Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 30 maart 2022 (ABRvS 202105374/1/R3): Awb, Wro; weigering om bpl te herzien, verhuur pand als recreatiewoning, vooringenomenheid, vertrouwensbeginsel, motivering, tussenuitspraak
* 30 maart 2022 (ABRvS 202105165/1/A2): Awb, Wro; planschade (Rb Gelderland 20/5344)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202104917/1/R3): Awb, Wro; afwijzing bpl vast te stellen, werkplaats, zienswijzen, motivering, tussenuitspraak
* 30 maart 2022 (ABRvS 202104163/1/R1): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunning voor bouwen en aanleggen uitweg, supermarkt en woningen, vooroverleg, Ladder/Bro, bestaand stedelijk gebied, provinciale verordening, motivering
* 30 maart 2022 (ABRvS 202104044/1/A2): Awb, Wvw 1994; verzoek tot nemen verkeersbesluit, voetgangersoversteekplaats, veiligheid/CROW/SWOV
* 30 maart 2022 (ABRvS 202103182/1/A2): Awb, Wvw 1994; verkeersbesluit, oplaadpunt elektrische voertuigen, belangenafweging, ORAC’s (Rb Den Haag 20/2412)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102771/1/R1): Awb, Waterwet; projectplan, oeververvanging, damwand, m.e.r.-beoordeling, gedoogplichtbeschikkingen (Rb Den Haag 20/4615, 20/4618, 20/42622, 20/4624 t/m 20/4630, 20/4632)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102651/1/A3): Awb, Wnb; vergunning, garnalenvisserij, herstelbesluit, passende beoordeling, horen belanghebbenden
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102649/1/A3): Awb, Nbw; vergunning, garnalenvisserij, herstelbesluit, horen belanghebbenden, cumulatieve gevolgen, motivering
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102449/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, zonnepark, omgevingsvisie, provinciale omgevingsverordening, stads-en dorpsrand (Rb Rotterdam ROT 19/6123, 19/6168, 19/6285 en 19/6293)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102282/1/R4): Awb, Wm; geluidsaneringsplan, geluidproductieplafonds, akoestisch onderzoek
* 30 maart 2022 (ABRvS 202102072/1/R3): Awb, Wro; bpl, deeltraject provinciale weg, geluid, verkeersmodel, reconstructie/Wgh, woon- en leefklimaat, stiltegebied, provinciale omgevingsverordening, verkeer, licht, luchtkwaliteit, natuur/compensatie/vleermuizen, cumulatieve effecten, verkeersveiligheid
* 30 maart 2022 (ABRvS 202101536/1/R3): Awb, Wabo, Nbw, Waterwet; vergunningen en ontheffing, bouw en exploitatie van windturbines, belanghebbenden/relativiteit
* 30 maart 2022 (ABRvS 202101301/1/R4): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunning voor bouwen, clubhuis, stikstof/geen passende beoordeling/ geen m.e.r.-beoordeling, Ladder/Bro, provinciale omgevingsverordening, geluid, omvang akoestisch rapport
* 30 maart 2022 (ABRvS 202101297/1/R2): Awb, Wro; bpl, spoorwegonderdoorgang, gevolgen spoor veranderen niet, verkeer, geluid, cumulatie
* 30 maart 2022 (ABRvS 202101182/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en maken uitweg, appartementen, geluid, representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden (Rb Oost-Brabant 20/2132 en 20/2133)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202101004/1/A3): Awb, Gmw; handhaving, afmeren van schrootschepen, wachtplaats, verordening, milieugevolgen, geen inrichting, motivering (Rb Noord-Holland 19/2648)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202100617/1/R3): Awb, Wro; bpl, glastuinbouw, verzamelplan, vertrouwensbeginsel
* 30 maart 2022 (ABRvS 202100417/1/R3): Awb, Wro; wijzigingsplan, mogelijkheid bouwen langs weg, verkeersveiligheid/relativiteit
* 30 maart 2022 (ABRvS 202100262/1/A3): Awb, Hvw; boete, woningonttrekking, feiten en omstandigheden, boetestelsel/differentiatie, verordening, evenredigheid (Rb Amsterdam 19/1684)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202100025/1/R3): Awb, Tracéwet; Tracébesluit geeft geen aanleiding woning te voorzin van geluidwerende voorzieningen, akoestisch onderzoek/geluidwering
* 30 maart 2022 (ABRvS 202007151/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, plaatsen slagbomen en verbreden hekwerk, belangenafweging (Rb Gelderland 19/1210)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202007137/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor slopen, kappen, bouwen, afwijken bpl en handelingen met gevolgen beschermde monumenten, nieuwbouw en renovatie, planuitwerkingskader/volledige afweging, tussenuitspraak (Rb Den Haag 20/3572)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202007134/1/R3): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, recreatiewoning, afwijking vergunning, vertrouwensbeginsel, evenredigheid (Rb Rotterdam 19/3552)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202006093/1/R2): Awb, Wgh; HGW/wegverkeerslawaai, bouw appartementen, geluid, relativiteit
* 30 maart 2022 (ABRvS 202005157/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, servicegebouw sport- en ontmoetingscentrum, relatie met bpl/procedure (Rb Overijssel  19/1966)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202003999/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, (plan) m.e.r.-plicht, bodemdaling/trilling, gevolgen voor vuilwal, putintegriteit, schade, tussenuitspraak
* 30 maart 2022 (ABRvS 202002566/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, herbouw dierenverblijf, hobbymatig, provinciale verordening (Rb Oost-Brabant 19/2625)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202001823/1/A2): Awb, Wvw 1994; handhaving, bestuursdwang, wegslepen auto, verhaal kosten, evenredigheid (Rb Oost-Brabant 19/841)
* 30 maart 2022 (ABRvS 202001564/1/R2): Awb, Wabo; handhaving, uitbouw, bijbehorend bouwwerk/vergunningvrij/Bor (Rb Zeeland-West-Brabant 19/2988)
* 30 maart 2022 (ABRvS 201907590/4/R3): Awb, Wro; bpl, attractiepark, parkeren, max. aantal bezoekers, einduitspraak n eerdere tussenuitspraak
* 30 maart 2022 (ABRvS 201904761/3/R3): Awb, Wro; bpl, bouwvlak, provinciale verordening, veen(weide)landschap/linten, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 29 maart 2022 (CBb 20/424): Awb, Wet dieren; boete, vangletsel pluimvee, dierenwelzijn, bewijslast, kleurenblind zijn, motivering (Rb Rotterdam ROT 18/3246, ROT 18/3247, ROT 18/3248, ROT 18/3249, ROT 18/3250, ROT 18/3252 en ROT 18/3253)
* 29 maart 2022 (CBb 21/143): Awb; schadevergoeding, niet kunnen verkopen fosfaatrechten, causaal verband aannemelijk
* 28 maart 2022 (Rb Overijssel 08-997023-17): Sr, Wabo, Wm; zoutwinningsbedrijf, grondwatermonitoring, boorputten/lekkage/bodemverontreiniging, Reach, geen directe melding aan toezichthouder
