Melse zich van stemming heeft onthouden, terwijl hij dit, gelet op de conclusies van het integriteitsonderzoek en zoals het college heeft erkend in de in hoger beroep door SLKD en anderen overgelegde brief van 29 mei 2018, wel had moeten doen. De Afdeling is, anders dan de rechtbank, van oordeel dat het college hierdoor in strijd met artikel 2:4, tweede lid, van de Awb heeft gehandeld. Het college heeft immers niet voldaan aan de zorgplicht die in elk geval inhoudt dat het voorkomt dat de besluitvorming niet meer voldoet aan de in het eerste lid van artikel 2:4 van de Awb neergelegde norm. De omstandigheid dat als Melse zich had onthouden van de stemming er nog steeds een meerderheid voor vaststelling van het besluit zou hebben gestemd, doet daar niet aan af. Het feit dat Melse heeft deelgenomen aan de stemming, terwijl het college achteraf heeft erkend dat hij dit niet had mogen doen, is genoeg reden voor het oordeel dat het college de zorgplicht niet in acht heeft genomen.

Het betoog slaagt.

* 28 juli 2021 (ABRvS 201906442/1/R2): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunningen voor bouwen, windpark, laag frequent geluid, lagere streefwaarde Lden, Nevele-arrest, slagschaduw/strengere norm, Natura 2000/relativiteit, (nieuwe) provinciale verordening
14.     [appellant sub 1] betoogt, onder verwijzing naar het arrest van 25 juni 2020 van het Europees Hof van Justitie, C-24/19 (hierna: het Nevele-arrest), dat een MER had moeten worden opgesteld ten behoeve van de geluidnormen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. Nu dit niet is gedaan, kan niet met zekerheid worden gezegd dat de gezondheid, ten gevolge van ondervonden geluidhinder, niet achteruit gaat.

14.1.  De raad stelt zich op het standpunt dat het Nevele-arrest in dit geval niet van toepassing is, omdat niet de normen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer zijn gehanteerd, maar afwijkende, strengere normen zijn vastgesteld, die zijn afgeleid uit het MER.

14.2.  De Afdeling stelt vast dat de raad in dit geval naar aanleiding van het uitgevoerde milieuonderzoek in artikel 8.1.4, onder b, en artikel 15.1, onder b, van de planregels een eigen, afwijkende en strengere geluidnorm heeft toegepast. Er is in deze zaak derhalve, in tegenstelling tot de situatie in de zaak van de Afdeling van 30 juni 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1395), niet aangesloten bij de norm in artikel 3.14a, eerste lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Gelet hierop faalt het betoog van [appellant sub 1] over het Nevele-arrest, omdat hij daarbij ten onrechte uitgaat dat de raad artikel 3.14a, eerste lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer heeft toegepast (vergelijk overweging 17 tot en met 17.2 in de uitspraak van de Afdeling van 23 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:3112).

* 27 juli 2021 (CBb 20/483, 19/547, 19/539, 19/96, 20/583, 20/170, 20/604, 20/667, 19/454, 20/478, en 20/54): Awb, Msw; vaststelling/herziening fosfaatrecht, EP/geen sprake van individuele en buitensporige last, knelgevallenregeling, bevoegdheid, EVRM, peildatum, gelijkheids- en evenredigheidsbeginsel, EVRM, schadevergoeding, melding overdracht/ bijzondere omstandigheden, begrip melkvee
Tussen partijen is in geschil of drie dieren moeten worden aangemerkt als melkvee (diercategorie 100) of als weide- en zoogkoeien (categorie 120). Het betreft hier een kwalificatiekwestie. Het onderscheid tussen een melk- en kalfkoe of een weide- en zoogkoe is niet altijd makkelijk te maken en hangt mede af van de omstandigheden op het bedrijf. De bestemming die een dier op de peildatum had, is bepalend voor de vraag of het dier moet worden aangemerkt als melkvee en bijgevolg moet worden betrokken bij het vaststellen van het fosfaatrecht. Of die bestemming na de peildatum wijzigt, is niet relevant. Het College is van oordeel dat verweerder deze drie dieren, die appellante op de peildatum hield, terecht niet heeft aangemerkt als melkvee in de zin van de Msw, omdat niet is gebleken dat deze dieren op de peildatum werden gehouden voor de melkproductie of voor de fokkerij ten behoeve van de melkveehouderij.

