Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 6 april 2022 (ABRvS 202105470/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en tijdelijk afwijken bpl, kabelbaan voor Floriade, belanghebbende, m.e.r.-plicht, divers, relativiteit (Rb Midden-Nederland 21/2392 en 21/2407)
* 6 april 2022 (ABRvS 202104784/1/A2): Awb, Wabo, Gmw; aanwijzing panden als gemeentelijk monument (Rb Amsterdam 20/4552)
* 6 april 2022 (ABRvS 202104490/1/R4): Awb, Wm; vaststelling geluidsaneringsplan, geluidproductieplafonds, akoestisch onderzoek, ontbreken wegvak, motivering
* 6 april 2022 (ABRvS 202103913/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afmeren riviercruiseschepen, verlengen van de tijdelijke instandhoudingstermijn, veiligheid/kwetsbaarheid, relativiteit (Rb Amsterdam 20/2754)
* 6 april 2022 (ABRvS 202103778/1/R2): Awb, Wnb; ontheffing, gebiedsontwikkelingsproject, leefgebied van de bunzing, hermelijn en wezel, ecologische verbindingszone
* 6 april 2022 (ABRvS 202103666/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor tijdelijk afwijken bpl en bouwen, gebruik perceel voor modelvliegsport, verstoring koeien, noodzaak voorschrift vlieghoogte (Rb Midden­-Nederland 21/999 en 21/1042)
* 6 april 2022 (ABRvS 202103633/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijken bpl, terras bij horeca, woon- en leefklimaat, stemgeluid, geluidskaart (Rb Amsterdam 19/4390 en 19/4423)
* 6 april 2022 (ABRvS 202103322/1/R1): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, tot woning omgebouwde houten schuur, geen vergunning, strijd met bpl, bevoegdheid, invordering, hoogte dwangsom (Rb Noord-Holland 20/6735 en 20/6736)
* 6 april 2022 (ABRvS 202103061/1/R1): Awb, Wro; afwijzing om wijzigingsplan vast te stellen, supermarkt, verkeersveiligheid
* 6 april 2022 (ABRvS 202102360/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, coffeeshop, belanghebbenden, planregels/coffeeshopverbod/verbindendheid, strijd met bpl   (Rb Amsterdam 20/616 en 20/668)
* 6 april 2022 (ABRvS 202101370/1/R3 en 202101373/1/R3): Awb, Wro, Wgh; wijzigingsplan en HGW, maatbestemming bedrijfswoning en hogere grenswaarden wegverkeerslawaai, VNG-brochure/milieucategorie, Rmg 2012
* 6 april 2022 (ABRvS 202100825/1/R3): Awb, Wabo; handhaving, glashandel- en glasmontagebedrijf naast pallethandel, brandveiligheid, Bouwbesluit, stralingsbelasting (Rb Overijssel 20/119)
* 6 april 2022 (ABRvS 202006039/1/R1): Awb, Wabo; handhaving, minicamping, overtredingen, geen incidenteel-hogerberoepschrift, aangifte/Sv, ontvankelijkheid, exploitatie/ontheffing (Rb Zeeland-West-Brabant 19/5687)
* 6 april 2022 (ABRvS 202005606/1/R1): Awb, Wro; afwijzing aanvraag om een bestemmingswijziging, agrarische bedrijfsactiviteiten
* 6 april 2022 (ABRvS 202005264/1/R4): Awb, Mbw; instemming gaswinningsplan, procedure, looptijd, bodemtrillingen
* 6 april 2022 (ABRvS 202003071/1/R4 en 202003108/1/R4): Awb, Wro; bpl en reactieve aanwijzing, provinciale verordening/toename stedelijke functies in landelijk gebied, motivering
* 6 april 2022 (ABRvS 201909109/2/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, afwijken bpl en milieu, windturbines, geluid, externe veiligheid, Nevele-arrest, kwetsbaar object/Bevi/Activiteitenbesluit, financiële zekerheid, slagschaduw/Activiteitenregeling, maatwerkvoorschrift/bevoegdheid, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 6 april 2022 (ABRvS 201808716/3/R2): Awb, Wro; bpl, actualisatie buitengebied, ruimte-voor-ruimtewoningen, structuurvisie. Parapluhooibergen, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 6 april 2022 (Rb Den Haag SGR 22/1340): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, last onder bestuursdwang, staken exploitatie flitsbezorgsupermarkt met darkstore,  strijd met bpl en voorbereidingsbesluit, geen spoedeisend belang
* 5 april 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 22/736): Awb, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, schietincident, APV, openbare orde, bevoegdheid, motivering
* 5 april 2022 (CBb 20/564): Awb, Wet dieren; verzoek om handhaving, Bhd, varkenshouderij, dierenwelzijn, verzoek is niet te algemeen en te onbepaald, motivering
* 5 april 2022 (CBb 20/541): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrechten, startersregeling, geen strijd met EP/EVRM, heropening/schadevergoeding
* 5 april 2022 (CBb 19/522 en 21/526): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrecht, VWEU/geen melkuitvoer, excretieforfait, geen individuele en buitensporige last
* 5 april 2022 (CBb 20/927): Awb, Wet dieren; handhaving, (spoed)bestuursdwang, in beslagname honden, welzijn, Bhd, kostenbesluit, redelijke termijn/EVRM
* 4 april 2022 (CBb 22/522): Awb, Wet dieren; handhaving, (spoed)bestuursdwang, in beslagname honden en katten, Bhd, belangenafweging, dierenwelzijn
* 4 april 2022 (Rb Den Haag SGR 20/5316, SGR 20/5092 en SGR 20/5226): Awb, Gmw; nachtontheffingen, horeca, APV, Bibob-onderzoek, openbare orde
* 1 april 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 21/2494): Awb, Gmw; handhaving, spoedeisende bestuursdwang, sluiting sauna, tijdelijke regeling maatregelen Covid-19, wellness, uitzonderingen, motivering
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3353 T): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, afbakening waardedalingsgebied, gelijkheidsbeginsel, motivering, tussenuitspraak
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3352): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, Twg, aanvullende schadevergoeding, wel wanden/geen plafonds, zelf in de zaak voorzien
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2623 en 21/3104): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, WOZ-waarde
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3013): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, weerlegging wettelijk bewijsvermoeden
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 22/322): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor veranderen in/uitrit, recreatiepark, geen spoedeisend belang
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 22/1095en 22/1096): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor kappen bomen, belangenafweging
* 31 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/1067): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, bouwstop/dwangsom, bouw afwijkend van eerder verleende vergunning, horen achterwege gebleven, legalisatie-aanvraag buiten behandeling gesteld
* 31 maart 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 22/558, 22/560, 21/4368, 22/472): Awb, Wabo, Gmw; vovo een kortsluiten, omgevingsvergunning voor afwijken bpl, handhaving en dwangsom, kinderopvang op bedrijventerrein, strijd met bpl, gelijkheidsbeginsel, begunstigingstermijn
* 31 maart 2022 (Rb Gelderland AWB 20/750): Awb, Wabo; handhaving, eendenslachterij, uitbreiding met gebouwen en activiteiten, geen vergunning, zicht op legalisatie, reeds lang lopende aanvraag, motivering
* 31 maart 2022 (Rb Gelderland ARN 20/5895): Awb, Wnb; handhaving, eendenslachterij, uitbreiding met gebouwen en activiteiten, geen vergunning, zicht op legalisatie, PAS/landelijke afstemming, referentiesituatie, luchtwasser/beschermingsmaatregel, motivering
* 31 maart 2022 (EH C‑687/20): Niet-nakoming, Portugal, geen geluidsbelastingkaarten voor grote wegen en geen actieplannen voor de agglomeraties en spoorwegen opgesteld, EC niet in kennis te stellen van de informatie die deze kaarten en de samenvattingen van deze actieplannen opleveren-
* 31 maart 2022 (ABRvS 202200659/2/R3): Awb, Wro; vovo, bpl, functiewijziging, agrarisch, woon- en leefklimaat
* 31 maart 2022 (ABRvS 202200887/2/R1): Awb, Wro; vovo, (paraplu-omgevings)bpl, bungalows op recreatiepark, permanente bewoning, niet voorzien in persoonsgebonden overgangsregeling
* 31 maart 2022 (ABRvS 202201279/2/R1): Awb, Wro; vovo, (repartie)bpl, planregels, pluktuin, gebruiksovergangsrecht
* 30 maart 2022 (Rb Limburg ROE 20/2159 en ROE 20/2157): Awb, Wnb; verzoek om intrekking vergunning, veehouderij, overbelaste Natura 2000-gebieden, reductie van stikstofdepositie, maatregelen, motivering, dwangsom
* 30 maart 2022 (Rb Limburg AWB/ROE 20/3095 en ROE 20/3094): Awb, Nbw 1998; handhaving, beweiden en bemesten, vergunningplicht, onderzoek op bedrijfsniveau ontbreekt
* 30 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1833 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijken bpl, bouwen en reclame, pizzaverkoop bij onbemand tankstation, geen bijbehorende detailhandelsvoorziening, geen besluit over reclame
* 30 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/579 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, stal en africhtings- en trainingsruimte voor paarden, strijd met bpl, procedure/vvgb, motivering, tussenuitspraak
* 30 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1243):Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, aanspraak cessie/overdracht
* 30 maart 2022 (ABRvS 202103194/1/R3 en /2/R3): Awb, Wro; vovo en kortsluiten, (niet tijdig nemen van een besluit tot vaststelling) bpl, buitengebied, aannemersbedrijf, woon- en leefklimaat, provinciale omgevingsverordening, VAB+beleid, geluid, VNG-brochure, parkeren, verkeer/CROW
* 30 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2133): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, toepassing van artikel 6:100 BW bij sloop/nieuwbouw, gelijkheidsbeginsel
* 30 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1891): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, waardedaling, verkoopprijs woning/WOZ, eigendomssituatie
* 29 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 22/1284): Awb, Wabo; vovo, verzoek om handhaving/bouwstop, bouwen in afwijking vergunning, brandoverslag, naleving voorwaarden
* 29 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/3838 GEMWT V): Awb; verzet, niet tijdig nemen besluit, woning gebruikt door arbeidsmigranten, procesbelang, ontvankelijkheid,
* 28 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/444 GEMWT): Awb, Wabo; handhaving, recreatiepark, aantal staanplaatsen, overtreding aantal stacaravans, relatie bpl, overgangsrecht, gebruik bedrijfswoning als recreatiewoning, motivering
* 28 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/1989 WABO en BRE 21/954 WABO ): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik, tijdelijke verruiming van het gebruik van de ondergeschikte horeca voor langskomende recreanten op recreatiepark, onvolledige beoordelingstoets
* 28 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/2462 GEMWT): Awb, Wabo; handhaving, bouwstop, vervangen van recreatiewoningen op park door glampingtenten, bevoegdheid, Bor/vergunningvrij
* 25 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/244): Awb, Wabo; omgevingsvergunning verbouw van het rijksmonument, ontvankelijkheid
* 25 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/1136 WABOA): Awb, Wabo; niet tijdig bekendmaken van een van rechtswege verleende omgevingsvergunning, procedure, opvragen nadere informatie/buiten behandeling laten aanvraag, ontvankelijkheid
* 25 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 21/3880): Awb, Hvw; omzettingsvergunningen, verordening, pand- en wijkquotum/indicatie, geluid, studenten, belangenafweging, motivering
* 24 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 22/1098): Awb, Wm; vovo, handhaving, overtredingen Activiteitenbesluit, gevaarlijk stoffen/IBC-container, bodem, werkinstructies, getroffen maatregelen, overleg
* 24 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/776): Awb, Gmw; vovo, exploitatievergunning, niet-commerciële coffeeshop, inschrijftermijn verstreken, geen spoedeisend belang.
* 24 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/15): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, schadevergoeding, bewijsvermoeden, deskundigen, schades/foto’s, zelf in de zaak voorzien
* 24 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 21/4001): Awb; nadeelcompensatie, sluiting avondwinkel, verordening, vereiste van speciale last
* 24 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 19/6280): Awb, DHw, Wok, Gmw; DHw- exploitatie- en aanwezigheidsvergunning, horeca met speelautomaten, Dienstenrichtlijn, APV/ lex silencio positivo, motivering, tussenuitspraak
* 23 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/6695): Awb, Wnb; verzoek om handhaving, overbegrazing van damherten in Natura 2000-gebied, terugbrengen stand van damhert, faunabeheerplan, instandhoudingsdoelstelling, passende maatregel, overtreding zorgplicht
* 22 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/774 en ROT 22/773): Awb, Wabo, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving, dwangsom, huisvesting arbeidsmigranten, strijd met voorbereidingsbesluit, herkomstcriteria/ruimtelijk relevant onderscheid, geen strijd met bpl
* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 22/30): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen, appartementen met parkeergarage met in- en uitrit, grondoverdracht moet nog gebeuren, geen spoedeisend belang
* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 19/8077 en 20/331): Awb, Wabo, Ww, Gmw; handhaving, heistop/dwangsom, invordering Bouwbesluit, overschrijding geluidnorm, blootstellingsduur, geen ontheffing
* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 21/8347): Awb, Wm, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, overtreding Activiteitenbesluit, carbon black, emissies van SO2, stookinstallatie vs. naverbranding, bereik regeling, motivering
* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 22/1052): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, strijdig gebruik perceel, opslag op perceel bollenteeltbedrijf, motivering
* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/4059 en SGR 20/6327): Awb, Wm, Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, feesten in kasteel, overschrijding geluidnormen, Activiteitenbesluit, driver inrichting/zeggenschap/overtreder
* 22 maart 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2228): Awb, Mbw; mijnbouwschade, aardgaswinning, schadevergoeding, bewijsvermoeden, (verschil)zakking, eerdere schade, deskundigen
* 22 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 21/691): Awb; verzet, te laat beroep tegen omgevingsvergunning, geen aanleiding anders te oordelen
* 21 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/7123): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, hennepkwekerij, bevoegdheid, evenredigheid
* 18 maart 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/61): Awb, Wm; weigeren maatwerkvoorschrift voor lozen afvalwater, horeca, Activiteitenbesluit, vetafscheider, doelmatige werking van het riool
* 16 maart 2022 (Rb Limburg ROE 22/590): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, onderzoek ter zitting noodzakelijk, treffen voorlopige voorziening als ordemaatregel
* 11 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/6257): Awb, Svw, Gmw; handhaving, dwangsom, belemmering doorvaart, Bpr, te brede boot, bevoegdheid
* 11 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/7837): Awb, Gmw; terrasvergunning, geen eilandterras, buiten terraszonekaart, APV
* 11 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 20/7630): Awb, Gmw; exploitatievergunning, strijd met bpl, APV
* 11 maart 2022 (Rb Limburg ROE 22/399): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting schuur, drugs, motivering
* 9 maart 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/3010): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, herbouw bouwwerk, begrip bestaand/planregels
* 28 februari 2022 (Rb Limburg ROE 22/186 en ROE 22/195 en ROE 22/187 en ROE 22/194): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo en kortsluiten, handhaving sluiten (huur)woning, bevoegdheid, evenredigheid
* 25 februari 2022 (Rb Den Haag SGR 19/5970 en 19/5964): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, dakopbouw en vergroten verdieping van appartementen, advies vaarwegbeheerder, parkeren
* 25 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/3545, ROE 20/3546 en ROE 21/242): Awb, Wro; planschade, planologische vergelijking, voorzienbaarheid
* 25 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/3172):Awb, Wro; planschade, supermarkten, verhuurbaarheid supermarkt, Netto Aanvangsrendement-methode, Discounted Cashflow berekening, peildatum, taxatie
* 25 februari 2022 (Rb Limburg ROE 20/1802 en 20/1803): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, huisvesten van arbeidsmigranten in recreatiewoningen, verjaring bevoegdheid tot invordering, procesbelang, overtreder, in zijn macht hebben de overtreding te beëindigen, erfpacht en opstalrecht en ondererfpacht met een daarvan afhankelijk opstalrecht
* 18 februari 2022 (Rb Limburg ROE 21/38): Awb, Wabo; handhaving, strijdige bebouwing, garage, inmiddels onherroepelijk verleende vergunning, procesbelang, ontvankelijkheid
* 17 februari 2022 (Rb Den Haag SGR 19/3952): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, strijdig gebruik van woning, splitsing in appartementen, short stay
* 15 februari 2022 (Rb Limburg SGR 20/3645): Awb, Wabo; handhaving, dakterras, onherroepelijke vergunning, afwijking vergunning, motivering
* 24 januari 2022 (Rb Den Haag SGR 20/6946): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor veranderen woning naar woning met B&B, heroverweging in bezwaar, verweer, motivering
* 28 juni 2021 (Rb Den Haag SGR 20/3383): Awb, Waterwet; nadeelcompensatie, inkomens- en vermogensschade door projectplan, kustversterking, kortingen op omzetdaling en overige indirecte bedrijfskosten , motivering, tussenuitspraak
* 13 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 21/315): Awb, Gmw; buitenbehandeling stellen aanvraag voor exploitatievergunning, restaurant, voorbarigheid, gelegenheid bieden onduidelijkheden weg te nemen, motivering

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 6 april 2022 (ABRvS 202102360/1/R1): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen, coffeeshop, belanghebbenden, planregels/coffeeshopverbod/verbindendheid, strijd met bpl   (Rb Amsterdam 20/616 en 20/668)
.1.    In het op de locatie van de beoogde coffeeshop geldende bestemmingsplan “Amstel III Oost” is in artikel 15, tweede lid, onder b, van de regels een expliciete bepaling over verboden gebruik opgenomen. Het gebruik van gronden en gebouwen ten behoeve van een coffeeshop is onderdeel van algemene gebruiksregels, waarin vormen van gebruik worden opgesomd die in ieder geval niet zijn toegestaan op gronden met de bestemming “Gemengd”. De Afdeling is van oordeel dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de vaste rechtspraak van de Afdeling dat de verkoop van softdrugs planologisch niet te reguleren is omdat deze verkoop in strijd is met de Opiumwet, niet ook als vanzelfsprekend van toepassing is op dit geval. Uit de jurisprudentie van de Afdeling, bijvoorbeeld de uitspraak van 21 april 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO7946, de uitspraak van 11 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2082, en de uitspraak van 15 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1188, kan weliswaar worden afgeleid dat het niet mogelijk is om in een bestemmingsplan te bepalen waar een coffeeshop expliciet is toegestaan, maar dat betekent niet dat het niet mogelijk is om te bepalen waar een coffeeshop niet is toegestaan. Anders dan bijvoorbeeld het geval was in de tussenuitspraak van de Afdeling van 10 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX9710, wordt een coffeeshop in dit geval planologisch juist niet mogelijk gemaakt. In die zaak had de raad coffeeshops immers positief bestemd en aldus planologisch mogelijk gemaakt. Dat werd door de Afdeling ongeoorloofd geacht, wegens strijd met de Opiumwet. In de einduitspraak is het bestemmingsplan vernietigd, voor zover in artikel 1 van de planregels is geregeld dat in de voorziene coffeeshops verdovende en/of hallucinerende stoffen mogen worden verkocht. De Afdeling is van oordeel dat in hoger beroep terecht wordt betoogd dat het in artikel 15, tweede lid, onder b, van de planregels opgenomen gebruiksverbod in overeenstemming is met artikel 3 van de Opiumwet en in zoverre is er geen aanleiding om het coffeeshopverbod onverbindend te achten.

Gelet hierop heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat artikel 15, tweede lid, onder b, van de planregels voor wat betreft het daarin vermelde coffeeshopverbod onverbindend is. Het coffeeshopverbod is een verbindende bepaling en Best Friends Zuid Oost B.V. heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het oprichten van een gebouw ten behoeve van een coffeeshop. De omgevingsvergunning is ook expliciet verleend voor het oprichten van een gebouw ten behoeve van een coffeeshop. Dit betekent dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het gebruik van het gebouw als coffeeshop in strijd is met de bestemming “Gemengd”. De rechtbank heeft daarmee niet onderkend dat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan, zodat het college daarvoor zonder afwijking van het bestemmingsplan geen omgevingsvergunning kon verlenen.

* 6 april 2022 (ABRvS 202006039/1/R1): Awb, Wabo; handhaving, minicamping, overtredingen, geen incidenteel-hogerberoepschrift, aangifte/Sv, ontvankelijkheid, exploitatie/ontheffing (Rb Zeeland-West-Brabant 19/5687)
3.4.    De Afdeling ziet zich voor de vraag gesteld of de weigering van het college om op grond van artikel 162, eerste lid, onder c, van het Sv aangifte te doen kan worden aangemerkt als een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Awb.

3.5.    De rechtbank heeft naar het oordeel van de Afdeling terecht overwogen dat de mededeling van het college in het besluit van 27 mei 2019 dat het op grond van artikel 162, eerste lid, onder c, van het Sv geen aangifte zal doen wegens het in strijd handelen met het bestemmingsplan, geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3 van de Awb. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen is een dergelijke aangifte een feitelijke handeling. De Afdeling verwijst ter vergelijking naar haar uitspraak van 18 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3209, onder 9. De Afdeling ziet in dit geval geen aanleiding om aan te sluiten bij de door het college genoemde uitspraken van de Afdeling, alleen al omdat – anders dan het college veronderstelt – artikel 162 Sv geen publiekrechtelijke bevoegdheid bevat, maar een rechtsplicht. De rechtbank oordeelt daarom terecht dat het college het bezwaar van [partij A] en [partij B] op dit punt niet-ontvankelijk had moeten verklaren in plaats van ongegrond.

Het betoog van het college slaagt in zoverre niet.

* 31 maart 2022 (Rb Gelderland ARN 20/5895): Awb, Wnb; handhaving, eendenslachterij, uitbreiding met gebouwen en activiteiten, geen vergunning, zicht op legalisatie, PAS/landelijke afstemming, referentiesituatie, luchtwasser/beschermingsmaatregel, motivering
4.4.   De rechtbank is van oordeel dat op dit moment wel degelijk sprake is van een overtreding. Er is namelijk sprake van een forse uitbreiding van de inrichting van de derde-partij ten opzichte van de referentiesituatie. Deze uitbreiding ziet onder meer op het aantal aangevoerde eenden en het daarmee samenhangende geïntensiveerde gebruik van de wachtruimte. Dit gebruik leidt tot een hogere ammoniakemissie. Weliswaar stelt de derde-partij dat deze ammoniakemissie wordt gereduceerd door een luchtwasser, maar het staat vast dat voor het inwerking zijn van deze luchtwasser geen toestemming is verleend. Het gebruik van de luchtwasser is een wijziging van de inrichting (evenals de uitbreiding van de slachterij) waarvoor op dit moment nog geen omgevingsvergunning (milieu) is verleend. Zoals hierboven aangegeven is ook nog niet bekend wanneer de omgevingsvergunning zal worden verleend. De luchtwasser staat er dus illegaal. Onder deze omstandigheden kan verweerder de aanwezigheid van de luchtwasser niet betrekken bij het vaststellen van de overtreding. Verweerder kan het gebruik van de luchtwasser slechts afdwingen als verweerder handhavend zou optreden wegens overtreding van artikel 2.7, tweede lid van de Wnb met de kanttekening dat deze last dus leidt tot een andere overtreding, namelijk het handelen in strijd met artikel 2.1, eerste lid onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Dat is nu niet aan de orde omdat verweerder heeft geweigerd handhavend op te treden en er in zoverre geen enkele aanleiding is om rechtsgevolgen in stand te laten. De rechtbank merkt terzijde op dat, als de omgevingsvergunning wordt aangevraagd en verleend en deze vergunning tot een lagere stikstofdepositie leidt dat de revisievergunning van 2002, deze nieuwe omgevingsvergunning de nieuwe referentiesituatie zal gaan vormen.

Verweerder heeft ook nog aangegeven dat hij de milieuvergunning van 2002, de getroffen bronmaatregelen (naar de rechtbank aanneemt, de luchtwasser) en de overgelegde AERIUS berekeningen als een passende beoordeling beschouwt. Dit kan de rechtbank alleen maar opvatten als een standpunt dat er, ondanks het gewijzigde artikel 2.7, tweede lid van de Wnb nog steeds een natuurvergunning is vereist. De rechtbank deelt dit standpunt. De rechtbank beschouwt de luchtwasser namelijk als een beschermingsmaatregel. De luchtwasser maakt geen onderdeel uit van het aangevraagde project maar wordt opgericht om de gevolgen van het project te beperken. De luchtwasser kan als beschermingsmaatregel worden betrokken bij de passende beoordeling van de gevolgen van het project. Onder deze omstandigheden is een natuurvergunning vereist (er wordt immers een beschermingsmaatregel getroffen). Overigens kunnen ook de voorgestelde monitoringsverplichtingen als beschermingsmaatregel worden beschouwd.

4.5.   Dat betekent dat de rechtbank moet gaan beoordelen of de ontwerpvergunning aanleiding geeft om de rechtsgevolgen in stand te laten. De rechtbank ziet hierbij wel een probleem. De ontwerpvergunning is ter inzage gelegd met een AERIUS berekening die is gemaakt met de voorgaande versie van AERIUS Calculator. In de uiteindelijke natuurvergunning zal een berekening moeten worden gemaakt met de huidige versie van AERIUS Calculator. Verweerder moet namelijk wel artikel 2.1, van de Regeling natuurbescherming (Rnb) in acht nemen bij het beslissen op de vergunningsaanvraag en op dit moment is in artikel 2.1, eerste lid van de Rnb het gebruik van AERIUS Calculator 2021 voorgeschreven. Omdat deze berekening niet beschikbaar is, is er geen aanleiding voor het oordeel dat op dit moment sprake is van een ontvankelijke aanvraag en kan de rechtbank de rechtsgevolgen niet in stand laten. Daarom ziet de rechtbank geen aanleiding de overige beroepsgronden van eiseres te bespreken.

* 28 maart 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 21/2462 GEMWT): Awb, Wabo; handhaving, bouwstop, vervangen van recreatiewoningen op park door glampingtenten, bevoegdheid, Bor/vergunningvrij
4.3 De rechtbank stelt vast dat het volgende is geconstateerd tijdens het controlebezoek van 24 november 2020. Op de velden [naam veld 1] / [naam veld 2] (veld 5) zijn een aantal chalets verwijderd. Hiervoor in de plaats worden 11 nieuwe volledig ingerichte tenten geplaatst (glampingtenten). Vier van deze tenten waren al geplaatst. Verder is vastgesteld dat onderhoud plaatsvond aan de gronden en beplanting. Overige werkzaamheden zijn niet vastgesteld.

De rechtbank stelt voorts vast dat niet in geschil dat het hier gaat om een bouwwerk. In geschil is of de bouwwerken in strijd zijn met het bestemmingsplan en of zij vergunningsvrij kunnen worden gebouwd.

Veld 5 heeft de functieaanduiding “verblijfsrecreatie”. Ter plaatse van deze aanduiding zijn 1. stacaravans toegestaan. Op veld 5 mogen derhalve bouwwerken worden gebouwd welke gelijk zijn aan stacaravans/chalets. De vraag die aan orde is derhalve of de glamping tenten gelijk zijn aan de bouwwerken in de bestemmingsregels, zoals een stacaravan. 2.

Artikel 12.2.2 van de planregels stelt dat ter plaatse van de aanduiding “verblijfsrecreatie” gebouwen mogen worden gebouwd ten dienste van de bestemming, met dien verstande dat:

  • gebouwen mogen worden gebouwd op een afstand van ten minste 5 m van de (zijdelingse) bouwperceelsgrenzen;
  • een standplaats voor een stacaravan niet minder dan 150 m² groot mag zijn;
  • een standplaats voor maximaal 35% mag worden bebouwd, zulks met een maximum van 60 m²;
  • voor stacaravans en bijgebouwen een maximale bouwhoogte geldt van 3,5 m;
  • voor overige gebouwen een maximale bouwhoogte geldt van 5 m;
  • de gezamenlijke oppervlakte van de ter plaatse van de aanduiding ‘verblijfsrecreatie’ toegelaten gebouwen, niet zijnde bedrijfswoningen, maximaal 4.000 m² mag bedragen.

Uit een specificatie/bouwtekening zoals aangeleverd door vergunninghouder kan worden afgeleid dat de bouwwerken niet hoger zijn dan 3,5 meter. Tevens blijkt uit het dossier dat de oppervlakte van de bouwwerken niet groter zijn dan 60 m2. De rechtbank is met verweerder van oordeel dat de glamping tenten zowel bouwkundig als functioneel gelijk zijn aan stacaravans en derhalve zijn toegestaan volgens het bestemmingsplan.

De rechtbank stelt tevens vast dat de glampingtenten vergunningvrij kunnen worden gebouwd. Verweerder heeft terecht gewezen op de vrijstelling in artikel 3, onder 2 van bijlage II bij het Bor. Ook aan de voorwaarden voor deze vrijstelling wordt voldaan. Nu er geen sprake is van illegale werkzaamheden, is verweerder niet bevoegd om handhavend op te treden.

* 24 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 21/4001): Awb; nadeelcompensatie, sluiting avondwinkel, verordening, vereiste van speciale last
4.3.   De Awb kent (nog) geen regeling voor nadeelcompensatie. Het is vaste rechtspraak dat degene, die schade lijdt als gevolg van rechtmatig overheidsoptreden, het bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor dat optreden kan verzoeken om nadeelcompensatie. Die compensatie kan worden toegekend op grond van een wettelijk voorschrift of een beleidsregel dan wel het égalitébeginsel (égalité devant les charges publiques), het ongeschreven rechtsbeginsel van gelijkheid voor de openbare lasten.

Uit dit égalitébeginsel vloeit een tweetal, naast elkaar bestaande, vereisten voort: er moet sprake zijn van een abnormale last in de zin dat de schade buiten het normale maatschappelijke of normale ondernemersrisico moet vallen en er moet sprake zijn van een speciale last, dat tot uitdrukking brengt dat een specifieke burger of beperkte groep burgers in vergelijking tot anderen onevenredig zwaar door een overheidshandeling moet zijn getroffen. In artikel 2 van de Verordening is dit égalitébeginsel opgenomen.

4.4.   Niet in geschil is dat eiser geen norm heeft overtreden. Partijen zijn verdeeld over de vraag of voldaan is aan het vereiste van de speciale last. Daarvoor is van belang dat eiser, in vergelijking tot anderen, onevenredig zwaar is getroffen door het besluit tot sluiting van de avondwinkel. Verweerder stelt terecht dat nu alleen eiser is benadeeld door de sluiting, reeds hierom geen sprake kan zijn van een onevenredige benadeling en dus niet aan het vereiste van de speciale last is voldaan. De omstandigheid dat eiser geen verwijt kan worden gemaakt van het geweldsincident bij de avondwinkel die aan de sluiting vooraf ging maakt dat niet anders. Uit de door eiser aangehaalde uitspraken van de Afdeling van 30 januari 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:258) en 17 juli 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:2476) en de uitspraken van de Hoge Raad van 18 januari 1991 (ECLI:NL:HR:1991:AC4031) en van 20 juni 2003 (ECLI:NL:HR:2003:AF7902) kan niet worden afgeleid dat bij het ontbreken van verwijtbaarheid in dit geval aan het vereiste van de speciale last is voldaan. Verweerder heeft het verzoek dan ook terecht afgewezen.

4.5.   Het beroep is ongegrond.

* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 19/8077 en 20/331): Awb, Wabo, Ww, Gmw; handhaving, heistop/dwangsom, invordering Bouwbesluit, overschrijding geluidnorm, blootstellingsduur, geen ontheffing
3.4   Artikel 8.3, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012 regelt de toelaatbare geluidhinder van bedrijfsmatige bouw- en sloopwerkzaamheden. In het tweede lid van dit artikel is de maximale blootstellingsduur afhankelijk van de dagwaarde vastgelegd:


Het derde lid van deze bepaling biedt het bevoegd gezag de mogelijkheid ontheffing van deze normen te verlenen, onder de voorwaarde dat bij de uitvoering van bouw- of sloopwerkzaamheden gebruik wordt gemaakt van de best beschikbare stille techniek.

3.5   Uit artikel 1b, eerste lid en artikel 2 van de Woningwet volgt dat de normen uit het Bouwbesluit 2012 rechtstreekse werking hebben.
5.2   De rechtbank stelt voorop dat de uitkomst van de meting door Peutz bindend is voor partijen, gelet op het hetgeen zij daarover met elkaar zijn overeengekomen. Tussen 28 januari 2019, de dag waarop verweerder uit eigen beweging meting heeft verricht, en het moment waarop Peutz rapport heeft uitgebracht, heeft eiseres de heiwerkzaamheden ongewijzigd voortgezet. Dat betekent dat, uitgaande van 28 januari 2019 als begindatum, ten tijde van de heistop op 19 februari 2019 in elk geval sprake is geweest van overschrijding van de maximale blootstellingsduur van 15 werkdagen. De rechtbank merkt op dat er mogelijk al eerder sprake is geweest van overschrijding van de maximale blootstellingsduur, gelet op de start van de heiwerkzaamheden op 11 januari 2019, zodat eiseres zeker niet is benadeeld door de benadering van verweerder.

Eiseres heeft haar stelling dat er ten tijde van de heistop nog geen sprake was van overschrijding van de maximale blootstellingsduur omdat de resultaten van de meting door Peutz alleen voor de toekomst bruikbaar zouden zijn, onvoldoende onderbouwd. Uit de afspraken tussen partijen over het onderzoek door Peutz blijkt hiervan namelijk niet.

De rechtbank concludeert dan ook dat eiseres ten tijde van de heistop in overtreding was van artikel 8.3, tweede lid van het Bouwbesluit 2012.

* 22 maart 2022 (Rb Den Haag SGR 21/8347): Awb, Wm, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, overtreding Activiteitenbesluit, carbon black, emissies van SO2, stookinstallatie vs. naverbranding, bereik regeling, motivering

4.1.   Verweerder stelt zich op het standpunt dat sprake is van een (grote) stookinstallatie. Volgens verweerder is de definitie van stookinstallatie in artikel 1.1 van het Activiteitenbesluit zeer ruim en valt hier elke installatie onder waarin brandstoffen worden geoxideerd en de daarbij opgewekte warmte op enige manier wordt gebruikt. Wanneer een naverbrander geen stookinstallatie zou zijn, is het ook niet nodig om deze uit te zonderen van het toepassingsbereik van paragraaf 5.1.1 op grond van artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van het Activiteitenbesluit.
5.3.   De verwijzing van verweerder naar de definitie van een naverbrandingsinstallatie opgenomen in het Uitvoeringsbesluit, leidt naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet tot een ander oordeel. In de algemene maatregel van bestuur van 15 april 2019 zijn de in het Uitvoeringsbesluit vastgestelde BBT-conclusies voor grote stookinstallaties in het Activiteitenbesluit geïmplementeerd.1 De definitie in het Uitvoeringsbesluit waar verweerder naar verwijst luidt:

“Systeem dat is ontworpen voor de zuivering van rookgassen door verbranding, maar niet als zelfstandige stookinstallatie wordt geëxploiteerd, zoals een thermische naverbrander (d.w.z. een restgasverbrander), gebruikt voor de verwijdering van de verontreinigende stof(fen) (bv. VOS) in het rookgas met of zonder terugwinning van de daarbij opgewekte warmte. Getrapte verbrandingstechnieken, waarbij elke verbrandingsfase beperkt is tot een afzonderlijke kamer, die kunnen verschillen wat betreft de kenmerken van het verbrandingsproces (bv. brandstofluchtverhouding, temperatuurprofiel), worden geacht in het verbrandingsproces te zijn geïntegreerd en worden niet als naverbrandingsinstallaties beschouwd. Ook wanneer de in een procesverhitter/-oven of in een ander verbrandingsproces geproduceerde gassen vervolgens worden geoxideerd in een andere stookinstallatie voor het terugwinnen van de energetische waarde (met of zonder gebruik van aanvullende brandstof) om elektriciteit, stoom, warm water/warme olie of mechanische energie te produceren, wordt de laatstgenoemde installatie niet als een naverbrandingsinstallatie beschouwd”.

5.4.   De voorzieningenrechter is op voorhand van oordeel dat de verbrandingsinstallaties van verzoekster voldoen aan de definitie van naverbrandingsinstallatie zoals opgenomen in de eerste zin van het hierboven aangehaalde citaat. Uit deze definitie volgt dat het terugwinnen van opgewekte warmte niet maakt dat geen sprake is van een naverbrandingsinstallatie. Voor zover verweerder wijst op de uitzondering in de laatste zin van de definitie in het Uitvoeringsbesluit, ziet dit naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet op de situatie waarbij restgas wordt gezuiverd met terugwinning van warmte, maar op de situatie waarbij restgas wordt toegevoegd aan een andere, autonome stookinstallatie, niet zijnde een naverbrandingsinstallatie. De uitleg die verweerder aan deze laatste zin geeft, zorgt er immers voor dat elk systeem dat is ontworpen en wordt gebruikt voor de zuivering van restgas en dat ook warmte terugwint onder de uitzondering valt, waardoor de eerste zin van de definitie geen betekenis meer heeft.

Samenvattingen van jurisprudentie op STAB-site

Op de website van STAB wordt recente jurisprudentie ook samengevat.
De volgende uitspraken zijn deze week nieuw geplaatst:
Vzr ABRvS 15 maart 2022 Omgevingsvergunning voor afwijken bestemmingsplan, uitbreiding in de vorm van vijf gestapelde appartementen op de tweede en derde bouwlaag niet aan te merken als kruimelgeval.
ABRvS 23 maart 2022 Last onder dwangsom vanwege het zonder melding en milieuhygiënische verklaring toepassen van tarragrond op grasland.
ABRvS 23 maart 2022 Omgevingsvergunning bouw, uitleg van gelijkwaardigheidsbepaling aan de hand van de nota van toelichting bij het Bouwbesluit 2012.