Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 15 september 2021 (ABRvS 202102539/1/A2): Awb; planschade, herziening
* 15 september 2021 (ABRvS 202102102/1/R4, 202102180/1/R4, 202102275/1/R4, 202102346/1/R4 en 202102587/1/R4): Awb, Wm, Gmw; handhaving, spoedeisende bestuursdwang, aanbieden huishoudelijke afvalstoffen/papier, overtreder, bewijslast
* 15 september 2021 (ABRvS 202101265/1/R1): Awb, Wro, Wabo; bpl, omgevingsvergunning voor kappen, bouwen en maken inrit, huurappartementen, verkeer, parkeren, CROW
* 15 september 2021 (ABRvS 202100420/1/A2): Awb; planschade, herziening
* 15 september 2021 (ABRvS 202007022/1/R2): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, gebruik paddocks, geur, Activiteitenbesluit (Rb Limburg 19/1328)
* 15 september 2021 (ABRvS 202006544/1/R4): Awb, Wabo, Wm, Gmw; handhaving, dwangsommen, opslag mest, Activiteitenbesluit, strijd met bpl (Rb Overijssel 19/920)
* 15 september 2021 (ABRvS 202006481/1/R1): Awb, Gmw; invordering dwangsom, gebruik woning als logiesvoorziening, strijd met bpl, bewijslast (Rb Amsterdam 19/4304)
* 15 september 2021 (ABRvS 202005844/1/R1): Awb, Wro; wijzigingsplan, supermarkt, motivering, tussenuitspraak
* 15 september 2021 (ABRvS 202005365/1/R1): Awb, Wbb; instemming deelsaneringsplan, bodemverontreiniging, stortplaats
* 15 september 2021 (ABRvS 202005248/1/R3): Awb, Wabo; handhaving, scootmobielbergingen, feitelijk gebruik, vergunningen, motiveringen (Rb Den Haag 19/1135)
* 15 september 2021 (ABRvS 202004976/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning, faillissement, intrekking, procesbelang, ontvankelijkheid, proceskosten (Rb Rotterdam 17/3711)
* 15 september 2021 (ABRvS 202003484/1/R3): Awb, Wro, Wabo, Wvw; bpl, omgevingsvergunning voor bouwen en verkeersbesluit, cultureel centrum, SVBP 2012, parkeren, verkeer, welstand
* 15 september 2021 (ABRvS 202003464/1/R3): Awb, Wro; bpl, terrein met recreatiewoningen, uitbreiding aantal
* 15 september 2021 (ABRvS 202003201/1/R3): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, verwijderen bouwwerken, geen vergunning, strijd met bpl (Rb Overijssel 19/1741)
# 15 september 2021 (ABRvS 202003091/1/R1): Awb, Waterwet; peilbesluit, waterverordening, veenoxidatie, CO2-uitstoot, KRW, Natura 2000-gebied (Rb Noord-Nederland 18/3107)
* 15 september 2021 (ABRvS 202003087/1/R3): Awb, Gmw; handhaving, invordering dwangsom, grondwal, afwijking omgevingsvergunning, geen bijzondere omstandigheden (Rb Noord-Nederland 19/3213)
* 15 september 2021 (ABRvS 202002217/1/R2): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, tankstation, illegale uitbreidingen, bevoegdheid, strijd met bpl, dierenverblijf, overtreder (Rb Oost-Brabant 19/1707 en 19/1851)
* 15 september 2021 (ABRvS 202000565/2/R1): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, verwijderen hotelkamers op verdieping, gebrek niet hersteld, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak (Rb Amsterdam 19/3639)
* 15 september 2021 (ABRvS 201906484/1/R4): Awb, Wabo; niet tijdig bekend maken van rechtswege verleende omgevingsvergunning, alsnog besluit genomen (Rb Rotterdam 19/1477)
* 15 september 2021 (ABRvS 201906190/18/R4): Awb, Wro; bpl, buitengebied, champignons kweken, bedrijfsverplaatsing, bedrijfswoningen, wijzigingsbevoegdheid, spuitzone
* 15 september 2021 (ABRvS 201906140/1/R2): Awb, Wnb; vergunning, uitbreiding pluimveebedrijf, Natura 2000-gebieden, passende beoordeling, rechten/referentiedata, bewijslast (Rb Oost-Brabant 18/1613)
* 15 september 2021 (ABRvS 201904642/1/R3): Awb, Wro; bpl, supermarkten, Dienstenrichtlijn, brancheringsregeling, detailhandelsbeleid
* 14 september 2021 (CBb 20/671, 20/683, 20/999 en 21/299): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrecht, EP/geen sprake van individuele en buitensporige last, knelgevallenregeling, procesbelang, grondgebondenheid, herziening
* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 19/3457, SHE 20/1556 en SHE 20/1558): Awb, Nbw, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, nieuwe inrit en illegaal verwijderen van houtopstanden, Natura 2000-gebied, geen (aanleg)vergunning
* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/1621): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor aan-/verleggen inrit/toegangsweg, Natura 2000-gebied, Wnb-vergunning, borging bosbeheerplan
* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/1857): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, bouwstop, staken kapwerkzaamheden, Natura 2000-gebied,gecombineerd besluit
* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 19/3035 en SHE 19/3075): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, hekwerk van 869 meter lengte, niet ten dienste van natuurbestemming
* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/1432): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, aanpassen lang bestaand bijgebouw, nooit vergunning voor verleend, overgangsrecht, aanpassen nagenoeg vervangen gehele gebouw, planregels
* 14 september 2021 (ABRvS 202104685/2/R3): Awb, Wro; vovo, bpl, grootschalige detailhandel in sportartikelen, reactieve aanwijzing, planregels, provinciale verordening
* 14 september 2021 (ABRvS 202103195/2/R3.): Awb, Wro; vovo, wijzigingsplan, woningen met waterberging
* 14 september 2021 (ABRvS 202101640/4/R3): Awb, Wro; vovo, bpl, gewijzigd besluit, woningen op terrein voormalige ijzergieterij, hernieuwde vovo, geen andere feiten of omstandigheden
* 14 september 2021 (ABRvS 202101013/2/R2): Awb, Wro; vovo, bpl, gymzaal, parkeren, CROW, woon- en leefklimaat
* 10 september 2021 (Rb Rotterdam ROT 20/1707): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning en schuur, drugs, bevoegdheid, evenredigheid, motivering
* 9 september 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/1535): Awb, Wabo; tijdelijke omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, woning, geur, Wgv, woon- en leefklimaat
* 9 september 2021 (Conclusie AG EH C-238/20): prejudiciële verwijzing, Letland, bevoegdheid, tegemoetkoming schade op grond van Vogelrichtlijn, staatssteun
* 9 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/1568): Awb; vovo, brief/informele waarschuwing, horeca, geen besluit/gelijkstelling met besluit
* 9 september 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant 02-700202-18 en 02-700203-18): WSr, WED, Wm; dumpen drugsafval
* 9 september 2021 (Rb Overijssel ZWO 21/658): Awb, Gmw; ontheffing sluitingstijd, poolcafé, woon- en leefklimaat, APV
* 9 september 2021 (Rb Overijssel ZWO 20/2354): Awb, Gmw; exploitatievergunning, poolcafé, beperkte openingstijden, APV, structurele overtredingen, opzoeken grenzen
* 8 september 2021 (Rb Noord-Nederland C/19/114009 / HA ZA 16-63 en C/19/126152 HA ZA 19-49): BW; schade aan woning vanwege aardbevingen door gaswinning, waardedaling woning, deskundigenbericht, bewijsvermoeden/RCA, fysieke schade
* 8 september 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2553): Awb, Gmw; vovo, exploitatievergunning, seksbedrijf, bewijs van intakegesprek
* 7 september 2021 (Rb Den Haag SGR 21/5753): Awb, Gmw; vovo, exploitatievergunning, horeca, vechtpartijen/overlast, APV,  openbare orde
# 6 september 2021 (Rb Den Haag SGR 21/4021): Awb, Wabo; vovo, wijziging omgevingsvergunning milieu, op en overslag van brandstoffen, tankputten, tank-/tankputbrand, risico’s, loopbruggen, toxische stoffen, PGS 29, koelvoorziening
* 3 september 2021 (Rb Den Haag SGR 21/4755 en 21/4756): Awb, Wabo, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving, dwangsom, staken houden paarden en verwijderen paddock en afrasteringen, strijd met bpl
* 2 september 2021 (Rb Limburg ROE 20/1779): Awb, Wvw; verkeersbesluit, weigering vrachtverkeerverbod, belangenafweging
* 31 augustus 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 19/3882): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, asielzoekerscentrum, beheersverordening, Bro/ladder, behoefte, motivering
* 31 augustus 2021 (Rb Limburg ROE 21/1871): Awb, Gmw; vovo, terrasvergunning, leefbaarheid, veiligheid, APV
* 26 augustus 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 20/1372): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouw, vervangen van door brand verwoeste winkel, procesbelang, belanghebbende, strijd met bpl, twee jaar verstreken, calamiteit, motivering
* 23 augustus 2021 (Rb Limburg ROE 20/3276): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, schuilgelegenheid voor dieren, woning hoofdgebouw en niet kapschuur, motivering, provinciale verordening
* 20 augustus 2021 (Rb Limburg ROE 21/35): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, inwoning ouders, afhankelijkheid, woningsplitsing
* 17 augustus 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2173 en LEE 21/2175): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten/tussenuitspraak, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken van bpl, appartementengebouw, ruimtelijke onderbouwing, motivering
* 6 augustus 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/2187, SHE 20/2188 , SHE 20/2255 SHE 20/2256, SHE 20/2257, SHE 20/2258 en SHE 20/2259): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, handelingen voor beschermd monumenten en reclamevoering, sport- en recreatiecentrum met horeca in kerk, parkeren/Nota parkeernormen, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 3 augustus 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 20/2813): Awb, Wro; planschade, normaal maatschappelijk risico, hoogte drempel
* 15 juni 2021 (Rb Rotterdam 83/312363-20): WSr, WED, Wm; pseudokoop, professioneel vuurwerk, detailhandelaar, (niet-)professional, Vuurwerkbesluit
* 30 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1166 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, tijdelijke woonunit, ontvankelijkheid
* 30 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/418 WABOA): Awb, Wabo; niet tijdig nemen besluit, omgevingsvergunning voor sportschool, dwangsom
* 14 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant  BRE 19/4494 ACTMIL): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, geluid, Activiteitenbesluit, dancefeest in horeca
* 14 april 2021 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 19/4833 GEMWT): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, minicampings, strijd met bpl, niet tijdig beslissen
* 23 maart 2021 (Rb Amsterdam AMS 20/336): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, verwijderen schoorstenen en muurdoorbraak, Bouwbesluit, motivering