Toekenning schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.

* 26 juli 2021 (Rb Gelderland ARN 19/3561, 19/3600, 19/3701, 19/3721, 19/3907 en 19/4017): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, pannaspeelveld bij school en kinderopvang, belanghebbenden, Activiteitenbesluit, binnenterrein, menselijk stemgeluid, geen strijd met bpl, representatieve situatie, impulsgeluid, evenredigheid
15.4.   Zoals de Afdeling heeft overwogen in de uitspraak van 24 maart 2010 (ECLI:NL:RVS:2010:BL8735) is, gelet op de Nota van Toelichting bij het Activiteitenbesluit voor de beantwoording van de vraag of het stemgeluid afkomstig van een buitenterrein mag worden uitgesloten van toetsing aan de geluidsnormen met name de situering van het buitenterrein aan de straat of andere openbare ruimte van belang.3 Daarnaast kan het referentieniveau van het omgevingsgeluid alsmede de mate van beslotenheid van de ligging van het buitenterrein als indicatie dienen voor de vraag of sprake is van een binnenterrein, als bedoeld in artikel 2.18 van het Activiteitenbesluit.

15.5.   Naar het oordeel van de rechtbank ziet “terrein” als bedoeld in artikel 2.18, eerste lid, aanhef en onder a, van het Activiteitenbesluit, op het gehele schoolplein en niet alleen op het pannaveld. Hoewel het gebruik van het pannaveld de meeste geluidsoverlast veroorzaakt, moet bij de beoordeling of het een binnenterrein betreft dus het gehele schoolplein in ogenschouw te worden genomen. Het schoolplein grenst aan het schoolgebouw, het appartementencomplex en het openbaar terrein (de straat) en aan de privéparkeerplaats. Omdat dit schoolplein aan de zijde van de Ten Hoetstraat grenst aan openbaar gebied, is de rechtbank met verweerder van oordeel dat geen sprake is van een binnenterrein.

Zoals de Afdeling in de hiervoor genoemde uitspraak heeft overwogen kan het referentieniveau van het omgevingsgeluid op zichzelf niet doorslaggevend worden geacht voor de beantwoording van de vraag of het stemgeluid afkomstig van een buitenterrein mag worden uitgesloten van toetsing aan de geluidnormen. Hetgeen eisers hebben aangevoerd over het terrein en het referentieniveau in de directe omgeving kan er daarom niet toe leiden dat het terrein, ondanks dat dit is gesitueerd aan de openbare ruimte en geen sprake is van een besloten ligging, moet worden aangemerkt als binnenterrein als bedoeld in artikel 2.18 van het Activiteitenbesluit.

Omdat geen sprake is van een binnenterrein, blijft het stemgeluid van de personen op het schoolplein op grond van artikel 2.18, eerste lid, aanhef en onder a, van het Activiteitenbesluit buiten beschouwing bij het bepalen van de door de inrichting veroorzaakte geluidniveaus.

De beroepsgrond slaagt niet.
28.2.   In het milieurecht is degene die een inrichting drijft verantwoordelijk voor de nakomen van de milieuregels. De [eiseres] is in dit geval de drijver van de school en het speelveld maakt deel uit van deze school, zodat de [eiseres] ook verantwoordelijk is voor het rechtmatig gebruik van het speelveld, waaronder het nakomen van de geluidsnormen. Ook buiten schooltijden is de [eiseres] verantwoordelijk voor het in haar eigendom en onder haar beheer vallend speelveld. Het is daarom terecht dat verweerder aan de [eiseres] een last onder dwangsom heeft opgelegd en dat de [eiseres] – en niet de omwonenden – maatregelen moet nemen om aan de geluidnormen te voldoen. Dit maakt het handhavend optreden niet onevenredig.