* 28 maart 2022 (ABRvS 202102784/1/R4 en /2/R4): Awb, Wro; vovo en kortsluiten, bpl, woningen, structuurvisie, landschappelijke inpassing, parkeren
* 28 maart 2022 (ABRvS 202200986/2/A2): Awb; vovo, mededeling dat woning niet beoordeeld zal worden in het kader van het versterkingsprogramma, richtlijn NPR:9998 (Rb Noord-Nederland 20/3395)
* 25 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 21/4054): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, drugs, eigenaar/overtreder, evenredigheid, tussenuitspraak
* 25 maart 2022 (ABRvS 202107300/1/R1 en /2/R1): Awb, Wm; vovo en kortsluiten, locatie voor plaatsen ondergrondse restafvalcontainer, beleidsregels, draagvlak, alternatieve locaties
* 25 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/1071 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, verhuur woning voor recreatie, strijd met goede ruimtelijke ordening
* 25 maart 2022 (HR 21/00185): Europees recht, kort geding, terugnameplicht afval afkomstig uit andere EU-lidstaat (art. 22 EVOA); horizontale werking in privaatrechtelijke rechtsverhouding; criteria. (PG HR 21/00185)
* 25 maart 2022 (Rb Midden-Nederland 9677151 MV EXPL 22-24 PM/45352): BW; kort geding, ontruiming woning, ernstige vervuiling, (geluids)overlast en brandgevaar.
* 24 maart 2022 (Rb Limburg ROE 21/343 en ROE 21/344): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, huisvesten arbeidsmigranten (short stay), woon- en leefklimaat, geluidhinder
* 24 maart 2022 (CBb 22/298): Awb, Wet dieren; vovo, dwangsom, houden van konijnen, dierenwelzijn
* 23 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 20/564, 21/71 en 21/3707): Awb, AWR; aanslagen watersysteemheffing gebouwd binnendijks; verbindendheid Verordening en de Kostentoedelingsverordening, Grondwet/EVRM, immateriële schadevergoeding
* 23 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/2764): Awb, Wabo; buiten behandeling stellen omgevingsvergunning voor bouwen, paardenstal, aanvullende info, communicatie, motivering
* 23 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/4274): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, vervanging kozijnen in voorgevel pand, deskundigenadvies, geen herstel of verbetering van de cultuurhistorische waarde
* 23 maart 2022 (Rb Limburg ROE 21/1678 V): Awb; verzet, overschrijding beroepstermijn, verschoonbaarheid, recente wetenschappelijke inzichten en veranderende maatschappelijke opvattingen over de verhouding tussen overheid en burger
* 23 maart 2022 (Rb Overijssel ZWO 21/814): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor kappen, eik, kapverordening, bomenlijst, motivering
* 23 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 20/3614): Awb, Wgb; handhaving, boete, gebruik illegale biocide, bevoegdheid Rb, doorsturen CBb
* 23 maart 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 21/308 en SHE 21/368 en SHE 20/2745): Awb, Nbw; vergunning, veehouderij, noodzaak vergunning/procesbelang, referentiesituatie, prestaties van emissiearme huisvestingsystemen, verkeer, beweidingsemissies, beschikbare areaal, motivering
* 23 maart 2022 (ABRvS 202107635/2/R3): Awb, Wro; vovo, bpl, ruimte-voor-ruimtewoning, Rood voor Rood beleid, belangenafweging
* 23 maart 2022 (ABRvS 202200072/2/R2): Awb, Wro, Wabo; vovo, bpl/omgevingsvergunning voor bouwen, woningen, welstandsvrij gebied, stedenbouwkundige voorschriften, geen willekeur, parkeren, geluid, VNG-brochure, verkeer, Ladder/behoefte
* 21 maart 2022 (Rb Limburg ROE 20/3524): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor gewijzigd gebruik, belanghebbende, procesbelang, ontvankelijkheid
* 21 maart 2022 (Rb Overijssel AWB 21/28): Awb, DHW, Gmw; DHW- en exploitatievergunning, horeca, Wet Bibob
* 21 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2030): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, afbakening waardedalingsgebied, Atlas
* 18 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/832): Awb, Gmw; vovo, handhaving, sluiting horeca, illegaal gokken en softdrugsgebruik, APV, openbare orde
* 17 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 20/3361): Awb, Wnb; veergunning, veehouderij, referentiesituatie/PAS, RAV-codes, onderzoeken/WUR, biologische combiluchtwasser, controle en handhaving, andere stikstofbronnen
* 17 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/3601): Awb, Gmw; standplaatsvergunning, ontheffing verkooptijden, beleidsregel, evenredigheid, motivering
* 17 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1915 WABO): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, realisatie/legalisatie van twee woonunits ter huisvesting van werknemers, binnenplanse vrijstelling/tijdelijkheid
* 16 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 22/124): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, verwijderen tunnelkas en schuur, bevoegdheid, zicht op legalisatie, motivering
* 16 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 22/56): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, staken bamboekwekerij, beheersverordening, planregels, overgangsrecht, bevoegdheid, begunstigingstermijn
* 16 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2533): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, waardedalingsgebied/methode van Atlas
* 16 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3371 en 21/3008): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, onderzoek van Atlas, differentiatie van het imago-effect per locatie
* 15 maart 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 21/417): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, knip/beweiden, aanvraag, motivering
* 15 maart 2022 (Hof Amsterdam 200.275.224/01): BW; verkrijgende verjaring van percelen grond; vordering van de eigenaar tot beëindiging van het bezit is na twintig jaar verjaard, . verjaringstermijn niet verlengd, want niet gestuit binnen vijf jaar voor het verstrijken
* 14 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 20/5085): Awb; verzoek om herziening, boete/Hvw; niet melden vakantieverhuur, uitspraak ABRvS, verbindendheid verordening
* 14 maart 2022 (Rb Limburg ROE 22/432): Awb, Wabo, Gmw; opheffing vovo, handhaving, dwangsom, aluminiumsmelterij, diffuse emissies, al dan niet afwijken van vergunde situatie, vaststelling overtreding, aanname dat  rook geur veroorzaakt
* 11 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2708 en 21/2715): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, WOZ-waarde
* 10 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1273): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, bewijsvermoeden, afwijkingen tussen vloerdelen niet veroorzaakt door trillingen, maar door wateroverlast
* 10 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1857): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, schades zijn deels identiek aan eerder door NAM behandelde schades, schade aan betonvloer/veenoxidatie, coulance
* 10 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 21/1370): Awb, Gmw; handhaving, sluiting woning, overlast, bedreigingen
* 10 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/3549): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, veranderen winkel/woningen, parkeren, gelijkheidsbeginsel, motivering
* 10 maart 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/3005-T): Awb, Wnb; ontheffing, doden spreeuwen, voorkoming van belangrijke schade, deels andere bevredigende oplossingen, te hoog quotum, voorschriften onvoldoende duidelijk, tussenuitspraak
* 9 maart 2022 (Rb Limburg ROE 21/1888): Awb, Ww, Gmw; handhaving, dwangsom, Bouwbesluit, overdacht perceel, geen belang meer, ontvankelijkheid
* 9 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1695): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, hardheidsclausule, bewijsvermoeden, herstelkosten, bevoegdheid eerder door NAM beoordeelde schades mee te nemen, motivering
* 7 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 22/387): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, hennepkwekerij, noodzaak, onderbouwing, evenredigheid
* 7 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2137): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, tussentijdse postcodewijziging, juiste waardedalingspercentage, motivering
* 3 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 22/309, AMS 21/6073 en AMS 21/6087): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, verbouwen pand naar woningen, karakteristieke hoofdvorm, goede ruimtelijke ordening, bereikbaarheid hulpdiensten
* 3 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 22/441 en AMS 21/5103): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen, splitsing woning en maken dakopbouw en aanbouw
* 28 februari 2022 (Rb Limburg ROE 22/178): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid, evenredigheid
* 28 februari 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/807 GEMWT VV): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, staken van grondwerkzaamheden, financieel belang
* 25 februari 2022 (Rb Den Haag SGR 20/7552): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 24 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/1109): Awb, Wabo; handhaving, milieuvergunning, geluid, nieuwe eigenaar, nieuwe procedures, procesbelang, ontvankelijkheid
* 24 februari 2022 (Rb Amsterdam AMS 20/346, AMS 20/365, AMS 20/366, AMS 20/371 en AMS 20/646): Awb, Wabo, Hvw, Gmw; handhaving, boete/dwangsom, woningonttrekking zonder vergunning, strijd met bpl, procesbelang, ontvankelijkheid, verbindendheid huisvestingsverordening, overtreders
* 22 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/1611, 20/1620, 20/1665, 20/1667 en 20/1668): Awb, Wabo; omgevingsvergunning milieu, varkenshouderij met mestverwerkingsinstallatie, Chw/verwijzing in het besluit/ontvankelijkheid, m.e.r.-plicht, Wet Bibob, geur, verkeer, Wnb/relativiteit
* 22 februari 2022 (Rb Amsterdam AMS 21/1648): Awb, Gmw; omzetting exploitatie-vergunningen, passagiersvaart, verordening van onbepaalde naar bepaalde tijd
* 18 februari 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1773): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, geen relevante bevingen, motivering dat geen waardedalingsvergoeding
aan de orde is
* 17 februari 2022 (Rb Limburg ROE 22/267): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid
* 9 februari 2022 (Rb Amsterdam AMS 21/511): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor verplaatsen uitweg, doorbreking structuur van straat, afbreuk ruimtelijke belevingswaarde van gebied
* 27 januari 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/1368): Awb; invordering dwangsommen, permanente bewoning van recreatieverblijven, bewijslast
* 10 januari 2022 (Rb Amsterdam AMS 20/3858, 20/3859, 20/3860, 20/3861, 20/3862 en 20/3864 en AMS 20/3769): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en tijdelijk afwijken van bpl, reclameobjecten (Mupi’s), zichtlijnen, bewegende beelden, APV, verkeersveiligheid
* 25 november 2021 (Rb Limburg ROE 21/2929): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor kappen boom, waarde boom voor stads- en dorpsschoon en de beeldbepalende waarde, motivering, belanghebbende, eigenaren
* 10 november 2021 (Rb Limburg AWB/ROE 19/3406): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, composteringsbedrijf, hoogte composthopen, geur, vergunningvoorschriften
* 11 juni 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4808): Awb, Wabo; verzoek om intrekking terrasvergunning, draagkrachtconstructie van het dak, toestemming feitelijk onderzoek
* 26 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/1289 en UTR 21/1317): Awb, Wabo, Gmw; vovo en korstluiten, handhaving, dwangsom, verwijderen speelobjecten en herstellen gebruik perceel, bevoegdheid, zicht op legalisatie
* 20 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/2912-T): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen, motivering, tussenuitspraak
* 12 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4177): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, illegale kap, bewijslast, motivering
* 12 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4266): Awb, AWR; leges, omgevingsvergunning, soort woning
* 3 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 19/5421): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor kappen, bouwen, afwijken bpl en aanleggen, woning met uitweg, welstand, kruimelgevallenregeling, motivering
* 21 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/1920): Awb, AWR; leges, omgevingsvergunning, verordening
* 20 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4340): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, dakopbouw en dakterrassen, motivering
* 20 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/908): Awb, Wabo; buiten behandeling stellen aanvraag omgevingsvergunning, gevraagde aanvullende gegevens niet overgelegd, Mor
* 20 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4244): Awb, Wabo; herhaalde aanvraag, niet in behandeling nemen, 4:6 Awb mag niet worden toegepast na een buitenbehandelingstelling o.g.v. 4:5 Awb
* 10 maart 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/1766 en UTR 20/1798): Awb, Wvw 1994, verkeersbesluit, doorstroming verkeer/plan, veiligheid fietsers, belangenafweging

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 30 maart 2022 (ABRvS 202104917/1/R3): Awb, Wro; afwijzing bpl vast te stellen, werkplaats, zienswijzen, motivering, tussenuitspraak
4.3.    De Afdeling is van oordeel dat [appellant] terecht klaagt dat hij niet in de gelegenheid gesteld is te reageren op de ingediende zienswijzen, waartoe de raad hem de gelegenheid had moeten bieden op grond van artikel 3:15, derde lid, van de Awb. Zoals uit de Memorie van Toelichting bij de Wet uniforme openbare voorbereidingsprocedure Awb (Kamerstukken II, 1999-2000, 27 023, nr. 3, blz. 25) blijkt, betekenen de woorden ‘zo nodig’ niet dat het bestuursorgaan vrij is naar believen al of niet toepassing te geven aan deze bepaling. Met de bedoelde zinsnede wordt slechts aangegeven dat er gevallen kunnen zijn waarin toepassing duidelijk niet nodig is. De Afdeling is van oordeel dat van een dergelijk geval geen sprake is.

Het betoog slaagt.
5.2.    De Afdeling is van oordeel dat het bestreden besluit onvoldoende is gemotiveerd en daarmee in strijd is met artikel 3:46 van de Awb. Zoals is overwogen onder 21.1 van de uitspraak van de Afdeling van 30 juni 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1424) mag het ontbreken van draagvlak een rol spelen bij het besluit om een bestemmingsplan niet vast te stellen. Het ontbreken van draagvlak kan echter geen dragend argument zijn om een plan niet vast te stellen. Een dergelijk besluit dient in de eerste plaats te zijn ingegeven door ruimtelijke motieven die deugdelijk zijn onderbouwd. De raad heeft het ontbreken van draagvlak dus mogen betrekken bij het afwijzen van de aanvraag om het bestemmingsplan vast te stellen. Daarbij dient de raad evenwel ook een deugdelijke ruimtelijke motivering te geven voor het niet vaststellen van het bestemmingsplan.

* 30 maart 2022 (ABRvS 202104163/1/R1): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunning voor bouwen en aanleggen uitweg, supermarkt en woningen, vooroverleg, Ladder/Bro, bestaand stedelijk gebied, provinciale verordening, motivering
3.5.    Ter zitting hebben GS aangegeven dat het provinciebestuur slechts enkele dagen voorafgaande aan de terinzagelegging van het ontwerpplan per mail te horen kreeg dat het plan ook in 36 woningen voorziet. Dat zou gepaard zijn gegaan met bestuurlijke druk om akkoord te gaan. Daarbij stond de datum van de terinzagelegging van het ontwerpplan al vast, omdat een latere datum ertoe zou leiden dat het plan onder de nieuwe Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 zou vallen, waarmee het plan in strijd is.

3.6.    De raad is niet gebonden aan het standpunt van het provinciebestuur in het kader van vooroverleg. Dat neemt naar het oordeel van de Afdeling niet weg dat het gemeentebestuur de procedure zodanig vorm dient te geven dat de vooroverlegreactie van de provincie van reële betekenis kan zijn in de besluitvorming. Dat is in dit geval niet het geval geweest. Enerzijds door de beperkte informatievoorziening bij het overleg op 17 juni en 10 juli 2020. En anderzijds doordat, nadat de inhoud van het plan aan het provinciebestuur bekend was gemaakt, het gemeentebestuur onvoldoende tijd heeft vrijgemaakt voor het provinciebestuur om een vooroverlegreactie op te stellen en voor het gemeentebestuur om die reactie nog voor de ter inzagelegging op 31 juli 2020 inhoudelijk bij de belangenafweging te betrekken. Het plan is derhalve vastgesteld in strijd met de verplichting tot vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Bro. Het betoog slaagt.

* 30 maart 2022 (ABRvS 202102282/1/R4): Awb, Wm; geluidsaneringsplan, geluidproductieplafonds, akoestisch onderzoek
5.       [appellante] stelt in beroep dat geluidoverlast wordt veroorzaakt door de Nieuw Nutherweg en de Ring Parkstad/N300.

5.1.    Zoals de minister heeft toegelicht tijdens de zitting, is er eerder bij de Afdeling een rechtszaak gevoerd over de Ring Parkstad in het gebied van de Stadsregio Parkstad Limburg, die heeft geleid tot de uitspraak van 7 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU7002. In die zaak was onder meer een berekening aan de orde van de geluidsbelasting van de A76 op de woning [locatie 1]. De Afdeling merkt hierbij op dat het achterliggende juridische kader van die zaak de Wet geluidhinder was, terwijl in de thans voorliggende zaak over het saneringsplan het juridische kader door de Wet milieubeheer wordt gevormd. De thans voorliggende zaak dient daarom uitsluitend binnen het juridische kader van de Wet milieubeheer te worden beoordeeld. Het saneringsplan is vastgesteld in verband met de geluidbelasting van rijkswegen, in dit geval de A76. In deze zaak speelt de vraag of de door [appellante] genoemde woningen aangemerkt moeten worden als zogenoemde “saneringsobjecten” (als bedoeld in artikel 11.57 van de Wet milieubeheer). Voor de bepaling of sprake is van “saneringsobjecten”, is de Ring Parkstad/N300 en de Nieuw Nutherweg niet van betekenis en daarom zal in deze uitspraak niet inhoudelijk worden ingegaan op hetgeen [appellante] daarover naar voren heeft gebracht.

* 30 maart 2022 (ABRvS 202101004/1/A3): Awb, Gmw; handhaving, afmeren van schrootschepen, wachtplaats, verordening, milieugevolgen, geen inrichting, motivering (Rb Noord-Holland 19/2648)
5.2.    Het college stelt zich terecht op het standpunt dat de regels uit het Activiteitenbesluit alleen gelden voor inrichtingen. De onder 5 genoemde artikelen van de VHW gelden echter ongeacht of sprake is van een inrichting. Uit de toelichting bij de VHW volgt bovendien dat de VHW in aanvulling op onder meer de Wet milieubeheer en de Wet vervoer gevaarlijke stoffen aanvullende regels stelt zodat een veilig en milieuverantwoord waterbeheer gewaarborgd blijft. Als het college constateert dat een van deze artikelen wordt overtreden, is het bevoegd om daar handhavend tegen op te treden. In dat verband heeft het college onvoldoende onderzoek verricht naar de vraag of de artikelen 19, 31 en 33 van de VHW zijn geschonden. Weliswaar heeft het college ook op dit punt navraag gedaan bij de scheepvaartmeesters die dienst doen op de Waarderbrug, maar het college heeft niet aangegeven wat zij precies hebben waargenomen en waar dit op is gebaseerd. Hierdoor is onduidelijk of er een overtreding van de VHW heeft plaatsgevonden doordat, zoals [appellante] stelt, de schepen van Treffers hinder, overlast of vervuiling veroorzaken. Omdat binnen de inrichting van Treffers het schroot moet worden natgehouden is niet bij voorbaat uit te sluiten dat de aanwezigheid van schroot op de schepen milieugevolgen met zich brengt. Daarbij acht de Afdeling van belang dat uit de correspondentie tussen het college en de Omgevingsdienst naar aanleiding van een vraag van het college hierover volgt dat volgens de Omgevingsdienst het afdekken van het schroot op de schepen een goede optie zou kunnen zijn, omdat nathouden, zoals binnen de inrichting van Treffers gebeurt, niet geschikt is op het water. Uit het dossier blijkt niet dat het college hier onderzoek naar heeft verricht. Hieruit leidt de Afdeling af dat het college onvoldoende heeft onderzocht wat de milieugevolgen kunnen zijn van schepen die afmeren met onafgedekt schroot, of schroot dat niet wordt natgehouden, en of dat een overtreding oplevert van de VHW.

5.3.    Het betoog slaagt.

* 23 maart 2022 (Rb Limburg ROE 21/1678 V): Awb; verzet, overschrijding beroepstermijn, verschoonbaarheid, recente wetenschappelijke inzichten en veranderende maatschappelijke opvattingen over de verhouding tussen overheid en burger
Na verzet acht de rechtbank overschrijding van de beroepstermijn alsnog verschoonbaar. De rechtbank gaat daarbij uit van een minder strikte uitleg van artikel 6:11 van de Awb dan in de heersende jurisprudentie wordt gevolgd. Artikel 6:11 van de Awb bevat een dwingendrechtelijke norm die beoordelingsruimte biedt, maar de wetgever heeft die uitzondering niet ruim bedoeld. Recente wetenschappelijke inzichten en veranderende maatschappelijke opvattingen over de verhouding tussen overheid en burger, maken het nodig dat in de balans tussen het perspectief van rechtszekerheid en eigen verantwoordelijkheid van de burger enerzijds en het perspectief van rechtsbescherming en realistisch burgerbeeld anderzijds, een verschuiving plaatsvindt die doorwerkt in de uitleg van de van artikel 6:11 van de Awb.

Dat de termijnoverschrijding in dit geval verschoonbaar is, komt onder meer doordat de betrokkene niet over beroepsmatige rechtsbijstand beschikt en geen ervaring heeft met procedures bij de bestuursrechter. Nu geen belangen van derden op het spel staan hoeven bovendien aan de bewijsvoeringslast geen hoge eisen te worden gesteld. Daar komt bij dat het beroep slechts één dag te laat is. Naarmate de overschrijding langer is, heeft een betrokkene meer uit te leggen. Hoewel de betrokkene zijn stellingen niet met bewijstukken heeft gestaafd, vindt de rechtbank dat hij deze voldoende inzichtelijk heeft gemaakt . Aannemelijk is dat betrokkene beperkt is door gezondheidsklachten en problemen in de familie- en sociale sfeer, en dat hij ook met stress en onzekerheid over het geschil met de SVB, heeft te kampen. Ten slotte is het niet realistisch om ervan uit te gaan dat de betrokkene wist, of had moeten weten, dat het voor behoud van de termijn mogelijk is om met een eenvoudige brief beroep op nader aan te voeren gronden in te stellen.

* 23 maart 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 21/308 en SHE 21/368 en SHE 20/2745): Awb, Nbw; vergunning, veehouderij, noodzaak vergunning/procesbelang, referentiesituatie, prestaties van emissiearme huisvestingsystemen, verkeer, beweidingsemissies, beschikbare areaal, motivering
In het bestreden besluit heeft GS de natuurvergunning geweigerd voor het beweiden van melkvee en de vergunning voor het overige deel van het project verleend omdat geen sprake is van een toename in stikstofdepositie. GS gaat er hierbij van uit dat de depositie van de stal en het bemesten afneemt wanneer het melkrundvee ook in de wei wordt gezet. In het herstelbesluit heeft verweerder de gehele aanvraag afgewezen. De rechtbank stelt vast dat beweiden van vee altijd een onlosmakelijk onderdeel heeft uitgemaakt van deze veehouderij. In de omgevingsvergunningen is rekening houden met beweiden en de veehouder doet mee sinds 2009 meedoet aan het Weidemelk keurmerk. In het bestreden besluit is ten onrechte een knip gemaakt in het project door de aanvraag, voor zover deze ziet op beweiden, af te wijzen.

De rechtbank stelt voorop dat GS niet bij iedere melkrundveehouderij de omvang en situering van het beschikbare areaal weidepercelen hoeft te onderzoeken, omdat significante gevolgen van wijzigingen in dit areaal veelal op voorhand kunnen worden uitgesloten als de weidepercelen van de veehouderij op enige afstand van Natura 2000-gebieden af liggen. In dit geval is wel aanleiding voor een onderzoek naar substantiële wijzigingen in het areaal weidepercelen ten opzichte van de referentiesituatie in de omgevingsvergunning van 2016 omdat de huiskavel van de veehouderij direct naast het betrokken Natura 2000-gebied ligt. Als de veehouderij na de referentiesituatie meer koeien is gaan beweiden op korte afstand van het Natura 2000-gebied, zijn significante gevolgen niet op voorhand uitgesloten. Een dergelijke beoordeling heeft in het bestreden besluit noch in het herstelbesluit plaatsgevonden. Daarom wordt het herstelbesluit ook vernietigd en moet GS een nieuw besluit nemen. De rechtbank geeft hiervoor aanwijzingen.

* 17 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/3601): Awb, Gmw; standplaatsvergunning, ontheffing verkooptijden, beleidsregel, evenredigheid, motivering
Aan eiseres is een standplaatsvergunning verleend. Uit het door verweerder opgestelde beleid volgt dat de verkoopwagen buiten de verkooptijden van de locatie dient te zijn verwijderd. Eiseres heeft verweerder verzocht om ontheffing dit voorschrift. Verweerder heeft toegelicht dat de doelen van de beleidsregels gelegen zijn in een schoon strand, een vrij strandaanzicht en dat er geen obstakels zijn in het geval van een calamiteit. Volgens verweerder weegt het algemeen belang dat gediend is bij die doelen daarom zwaarder dan het persoonlijk belang van eiseres. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder met die belangenafweging niet de juiste toets aangelegd in het kader van artikel 4:84 van de Awb. Verweerder dient te beoordelen of de mobiliteitseis in dit concrete geval tot onevenredige gevolgen leidt voor eiseres, omdat zij aan de ziekte MS lijdt en zij daardoor moeite heeft de verkoopwagen te verplaatsen. De stelling dat de ontheffing van de mobiliteitseis zorgt voor precedentwerking is daarbij niet van belang, omdat dit niets afdoet aan de gevolgen die de mobiliteitseis voor eiseres teweeg brengen. Het beroep is gegrond.

* 17 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 20/3361): Awb, Wnb; veergunning, veehouderij, referentiesituatie/PAS, RAV-codes, onderzoeken/WUR, biologische combiluchtwasser, controle en handhaving, andere stikstofbronnen
Natuurvergunning voor wijziging van een varkenshouderij. Intern salderen. Referentiesituatie gebaseerd op een eerder verleende natuurvergunning op grond van de PAS. Onherroepelijke natuurvergunning dient als referentiesituatie. Rav-codes. Gelet op de overgelegde rapportages bestaat er twijfel of de beoogde rendementen daadwerkelijk kunnen en zullen worden behaald. Aan de regels van het Activiteitenbesluit en de -regeling ligt geen passende beoordeling ten grondslag. Capaciteit van de handhaving is om de inrichtingen binnen de provincie Groningen met grote regelmaat te bezoeken. Niet inzichtelijk gemaakt dat de benodigde capaciteit voor handhaving dusdanig is dat overtredingen in praktisch opzicht tot een verwaarloosbare toename van de stikstofemissie zouden leiden. Aan- en afvoerbewegingen ten onrechte niet meegenomen in de Aerius-berekeningen. Om die reden schiet Aerius-berekening tekort. Geen verplichting om gebruik elektrische tractoren voor te schrijven.

* 14 maart 2022 (Rb Limburg ROE 22/432): Awb, Wabo, Gmw; opheffing vovo, handhaving, dwangsom, aluminiumsmelterij, diffuse emissies, al dan niet afwijken van vergunde situatie, vaststelling overtreding, aanname dat  rook geur veroorzaakt
Betreft een voorlopige voorziening die is gevraagd hangende bezwaar tegen een last onder dwangsom die erop is gericht dat verzoekster de emissie van damp die vrijkomt bij laden van de smeltovens en die door dakramen en openstaande poort de bedrijfshal verlaat, te beëindigen en beëindigd te houden. Verweerder stelt zich op het standpunt dat deze activiteit niet is vergund en dat verzoekster daardoor zonder dan wel in afwijking van de omgevingsvergunning handelt. Op grond van de geldende milieu-omgevingsvergunning moeten deze (diffuse) emissies via een afzuig- en rookreinigingsinstallatie via de schoorsteen (gekanaliseerd) naar de buitenlucht worden afgevoerd. De voorzieningenrechter betwijfelt of de beschrijving van het bedrijfsproces als een duidelijk en handhaafbaar voorschrift kan worden aangemerkt op grond waarvan geen enkele diffuse emissie die bij het laden van de ovens vrijkomt, naar buiten mag treden. Daartoe is onder meer in aanmerking genomen dat geen gesloten systeem is vergund en dat is onderkend dat niet alleen inherent aan het bedrijfsproces is dat bij het laden diffuse emissies vrijkomen maar dat in de bedrijfsloods ook allerlei andere diffuse emissies vrijkomen die wel de bedrijfshal via openstaande dakramen en poort moeten en mogen verlaten. Tevens is de voorzieningenrechter van oordeel dat de gestelde overtreding onvoldoende is aangetoond. De toezichthouder heeft op afstand gezien dat damp (ongekanaliseerd) buiten de bedrijfshal kwam. Diens aanname aan de hand van de geur die op dat moment door hem is waargenomen dat die damp moet zijn vrijgekomen bij het laden van de ovens, acht de voorzieningenrechter geen deugdelijke vaststelling van de gestelde overtreding. Het dwangsombesluit is daarom geschorst tot zes weken na de bekendmaking van de te nemen beslissing op bezwaar.

* 22 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/1611, 20/1620, 20/1665, 20/1667 en 20/1668): Awb, Wabo; omgevingsvergunning milieu, varkenshouderij met mestverwerkingsinstallatie, Chw/verwijzing in het besluit/ontvankelijkheid, m.e.r.-plicht, Wet Bibob, geur, verkeer, Wnb/relativiteit
Omgevingsvergunning voor uitbreiding mestbe- en verwerking (van 80.000 naar 450.000 m³). Strijd met artikel 11 van het Besluit Chw zodat artikel 1.6a van de Chw niet aan eisers mag worden tegengeworpen. Er is geen sprake van een wezenlijk andere inrichting die door de aanvraag ontstaat, waardoor verweerder niet (meer) bevoegd zou zijn om een veranderingsvergunning te verlenen. De rechtbank is met verweerder van oordeel dat in redelijkheid het mer-beoordelingsbesluit uit 2016, ook na wijzigingen in de aanvraag, betrokken kon worden bij de totstandkoming van het bestreden besluit. Gronden over de Wet Bibob en de Wet natuurbescherming struikelen over het relativiteitsvereiste. Er is met het bestreden besluit geen schaarste gecreëerd, zodat van toedeling van een schaars recht in deze zin bij de omgevingsvergunning geen sprake kan zijn.

De rechtbank stelt vast dat de te verwachten geurbelasting voor de vergunningverlening moest worden berekend omdat zowel de agrarische als de industriële geurbronnen niet of niet volledig operationeel waren. In een dergelijke situatie kan (nog) niet worden gemeten. Hoewel eisers hebben gepleit voor metingen in plaats van berekeningen, is de rechtbank van oordeel dat de wijze waarop de vergunning is voorbereid en de geurbelasting is berekend niet onzorgvuldig, onjuist of anderszins niet conludent is. Of de berekeningen in het geurrapport en de daarbij gehanteerde uitgangspunten uiteindelijk voldoende realistisch en betrouwbaar zijn, en of vergunninghoudster zich aan de voorgeschreven geurvracht kan houden, moet in de (nabije) toekomst blijken uit controlemetingen. De rechtbank concludeert dat uit de controlerapporten van na de datum in geding weliswaar blijkt van geurhinder, in niet gekwantificeerde mate, maar daaruit blijkt niet dat wat is vergund niet vergund had mogen of kunnen worden of dat het voor vergunninghoudster niet mogelijk is zich aan de vergunde geurvracht te houden als alle voorschriften worden nageleefd. Nu de totale geurvracht is gedefinieerd kunnen ook de door eisers gevraagde nadere voorschriften niet tot een hoger beschermingsniveau leiden.

De door eisers geuite vrees voor gezondheidsschade leidt de rechtbank niet tot de conclusie dat verweerder bij de vergunningverlening is uitgegaan van een niet realistische inschatting van de risico’s.

* 25 november 2021 (Rb Limburg ROE 21/2929): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor kappen boom, waarde boom voor stads- en dorpsschoon en de beeldbepalende waarde, motivering, belanghebbende, eigenaren
Kapvergunning voor een boom op de erfgrens, verleend omdat de boom geen bijzondere waarde heeft en de wortelopdruk ter plaatse van de oprit van de vergunninghouder ‘immens’ is. De voorzieningenrechter is voorlopig van oordeel dat de motivering het bestreden besluit niet kan dragen, omdat niet is onderbouwd dat en waarom de waarde van de boom voor stads- en dorpsschoon en de beeldbepalende waarde van de boom zo gering van gewicht zijn dat de vergunning verleend kan worden en waarom deze van geringer gewicht zijn dan het gebruiksgemak van de oprit van vergunninghouder . Hetgeen hierover in het primaire besluit staat (“uit onderzoekt blijkt dat de bedoelde boom geen bijzondere waarde vertegenwoordigt”) correspondeert niet met het beoordelingsformulier waarop de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon en de beeldbepalende waarde van de houtopstand zijn aangekruist als weigeringsgronden, terwijl uit de toelichting op dat beoordelingsformulier niet volgt dat de boom geen (bijzondere) waarde heeft. De voorzieningenrechter acht daarbij van belang dat verzoeksters argumenten in deze motivering een rol dienen te spelen. Daarbij komt dat de voorzieningenrechter, zonder nadere feitelijke toelichting, de zware kwalificatie ‘immens’ voor de wortelopdruk niet kan volgen op basis van de door verweerder overgelegde foto’s. De voorzieningenrechter overweegt tot slot in dit verband ook dat de veiligheid blijkens het primaire besluit nu kennelijk niet in het geding is.

Over de uitvoerbaarheid van het kappen heeft de voorzieningenrechter overwogen dat vergunninghouder belanghebbende is bij de aanvraag om een kapvergunning van de boom omdat de boom mede op zijn perceel staat. Verzoekster heeft gesteld dat zij eigenaar van de boom is, maar de rechtbank stelt aan de hand van de foto’s in het dossier vast dat de boom op de erfgrens staat, zodat niet kan worden uitgesloten dat verzoekster en vergunninghouder beide mede-eigenaren van de boom zijn. Vergunninghouder heeft de kapvergunning aangevraagd en heeft er daarbij op gewezen dat de werkzaamheden in de aanvraag ook voor het adres van verzoekster gelden. Uit de bepalingen van de Apv, noch uit die van de Wabo, volgt niet dat verweerder de gevraagde omgevingsvergunning moest weigeren vanwege het ontbreken van de toestemming van verzoekster als (mede-)eigenaar van de boom. Een andere vraag is echter of vergunninghouder civielrechtelijk gebruik kan maken van zijn vergunning nu de toestemming van verzoekster als (mede-)eigenaar om de boom te kappen kennelijk ontbreekt. Daarover kan in beginsel echter alleen de civiele rechter oordelen, maar de voorzieningenrechter geeft verweerder mee om in bezwaar in dit verband de feitelijke en civielrechtelijke situatie te onderzoeken en te beoordelen in hoeverre dit aan vergunningverlening in de weg kan staan.