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 15 september 2021 (ABRvS 202007022/1/R2): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, gebruik paddocks, geur, Activiteitenbesluit (Rb Limburg 19/1328)
7.2.    Voor zover [appellant] betoogt dat de paddocks geen dierenverblijf in de zin van het Activiteitenbesluit zijn, faalt dit betoog. De paddocks zijn niet overdekte ruimtes waar [appellant] maximaal twee paarden hield die daar de hele dag aanwezig waren. Gelet hierop heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat de paddocks een dierenverblijf als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Activiteitenbesluit zijn.

De paddocks zijn gelegen nabij woningen in de bebouwde kom. Ingevolge artikel 3.119, eerste lid, aanhef en onder a, van het Activiteitenbesluit dient de afstand tussen de buitenzijde van de paddocks tot de dichtstbijzijnde buitenzijde van de omliggende woningen minimaal 50 m te zijn. In hoger beroep is niet meer in geschil dat daaraan niet is voldaan. Artikel 3.119, tweede lid, aanhef en onder c, van het Activiteitenbesluit bevat een uitzondering op de afstandseis van minimaal 50 m voor een bestaand dierenverblijf. Ter zitting is gebleken dat [appellant] tot 1992 op het puntvormige gedeelte van het perceel 3848 paarden heeft laten weiden dan wel uitlopen en dat daarna de vorige eigenaar daar hobbymatig enkele schapen, geiten en pony’s heeft laten lopen. Vervolgens is [appellant] op 23 november 2015 eigenaar geworden van het perceel 3848. Gelet hierop wordt [appellant] niet gevolgd in zijn stelling dat al sinds de jaren zestig op het puntvormige gedeelte van het perceel 3848 paarden worden geweid. Van een bestaand dierenverblijf is daarom geen sprake. Daarbij betrekt de Afdeling tevens dat het met de beheersverordening strijdige gebruik van de punt van het perceel 3848, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, niet onder het overgangsrecht van deze verordening valt. Dit gebruik was evenmin toegestaan op grond van het daarvoor geldende bestemmingsplan “Brunssummerheide”, zoals vastgesteld op onderscheidenlijk 28 maart 2013 en 19 december 1974. Verder is voor de manege weliswaar op 13 februari 2009 een milieuvergunning verleend, maar deze vergunning heeft geen betrekking op het perceel 3848 en de in geding zijnde paddocks.

Uit het voorgaande volgt dat de uitzondering van artikel 3.119, tweede lid, aanhef en onder c, van het Activiteitenbesluit in dit geval niet van toepassing is en dat de afstandseis van minimaal 50 m in het eerste lid geldt. Omdat aan die afstandseis niet is voldaan, is sprake van overtreding van artikel 3.119, eerste lid, aanhef en onder a, van het Activiteitenbesluit. De rechtbank is tot hetzelfde oordeel gekomen.

* 15 september 2021 (ABRvS 201906484/1/R4): Awb, Wabo; niet tijdig bekend maken van rechtswege verleende omgevingsvergunning, alsnog besluit genomen (Rb Rotterdam 19/1477)
3.2.    Indien een gevraagde omgevingsvergunning van rechtswege is verleend, is een bestuursorgaan weliswaar niet meer bevoegd om op de aanvraag te beslissen, maar maakt dat een alsnog genomen besluit niet van rechtswege nietig. Indien een alsnog genomen reëel besluit niet tijdig in rechte wordt bestreden, verkrijgt dat besluit formele rechtskracht en treedt het in de plaats van de van rechtswege verleende vergunning. Dit is een bestendige jurisprudentielijn van de Afdeling, zoals weergegeven in bijvoorbeeld de door de rechtbank aangehaalde uitspraak van de Afdeling van 18 november 2009. In hetgeen [appellant] heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding om van deze lijn af te wijken. De omstandigheid dat in de zaak die heeft geleid tot de uitspraak van 18 november 2009 sprake was van een vergunning van rechtswege op grond van het destijds geldende artikel 46, derde lid, van de Woningwet en niet op grond van paragraaf 4.1.3.3. van de Awb, leidt niet tot een ander oordeel over de rechtskracht van het alsnog genomen reële besluit. Vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 9 december 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3762, waarin sprake was van een vergunning van rechtswege op grond van paragraaf 4.1.3.3. van de Awb, en is overwogen dat die omstandigheid het alsnog genomen reële besluit niet nietig maakt. De Afdeling ziet geen aanleiding voor een conclusie als bedoeld in artikel 8:12a van de Awb, zoals door [appellant] is verzocht.

Het betoog slaagt niet.

* 14 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/1432): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, aanpassen lang bestaand bijgebouw, nooit vergunning voor verleend, overgangsrecht, aanpassen nagenoeg vervangen gehele gebouw, planregels
5.6   Uit de door partijen overgelegde stukken blijkt naar het oordeel van de rechtbank verder niet dat voor het bijgebouw in het verleden een bouw- of omgevingsvergunning is verleend. De stelling van verweerder dat dit zou blijken uit het feit dat het bijgebouw al ongeveer 40 jaar (zichtbaar) aanwezig is en daartegen nooit handhavend is opgetreden volgt de rechtbank niet. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat voor het bijgebouw nooit een bouw- of omgevingsvergunning is verleend. Het is vaste rechtspraak (zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 10 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3278) dat een geslaagd beroep op het overgangsrecht voor een bouwwerk geen bouw- of omgevingsvergunning vervangende titel verschaft en dat het bouwwerk daardoor evenmin anderszins gelegaliseerd wordt. Dus zelfs als zou worden aangenomen dat het bouwwerk op de peildatum van het overgangsrecht op het perceel aanwezig was en dus een geslaagd beroep op het overgangsrecht kan worden gedaan, laat dit onverlet dat dit beroep het bouwwerk niet legaliseert en dat dus een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo vereist blijft voor het gehele bouwwerk.

5.7   De vervolgvraag is of de gedeeltelijke renovatie van een illegaal bouwwerk is toegelaten op basis van artikel 42.1, onder a, onder 1, van de planregels. Volgens de rechtbank omvatten de werkzaamheden (zoals deze blijken uit de door de Werkgroep overgelegde foto’s) meer dan een gedeeltelijke renovatie als bedoeld in artikel 42.1, onder a, onder 1 van de planregels. Op de foto’s is te zien dat het gehele dak, de kozijnen en een groot deel van de muren (tot minder dan één meter hoogte) zijn weggehaald. Het geheel van werkzaamheden maakt dat van een gedeeltelijke renovatie van het gebouw geen sprake is. De rechtbank vindt steun voor dit oordeel in de uitspraak van de Afdeling van 25 maart 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:951). Daarom zijn de werkzaamheden aan het bijgebouw ook in strijd met artikel 42.1, onder a, onder 1, van de planregels.

5.8   Het beroep van de Werkgroep is gegrond. Het bestreden besluit dient te worden vernietigd. Verweerder zal een nieuw besluit op bezwaar moeten nemen en hierbij moeten beoordelen of hij bereid is om tevens toestemming te verlenen voor het afwijken van het bestemmingsplan.

* 9 september 2021 (Rb Oost-Brabant SHE 21/1568): Awb; vovo, brief/informele waarschuwing, horeca, geen besluit/gelijkstelling met besluit
4.   De voorzieningenrechter overweegt onder verwijzing naar de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3484, en 25 november 2020, ECLI:N:RVS:2020:2816, als volgt.

  1. Een waarschuwing is in beginsel geen besluit. Dit kan anders zijn als het gaat om een op een wettelijk voorschrift gebaseerde waarschuwing die een voorwaarde is voor het toepassen van een sanctiebevoegdheid. Dat is hier niet het geval. Deze informele waarschuwing is ook niet op een beleidsregel gebaseerd. Met partijen is de voorzieningenrechter van oordeel dat de waarschuwing geen besluit is.
  2. De vraag is vervolgens of de waarschuwing gelijkgesteld moet worden met een besluit. De voorzieningenrechter is van oordeel dat deze vraag ontkennend moet worden beantwoord en overweegt daartoe het volgende.
  3. Er zijn situaties waarin informele waarschuwingen voor de rechtsbescherming met een besluit moeten worden gelijkgesteld, zodat zij wel in rechte kunnen worden bestreden. Die situaties doen zich voor als de alternatieve route om een rechterlijk oordeel over die waarschuwingen te krijgen onevenredig bezwarend of afwezig is (vergelijk de conclusie van staatsraad advocaat-generaal mr. R.J.G.M. Widdershoven van 24 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:249, onderdeel 5.13). Geen van de in de conclusie genoemde situaties doet zich hier voor. De waarschuwing betreft geen concretisering van een wettelijke norm die alleen in rechte aan de orde kan worden gesteld door het riskeren van een bestraffende bestuurlijke sanctie. Ook gaat het hier niet om een uitsluiting van een aanbestedingsprocedure. Evenmin is volgens de voorzieningenrechter sprake van een waarschuwing met zodanig langdurige gevolgen dat verzoeker deze niet meer effectief kan bestrijden. De eventuele negatieve gevolgen van de waarschuwing zijn voor verzoeker in tijd beperkt. Het college heeft immers toegelicht dat de waarschuwing slechts gelding heeft tot en met 31 december 2021. Daarmee is naar het oordeel van de voorzieningenrechter verzekerd dat de waarschuwing geen zodanig langdurige gevolgen heeft dat verzoeker deze niet meer effectief kan bestrijden.
  4. Omdat de brief van 18 mei 2021 geen besluit is en ook niet gelijkgesteld moet worden met een besluit, bestaat er geen aanleiding de gevraagde voorlopige voorziening te treffen. Immers, het onderhavige verzoek om een voorlopige voorziening te treffen strekt ertoe dat de werking van een besluit wordt opgeschort, terwijl er geen besluit voorligt. Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.* 9 september 2021 (Rb Overijssel ZWO 20/2354): Awb, Gmw; exploitatievergunning, poolcafé, beperkte openingstijden, APV, structurele overtredingen, opzoeken grenzen
    14.2. De geconstateerde overtredingen geven naar het oordeel van de rechtbank het beeld van een exploitant die de grenzen opzoekt en het overtreden van wettelijke regels bagatelliseert. Dit is ook gebleken ter zitting. Dat een tafeltje buiten wordt gezet zodat rokers hun glazen daarop kunnen zetten, laat onverlet dat hiermee een terras(je) is gerealiseerd. Een overtreding van de sluitingstijd met ‘slechts’ 15 minuten is nog steeds een overtreding. Het aanwezig hebben van kansspelautomaten die (gesteld) defect zijn betekent nog steeds dat er kansspelautomaten aanwezig zijn. Een dergelijke houding/handeling is direct terug te voeren op de wijze van exploiteren van het poolcafé. Dat niet alle geconstateerde overtredingen uiteindelijk hebben geresulteerd in het opstarten van een formeel handhavingstraject, doet niets af aan dit beeld.
    16.   Anders dan eiser stelt, heeft verweerder de in geding zijnde belangen (algemene belang van een goed woon- en leefklimaat en belangen bewoners in de nabijheid van het poolcafé bij een fatsoenlijke nachtrust enerzijds en de financiële belangen van eiser anderzijds) duidelijk in beeld gebracht en tegen elkaar afgewogen. Verweerder heeft hierbij expliciet meegewogen dat het poolcafé is gelegen in een horecagebied en dat de bewoners in een dergelijk gebied enige mate van overlast vanwege de horeca (en dan met name in de weekenden) hebben te dulden. Daarom heeft verweerder ervoor gekozen om voor de vrijdag en de zaterdag de openingstijden niet te beperken maar de standaard sluitingstijd te blijven hanteren. Voor de doordeweekse avonden (zondag tot en met donderdag) heeft verweerder gekozen voor een beperking van de openingstijd tot 23:00 uur, in plaats van het hanteren van de standaard sluitingstijd van 01:00 uur.

Dat een horecabedrijf dat door de week om 23:00 uur moet sluiten niet levensvatbaar is, heeft eiser enkel gesteld maar op geen enkele wijze onderbouwd. Los daarvan heeft verweerder het financiële belang van eiser meegenomen in zijn belangenafweging. Dat de uitkomst van deze belangenafweging eiser niet bevalt, betekent niet dat de belangenafweging daardoor ontoereikend zou zijn.

# 6 september 2021 (Rb Den Haag SGR 21/4021): Awb, Wabo; vovo, wijziging omgevingsvergunning milieu, op en overslag van brandstoffen, tankputten, tank-/tankputbrand, risico’s, loopbruggen, toxische stoffen, PGS 29, koelvoorziening
De voorzieningenrechter heeft de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) als deskundige benoemd en verzocht omtrent dit verzoek een spoeddeskundigenbericht uit te brengen.
6.3  De STAB geeft in haar deskundigenbericht aan dat haar de tijd ontbreekt om volledig onderzoek te doen inzake de stelling van verzoekster. Wat daar ook van zij, verzoekster kan een beroep doen op het gelijkwaardigheidsbeginsel. Het ligt voor de hand dat zij daartoe het initiatief neemt en een studie uitvoert naar de vraag of de constructie met loopbruggen gelijkwaardig is aan het met PGS 29 beoogd beschermingsniveau in geval van een brandscenario. Bij een negatieve uitkomst zijn voldoende redenen aanwezig om alsnog een risicostudie uit te voeren met het oog op de periode tot het jaar 2027 waarna de loopbruggen dienen te worden verwijderd, zodat dit onderdeel van voorschrift 1.3.8 volgens de STAB niet gemist kan worden.

6.4   Gelet op de complexiteit van de inhoudelijke beoordeling van de door verzoekster aangevoerde gronden, is daarvoor in het kader van het verzoek om voorlopige voorziening geen plaats. De voorzieningenrechter beperkt zich daarom tot het volgende. Ter zitting heeft verzoekster verklaard dat de resultaten van een studie naar de gelijkwaardigheid in concept gereed is. Zij zal het onderzoek naar gelijkwaardigheid aanleveren bij verweerder. Daarvoor heeft zij een termijn van zes maanden nodig. Verweerder heeft daarmee ingestemd. De voorzieningenrechter zal deze termijn daarom bij wijze van voorlopige voorziening verlengen tot zes maanden en het voorschrift daarop aanpassen.

* 26 augustus 2021 (Rb Noord-Nederland LEE 20/1372): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouw, vervangen van door brand verwoeste winkel, procesbelang, belanghebbende, strijd met bpl, twee jaar verstreken, calamiteit, motivering
7.3   Ingevolge vaste jurisprudentie van de AbRS (onder meer de uitspraak van 12 augustus 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2595) mag, buiten het geval van het in een bestemmingsplan opgenomen overgangsrecht, in geval een bouwwerk door een calamiteit is tenietgegaan, dit worden herbouwd. Deze jurisprudentie heeft een uitzonderingskarakter en dient beperkt te worden uitgelegd. De strekking daarvan is dat een belanghebbende als gevolg van een calamiteit niet in een slechtere, maar ook niet in een betere positie mag komen te verkeren. Dit betekent onder meer dat er slechts sprake kan zijn van herbouw van verloren gegane bebouwing, indien de oppervlakte van het nieuw op te richten bouwwerk nagenoeg gelijk is aan die van het vroegere bouwwerk en ook de aard en de omvang daarvan overeenstemt met die van de vroegere bebouwing.

7.4   Aan de orde is derhalve de vraag of in het onderhavige geval sprake is van nagenoeg dezelfde oppervlakte van de (nieuwe) bebouwing en of de aard en omvang van de (nieuwe) bebouwing overeenstemt met de vroegere bebouwing.

………………………………..

Gelet op het voorgaande is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende gemotiveerd dat met het onderhavige bouwplan niet wordt voldaan aan de eisen van het ongeschreven overgangsrecht. Het beroep is reeds hierom gegrond. Aan bespreking van de overige gronden, waaronder de grond dat verweerder de aanvraag niet in redelijkheid op grond van de Woonvisie en het detailhandelsbeleid heeft kunnen weigeren, de grond dat sprake is van een gerechtvaardigd beroep op het vertrouwensbeginsel en de grond dat verweerder Welkoop Winkel B.V. in de gelegenheid had moeten stellen om de aanvraag aan te passen, komt de rechtbank niet toe.

STAB verzorgt de jurisprudentie voor STAB OGR updates

Ruud Veenhof heeft een annotatie geschreven bij de uitspraken van 28 juli 2021 en van
4 augustus 2021 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2021:1671 en ECLI:NL:RVS:2021:1752). In zijn noot gaat hij in op de overwegingen van de Afdeling over de geluidsbelasting als gevolg van warmtepompen. In dat kader komt ook de toepasselijkheid van artikel artikel 3.8, tweede lid, van het Bouwbesluit 2012 aan de orde en het aspect van (eventuele) cumulatie van warmtepompen (zie OGR 2021-0165).

Daniëlle Roelands-Fransen en Jim Zweers hebben een noot geschreven bij de uitspraak van de Afdeling van 18 augustus 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1845) over ondergrondse hoogspanningsverbindingen. Daarbij wordt ingegaan op de toepassing van het beleid van het toenmalige ministerie van VROM inzake bovengrondse hoogspanningsverbindingen. Verder komt het aspect cumulatie van magnetenvelden aan de orde en wordt ingegaan op de wenselijkheid om bij planvorming magneetvelden in kaart te brengen. Zie STAB OGR updates 2021-0182.