Zoals de rechtbank eerder in deze uitspraak heeft overwogen is de ontstane situatie een gevolg van een fout in de bestemmingsplanprocedure. Dit is niet vergelijkbaar met de door de [eiseres] aangehaalde uitspraak die zag op een toezegging dat niet handhavend zou worden opgetreden. Als de [eiseres] door het bestemmingsplan planologisch nadeel lijdt, bestaat de mogelijkheid om een planschadeclaim in te dienen. Dit kan in deze procedure niet aan bod komen.

De beroepsgrond slaagt niet.

* 14 juli 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 19/2977): Awb, Wnb; handhaving, dwangsom, stoppen met aanleg drijvend zonnepark, beperking rust- en slaapplaats vogels, bevoegdheid, geen bijzondere omstandigheden
3.2.2.   Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich terecht op het standpunt gesteld dat in dit geval sprake is geweest van overtreding van artikel 3.1, tweede lid, van de Wnb. Door de plaatsing van de zonnepanelen kan een deel van de plas niet meer worden gebruikt door de vogels die de plas normaal gesproken als rust- en slaapplaats gebruiken. De beschikbare ruimte wordt aanzienlijk verminderd. In de winterperiode wordt die ruimte door de vorst nog extra beperkt, terwijl juist dan de kans bestaat dat veel vogels daar een plek zoeken omdat de nabij gelegen ondiepe Fochteloërveenplassen dichtgevroren kunnen zijn. Het rapport van Royal Haskoning van 5 oktober 2018 dat eiseres overlegt, bevestigt dit. Geconcludeerd wordt in dat rapport dat de aanleg en aanwezigheid van het testpark ertoe zal leiden dat een deel van de rustplaats niet meer gebruikt zal kunnen worden, oftewel beschadigd raakt. Royal Haskoning heeft onder meer de aanbeveling gedaan om de locatie samen met het bevoegd gezag en/of lokale vogeltellers/gebiedskenners te bepalen en de conclusies met het bevoegd gezag te bespreken. Opgemerkt is dat het bevoegd gezag aan zal moeten geven of zij het nodig acht dat voor de realisatie van het testpark een ontheffing wordt aangevraagd. De rechtbank kwalificeert de beschreven situatie zoals die ontstaat door zowel de aanleg van het testpark op de plas als het gebruik daarvan, als een opzettelijke beschadiging van rustplaatsen van vogels als in 3.1, tweede lid, van de Wnb. Nu eiseres ten tijde van de aanleg van het testpark niet beschikte over een ontheffing in de zin van de Wnb, heeft zij voornoemd verbod overtreden. Dat uit de monitoringsgegevens van Royal Haskoning blijkt dat de plas nadien door ganzen als rustplaats werd gebruikt, doet aan die overtreding niets af.

3.2.3.   Voorts is de rechtbank van oordeel dat verweerder zich in dit geval terecht op het standpunt heeft gesteld dat sprake is geweest van overtreding van artikel 3.1, vierde lid, van de Wnb. Daarbij is onder meer van belang dat Royal Haskoning in voornoemd rapport de aanbeveling heeft opgenomen om tijdens de aanlegfase van het testpark rekening te houden met de eventuele aanwezigheid van grote groepen ganzen, waardoor dan alleen onder bepaalde voorwaarden in de plas kan worden gewerkt. Daarnaast is van belang dat uit de rapportage van 10 december 2018 volgt dat toezichthouders op 28 november 2018 voor zonsopgang hebben geconstateerd dat namens eiseres werkzaamheden aan de rand van de plas werden uitgevoerd, dat tegelijkertijd duizenden kolganzen aanwezig waren en dat de werkzaamheden voor onrust onder de ganzen hebben gezorgd die op het water wilden neerstrijken.

3.3.   Gelet op bovengenoemde overtredingen was verweerder in dit geval in beginsel bevoegd om handhavend op te treden.

* 8 juli 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/2389): Awb, Wabo; intrekking milieuvergunning veestal, ontoelaatbare gevolgen milieu, drie jaar geen gebruik maken van vergunning, geur, Wgv
Een omgevingsvergunning (milieu) voor het oprichten en in werking hebben van een stal bij een intensieve veehouderij wordt ingetrokken vanwege ontoelaatbare gevolgen voor het milieu (2.33 lid 1 d van de Wabo) en omdat er gedurende drie jaar geen gebruik van is gemaakt (2.33 lid 2 a van de Wabo). . Bij realisatie van de stal zullen ontoelaatbare gevolgen voor het milieu optreden. Er zal dan sprake zijn van een ontoelaatbaar hoge geurbelasting op de woning van de derde-partij. Ook als de geurreductiefactor uit de RGV voor de wijziging van juli 2018 zou worden toegepast wordt de maximale bandbreedte die in artikel 6 van de Wgv wordt geboden, ruimschoots overschreden. Bovendien heeft verweerder de ontoelaatbaar hoge fijn stof emissie en de hieruit voortvloeiende gevolgen voor de woning van de derde-partij op 25 meter afstand van de gevel van stal 7 bij het standpunt kunnen betrekken.

* 30 april 2021 (Rb Gelderland AWB 20/1248): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, rundveestal, aantal dieren, milieuvergunningplicht/Activiteitenbesluit, categorie
3.    Uit artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, in samenhang met artikel 2.1, tweede lid, van het Bor en categorie 8.3 van onderdeel C van Bijlage I bij het Bor, volgt dat voor een melkrundveehouderij met meer dan 200 stuks melkrundvee, behorend tot de diercategorie A1 en A2, een omgevingsvergunning voor de activiteit “milieu” (hierna: milieuvergunning) is vereist. Bij het houden van meer dan 200 stuks melk-, kalf- of zoogkoeien ouder dan 2 jaar uit RAV-categorie A1 en A2 is op grond van categorie D14 uit de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r) ook sprake van een m.e.r.-beoordelingsplicht.

  1. Het geschil tussen partijen draait om de vraag of de 48 stuks vrouwelijk jongvee ouder dan 2 jaar vallen onder categorie A1 of onder categorie A7. Als deze vallen onder categorie A1 dan is er sprake van meer dan 200 stuks melkrundvee en dan is ook een milieuvergunning vereist. Als deze vallen onder categorie A7, dan is sprake van type B-inrichting en is slechts een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer vereist.
    ………………………
    6.3. De rechtbank is van oordeel dat gelet op de uitleg die eiseres heeft gegeven afdoende vaststaat dat binnen het bedrijf koeien ouder dan 2 jaar aanwezig zullen zijn die nog niet hebben gekalfd. In zoverre bestond geen aanleiding om de gegevens in de aanvraag voor onjuist te houden. Op de zitting is ook aangegeven dat van de runderen de leeftijd en of ze een kalf hebben gekregen kan worden nagegaan, zodat ook geen sprake is van een niet handhaafbare situatie (waarvoor verweerder heeft gesteld te vrezen).

6.4.   De vervolgvraag is onder welke diercategorie deze 48 stuks vrouwelijk jongvee ouder dan 2 jaar vallen. Uit categorie 8.3, onder g, van Bijlage I bij het Bor volgt dat de wetgever voor de milieuvergunningplicht aansluiting heeft gezocht bij de diercategorieën uit de bijlage bij de Regeling ammoniak en veehouderij. Onder A1 en A2 vallen melk-, kalf- of zoogkoeien. De rechtbank is met eiseres van oordeel dat de 48 stuks vrouwelijk jongvee ouder dan 2 jaar geen melk-, kalf- of zoogkoeien betreffen. Deze koeien zullen immers niet meer gaan kalveren en daardoor ook niet kunnen zogen of melk kunnen leveren. Deze 48 koeien vallen daardoor onder restcategorie A7.

De beroepsgrond slaagt.

Conclusie

7. De rechtbank is het met eiseres eens dat er geen sprake was van een milieuvergunningplicht. Het beroep is daarom gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op om, zoals verzocht in het beroepschrift, met inachtneming van deze uitspraak een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen.