Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* 26 april 2022 (CBb 21/517): Awb, Msw; vaststelling fosfaatrecht, vee-exportbedrijf, ontheffing, knelgevallenregeling
* 26 april 2022 (CBb 21/528): Awb, Msw; boete, mest, overschrijding gebruiksnorm en schenden mestverwerkingsplicht, marges openbaar maken, motivering (Rb Oost-Brabant SHE 20/746)
* 26 april 2022 (CBb 21/311): Awb, Msw; boete, mest, overschrijding gebruiksnorm, motivering (Rb Oost-Brabant SHE 20/471)
* 26 april 2022 (CBb 20/636): Awb, Msw; boetes, overgelegde gegevens mestvervoer, elektronisch indienen, wettelijke grondslag boete (Rb Oost-Brabant SHE 19/2672
* 26 april 2022 (CBb 20/426 en 20/427): Awb, Wet dieren; handhaving, last onder bestuursdwang, veehouderij en vervoer dieren, dierenwelzijn, kostenverhaal
* 26 april 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/3770): Awb, Gmw; tijdelijke terrasvergunning, horeca, kanowerf/inbreuk, terrassenbeleid, afspraken over gebruik werf
* 26 april 2022 (ABRvS 202107344/1/R4): Awb, Wro; bpl, woningen en MFA
* 26 april 2022 (ABRvS 202106068/1/A3): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, hennepteelt en diefstal energie, bevoegdheid (Rb Midden-Nederland 20/4488)
* 26 april 2022 (ABRvS 202105686/1/R4): Awb, Wro; (paraplu)bpl, parkeren, begrip huishouden, CROW
* 26 april 2022 (ABRvS 202105184/1/R1): Awb, Wabo; buiten behandeling stellen van omgevingsvergunningen voor bouwen, vervangen gevels van portacabins, strijd met bpl, geen bouwovergangsrecht (Rb Amsterdam 20/2413)
* 26 april 2022 (ABRvS 202105132/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor uitweg, APV, verkeersveiligheid, parkeerplaatsen, belangenafweging (Rb Overijssel 20/1908)
* 26 april 2022 (ABRvS 202105044/1/R3): Awb, Wro; niet tijdig nemen besluit op verzoek om bpl vast stellen, motivering
* 26 april 2022 (ABRvS 202104930/1/R4): Awb, Wabo; verzoek om intrekking vergunning en ontheffing dakterras, draagconstructie/Bouwbesluit (Rb Midden-Nederland 20/4808)
* 26 april 2022 (ABRvS 202104489/1/R3): Awb, Wro; bpl, woningen, inspraak, burgerparticipatie, Ladder/Bro/behoefte, motivering, parkeren, warmtepompen/geluid
* 26 april 2022 (ABRvS 202103663/1/R1): Awb, Wlv; VVGL, zweefvliegcentrum, geen Awb-besluit, ontvankelijkheid
* 26 april 2022 (ABRvS 202103479/1/R4): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, gebruik afvalstoffen als co-substraten en mest van buiten inrichting, hoogte dwangsom (Rb Limburg 19/1198 en 19/1202)
* 26 april 2022 (ABRvS 202103274/1/A3): Awb, Gmw; uitweg, motivering, relatie bpl, afweging belangen, parkeerplaatsen (Rb Midden-Nederland 19/3309)
* 26 april 2022 (ABRvS 202101808/1/A3): Awb, Gmw; handhaving, belemmering openbare weg, APV, begroeiing (Rb Limburg 20/923)
* 26 april 2022 (ABRvS 202101804/1/R4): Awb, Wro; bpl, woningen op plaats van eendenschuren, structuurvisie
* 26 april 2022 (ABRvS 202101689/1/R1): Awb; invordering dwangsom, milieuovertredingen, overtreder
* 26 april 2022 (ABRvS 202101500/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen en commerciële ruimtes, woon- en leefklimaat, exploitatieplan/belang, parkeergarage/parkeernormen (Rb Oost-Brabant 20/710 en 20/733)
* 26 april 2022 (ABRvS 202101418/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, supermarkt, strijd met bpl, Dienstenrichtlijn(Rb Noord-Nederland 20/506)
* 26 april 2022 (ABRvS 202101246/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor gewijzigd besluit, hotelsuites naar wooneenheden, parkeren/CROW, planologisch maximaal toegestane gebruik sluit niet aan bij feitelijke vaststelling parkeertoets (Rb Midden-Nederland 19/4591)
* 26 april 2022 (ABRvS 202101152/1/R1): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, invordering, staken bewoning pand, strijd met bpl, overgangsrecht, overtreder, beleidsplan (Rb Amsterdam 19/3174)
* 26 april 2022 (ABRvS 202100999/1/R4): Awb, Wro; bpl, vergroten bestemmingsvlak wonen, mestbak, motivering
* 26 april 2022 (ABRvS 202100823/1/R3): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor in/uitrit, APV, veilig gebruik van weg (Rb Rotterdam 19/5666)
* 26 april 2022 (ABRvS 202006925/1/R1): Awb, Wro, Wabo; bpl/omgevingsvergunning voor bouwen, woningen, archeologie/relativiteit, parkeren, stikstof/verkeer/verrekening met SSRS, welstand
* 26 april 2022 (ABRvS 202005908/1/A3): Awb, Gmw; aanwijzingsbesluit autoverhuur als bedrijfsmatige activiteit, APV, intrekkingsbesluit, procesbelang, ontvankelijkheid (Rb Limburg 20/69)
* 26 april 2022 (ABRvS 202005419/1/R3, 20205420/1/R3 en 202005421/1/R3): Awb, Wabo, Wro, Gmw; weigering ontheffing omgevingsverordening, handhaving, dwangsom, invordering, geitenhouderij, ontvankelijkheid, geitenstop, gezondheid, VGO-rapporten, verbindendheid verordening (Rb Den Haag 19/5826; 19/5829; 19/7184, 20/354 en 20/477;
* 26 april 2022 (ABRvS 202004568/1/R2): Awb, Wabo; handhaving, keermuur bij recyclingsbedrijf, afwijking omgevingsvergunning, belanghebbende, ontvankelijkheid (Rb Limburg 19/868)
# 26 april 2022 (ABRvS 202003929/1/R2): Awb, Wnb; ontheffing, verstoring das, foerageergebied, Activiteitenplan, maatregelen, zelf in de zaak voorzien (Rb Limburg 19/3336 en 20/1405)
* 26 april 2022 (ABRvS 202002130/1/R2): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, verwijderen dekschuiten bij woonboten, afzonderlijke bouwwerken/geen constructieve eenheid, Wvvw/uitleg, evenredigheid/motivering (Rb Limburg 18/2706, 18/2682, 18/2703, 18/2704, 18/2705, 18/2707 en 18/2708)
* 26 april 2022 (ABRvS 202001431/1/R4): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, verbouwen pand, dakterras, hellingspercentage dak, constructie rookgasafvoer, herstelbesluit, strijd met planregels, motivering, tussenuitspraak
* 26 april 2022 (ABRvS 202001047/1/A2): Awb, Wro; planschade, recreatiewoning/zendmast (Rb Noord-Nederland 18/4001)
* 26 april 2022 (ABRvS 202000128/1/A2): Awb, Wabo, Gmw; afwijzing verzoek om schadevergoeding, nadeelcompensatie, zuiver schadebesluit, bodemverontreiniging, motivering
* 25 april 2022 (Rb Rotterdam AWB 20/2287, ROT 20/4717 en ROT 20/4813): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen in bestaand pand, welstand, vergroten dakverdieping, achtergevel en balkon
* 25 april 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/3032): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsom, verwijderen antenne-installatie van dak, Bor/voorerfgebied/welstand, bevoegdheid, EVRM/vrijheid van meningsuiting, vertrouwensbeginsel
* 25 april 2022 (ABRvS 202106135/3/R1, 202106138/3/R1 en 202106201/3/R1): Awb, Wro; vovo, bpl-en met verbrede reikwijdte Chw, woningen, herhaald verzoek, aard van werkzaamheden
* 25 april 2022 (ABRvS 202200766/2/R4): Awb, Wro; vovo, bpl, woningen, aantal, bouwhoogte, groenstructuur, motivering
* 22 april 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 20/243 en SHE 21/1991): Awb, Wnb; verzoek om handhaving/sluiting, biomassa-energiecentrale, ontbreken vergunning, eerder verleende omgevingsvergunning, referentiesituatie, Vogel-/Habitatrichtlijn, 25 kilometer afkap
* 22 april 2022 (Rb Rotterdam ROT 21/5707): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid, noodzaak, niet onevenredig
* 22 april 2022 (Rb Rotterdam ROT 20/249): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, bedrijfsgebouw, woon- en leefklimaat, scheiding via brandgang, parkeren, afwijkingsbevoegdheid, bezonning, motivering, welstand
* 22 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/6318): Awb, Wnb; vergunning, woningbouw, belanghebbende, Spoedwet aanpak stikstof, stikstofregistratiesysteem, motivering, snelheidsverlaging wegen/Rnb, bronmaatregel, referentiesituatie, Habitatrichtlijn
* 22 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/6203): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, beweiden/vergunningplicht, toename aantal dieren, emissiefactor stalsysteem, Rav-code, CBS rapport, verkeersbewegingen
* 22 april 2022 (ABRvS 202201271/1/R1 en /2/R1): Awb, Wro; vovo en korstsluiten, wijzigingsplan, gestapelde woningen, bevoegdheid, wijzigingsvoorwaarden
* 22 april 2022 (ABRvS 202201359/2/R1): Awb, Wm; vovo, aanbiedlocatie van minicontainers voor huishoudelijk afval, alternatieve locatie, verkeersveiligheid
* 21 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/9500 WABOA en BRE 20/9520 WABOA): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen, parkeren, beeldkwaliteitsplan, motivering
* 21 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 20/3436): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, schades, deskundigen
* 20 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/1092): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, schades, deskundigen, bewijsvermoeden, calculatiemodel, herstelmethodieken
* 20 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3892 en LEE 22/71): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, methode van Atlas, postcodegebied, waardedaling
* 20 april 2022 (ABRvS 202200222/1/R2 en /2/R2): Awb, Wro; vovo en kortsluiten, bpl, ruimte-voor-ruimte woning, soortenbescherming, structuurvisie, overlast warmtepomp, landschappelijk inpassing, zelf in de zaak voorzien
* 20 april 2022 (Rb Amsterdam AMS 22/1666): Awb, Gmw; vovo, handhaving, last onder bestuursdwang, staken exploitatie hotel, gebruik door sekswerkers, strijd met APV/bpl
* 20 april 2022 (Rb Overijssel ZWO 22/470 en ZWO 22/471): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, reguliere procedure, distributiecentrum, belanghebbende, Aarhus, stikstof, AERIUS
* 19 april 2022 (Rb Overijssel AWB 22/367): Awb, Wabo, Gmw; vovo, handhaving, dwangsom, varkensbedrijven, geluid, activiteiten, motivering
* 19 april 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/1119): Awb, Gmw; vovo, staanplaats, e-mail is besluit, terugkeer naar oude staanplaats
* 18 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/6151 WABOM en BRE 20/6395 WABOM): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, paardenhouderij, rijhal, bedrijfsplan, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 15 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 21/295): Awb, Wabo; handhaving, permanente bewoning recreatiewoning, geen strijd met bpl, planregels
* 15 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/4219 en HAA 20/4228): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken van bpl, bedrijfsgebouw en verplaatsing grond- en grinddepots, agrarisch aanverwant bedrijf, planregels, SAB-advies, provinciale verordening, erfgoedadvies, geluid, VNG-brochure
* 15 april 2022 (Rb Noord-Holland ROE 22/629): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken, plaatsen campers en trekkerstenten bij tuin- en akkerbouwbedrijf, binnenplanse afwijkmogelijkheden, onduidelijkheid vergunning, stapeling afwijkingsmogelijkheden, motivering
* 15 april 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/1518): Awb, Gmw; vovo, woningsluiting, explosief, openbare orde, grondrechten, bevoegdheid
* 15 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3141): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, beving, imago-effect, postcodegebied
* 15 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/3430): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, eigenaar woning, vordering overdragen middels cessie
* 15 april 2022 (Rb Amsterdam AMS 22/1250 en AMS 22/1260): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor slopen beschermd monument/stadsgezicht, bouwen en afwijken bpl, herontwikkeling, woningen met horeca, belangenafweging
* 14 april 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 21/2997): Awb, Mbw; mijnbouwschade, gaswinning, waardedaling, sloop/nieuwbouw, verrekening voordeel
* 13 april 2022 (Rb Overijssel AWB 20/723): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, stikstofdepositie, AERIUS, herstelbesluit, Rav/biologische gecombineerde luchtwassers, rendement, referentiesituatie, geen toename/vergunningplicht, einduitspraak na eerdere tussenuitspraak
* 8 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/1585 GEMWT VV): Awb, Wabo; vovo, handhaving, afwijking vergunning, ander type warmtepomp en andere warmte-terugwininstallatie, gelijkwaardig alternatief, bouwstop/bevoegdheid
* 8 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/664 WABOA VV en BRE 22/272 WABOA): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en gevolgen voor beschermde monumenten, appartementen in Rijksmonument
* 8 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/1597 WABOA VV): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, (beneden)woning
* 8 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/929 WET VV): Awb, Wnb; opheffing vovo, geen vergunning nodig voor wijziging dieraantallen in combinatie met emissiearm stalsysteem, verwijzing naar kwestie Rb Oost-Brabant/STAB-verslag
* 8 april 2022 (Rb Den Haag SGR 21/423): Awb, Wvw 1994; verkeersbesluit, milieuzone voor brom- en snorfietsen, oude Puch, mogelijkheid van ontheffing
* 8 april 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/2824): Awb, Wro; planschade, normaal maatschappelijk risico, drempel
* 7 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 20/966): Awb, AWR; leges, omgevingsvergunning, verordening
* 29 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 21/2953): Awb, Wabo; omgevingsvergunning, publicatie, termijnoverschrijding, verschoonbaarheid, ontvankelijkheid
* 23 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 20/6799): Awb, Gmw; schorsing exploitatievergunning, shisha-lounge, te hoge koolstofmonoxide (CO)-waarde, APV, betrouwbaarheid meting, motivering
* 9 maart 2022 (Rb Amsterdam AMS 21/2973): Awb, Wabo, Gmw; aanzegging bestuursdwang, staken exploitatie winkel, strijd met bpl, overgangsrecht, evenredigheid
* 2 maart 2022 (Rb Limburg ROE 22/268): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, drugs, evenredigheid, persoonlijke omstandigheden
* 24 februari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/3871): Awb, Opiumwet, Gmw; handhaving, sluiting woning, drugs, bevoegdheid, niet onevenredig
* 17 februari 2022 (Rb Noord-Nederland LEE 22/343 en LEE 22/334): Awb, Opiumwet, Gmw; vovo, handhaving, sluiting woning, hennepteelt/drugs, bevoegdheid
* 1 februari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/5058): Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning voor bouwen voor kappen en bouwen, woningen, belangenafweging
* 27 januari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/4360 en UTR 21/4857): Awb, Wabo; vovo en korstluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, appartementen in kantoorpand, parkeerplaatsen, zelf in de zaak voorzien
* 13 januari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/1037 en UTR 21/1041): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor slopen en bouwen, vervangende woning, geen strijd met bpl, maatvoering, welstand
* 13 januari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/2418): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijken van bpl, bewoning van tuinmanshuis, hoofdgebouw, overgangsrecht, beleidsregel
* 12 januari 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 21/1812): Awb; invordering dwangsommen, overtredingen Woningwet en Bouwbesluit, verrommeling en overmatige begroeiing, doorlussen stroomkabels/NEN 1010
* 15 juni 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/267): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor tijdelijk afwijken van bpl, tiny houses, belanghebbende, belangenafweging
* 25 mei 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4690): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor gewijzigd gebruik, agrarische bedrijfswoning als plattelandswoning, vvgb, geen invloed voor beoordeling bij aanvraag voor verplaatsen mestbak
* 25 mei 2022 (Rb Midden-Nederland UTR 20/4023): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor gewijzigd gebruik, detailhandel, buurtvisie
* 14 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/2776): Awb, Wabo, Gmw; bouwstop, illegale bouwwerken al voltooid, bevoegdheid
* 14 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/2594): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor afwijken bpl, B&B in bijgebouw, verkeersveiligheid
* 1 april 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 20/3097): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, schoolgebouw, tijdelijkheid, verkeersveiligheid
* 16 maart 2021 (Rb Midden-Nederland UTR 19/1122): Awb, Wvw 1994; verkeersbesluit, snelheidsverlaging provinciale weg, belanghebbende, belangenafweging, motivering, verkeersveiligheid
* 6 juni 2019 (Rb Noord-Nederland LEE 18/1966): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor aanleggen en afwijken bpl, mountainbike-route, Wnb, ecologisch onderzoek

 

# = betrokkenheid STAB

! = (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* 26 april 2022 (ABRvS 202103663/1/R1): Awb, Wlv; VVGL, zweefvliegcentrum, geen Awb-besluit, ontvankelijkheid
3.2.    Hoewel uit artikel 8.49, eerste lid, van de Wet luchtvaart in samenhang bezien met artikel 8.64, zesde lid, volgt dat een VVGL een vereiste is voor de inwerkingtreding van een luchthavenregeling, is naar het oordeel van de Afdeling met het afgeven van een VVGL geen sprake van goedkeuring als bedoeld in artikel 10:25 van de Awb. Daarbij neemt de Afdeling in aanmerking dat – zoals ook uit de memorie van toelichting bij artikel 8.49 van de Wet luchtvaart en de nota van toelichting bij de Regeling houdende regels voor burgerluchthavens volgt – bij het afgeven van een VVGL geen beoordeling plaatsvindt van de desbetreffende luchthavenregeling zelf, maar dat uitsluitend wordt beoordeeld wat de gevolgen hiervan zijn voor de veiligheid van het luchtruim. Als de minister van oordeel is dat het veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenluchtverkeer is gewaarborgd, dan wordt door hem een VVGL afgegeven. Overigens valt uit de memorie van toelichting bij artikel 8.49 van de Wet luchtvaart af te leiden dat ook de wetgever er vanuit is gegaan dat met het afgeven van een VVGL geen sprake is van goedkeuring als bedoeld in artikel 10:25 van de Awb, omdat daarin staat dat tegen een besluit waarbij een aangevraagde VVGL wordt afgewezen bezwaar kan worden gemaakt. Als met het afwijzen van een aangevraagde VVGL sprake zou zijn van een weigering om goedkeuring te verlenen, dan kan daartegen op grond van artikel 7:1, eerste lid, onder c, van de Awb geen bezwaar worden gemaakt.

Het voorgaande betekent dat het besluit van 19 april 2021, waarbij de aangevraagde VVGL is afgewezen, niet kan worden aangemerkt als een besluit als bedoeld in artikel 7:1, eerste lid, onder c, van de Awb. De Afdeling stelt verder vast dat ook geen sprake is van een besluit als bedoeld in artikel 7:1, eerste lid, onder g, omdat artikel 8.49, eerste lid, van de Wet luchtvaart niet genoemd staat in de als bijlage 1 van de Awb opgenomen ‘Regeling rechtstreeks beroep’. Gelet op artikel 7:1, eerste lid, aanhef, van de Awb moet tegen het besluit van 19 april 2021, voordat beroep kan worden ingesteld tegen dat besluit, dan ook eerst bezwaar worden gemaakt.

3.3.    Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (zie onder meer de uitspraak van 18 februari 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH3959), moet een beroep tegen een besluit in een situatie waarin eerst bezwaar moet worden gemaakt, als het tot een uitspraak komt, niet-ontvankelijk worden verklaard. Dit betekent dat het beroep van Aeroclub Nistelrode niet-ontvankelijk is. De Afdeling zal het als beroep doorgezonden bezwaarschrift met toepassing van artikel 6:15 van de Awb aan de minister terugzenden ter verdere behandeling.

* 26 april 2022 (ABRvS 202101500/1/R2): Awb, Wabo; omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, woningen en commerciële ruimtes, woon- en leefklimaat, exploitatieplan/belang, parkeergarage/parkeernormen (Rb Oost-Brabant 20/710 en 20/733)
7.4.    In artikel 6.17 van de Wro is geregeld dat het kostenverhaal wordt verzekerd door middel van het opnemen van een voorschrift in de verleende omgevingsvergunning, strekkende tot de verschuldigdheid van een exploitatiebijdrage, tenzij deze bijdrage anderszins is verzekerd. De Afdeling stelt vast dat het beschermingsbereik van artikel 6.17 van de Wro – net als het beschermingsbereik van artikel 6.13 van de Wro – strekt tot de belangen van appellanten die gronden in het exploitatiegebied in eigendom hebben waarop volgens het bestemmingsplan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro) aangewezen bouwplannen zijn voorzien, waardoor zij ingevolge art. 6.17 van de Wro kunnen worden geconfronteerd met het verhaal van kosten verbonden aan de exploitatie van gronden in het exploitatiegebied uit hoofde van het exploitatieplan.

Uit de stukken en het verhandelde op de zitting is gebleken dat [appellant sub 3] geen gronden in het exploitatieplangebied in eigendom heeft waarop dergelijke bouwplannen zijn voorzien. [appellant sub 3] heeft dan ook niet rechtstreeks met het verhaal van kosten verbonden aan de exploitatie van gronden in het exploitatiegebied uit hoofde van het exploitatieplan te maken. Over het betoog van [appellant sub 3] dat hij wel met de gevolgen van een naar zijn oordeel niet toereikend kostenverhaal geconfronteerd zal worden, omdat daardoor een bekostiging ontbreekt voor de afronding van verschillende in het openbaar gebied voorziene voorzieningen, overweegt de Afdeling het volgende. Zulke gevolgen zijn – nog afgezien van de vraag of daarvan sprake zal zijn hetgeen door het college uitdrukkelijk is ontkend – geen rechtstreekse gevolgen van het in dit geval eventueel niet plaatsvinden van een volledig publiekrechtelijk kostenverhaal in het verband van artikel 6.17, eerste lid, van de Wro.

Naar het oordeel van de Afdeling had de rechtbank daarom het besluit niet mogen vernietigen op deze grond, omdat deze regel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van [appellant sub 3]. Het betoog in de hoger beroepen van het college en [bedrijf] slaagt dan ook.

7.5.    Het hoger beroep van [bedrijf] en het college is gegrond. Gelet op deze conclusie zal de Afdeling de hoger beroepsgronden over het inhoudelijke oordeel van de rechtbank over artikel 6.17, eerste lid, van de Wro niet behandelen.

* 26 april 2022 (ABRvS 202000128/1/A2): Awb, Wabo, Gmw; afwijzing verzoek om schadevergoeding, nadeelcompensatie, zuiver schadebesluit, bodemverontreiniging, motivering
4.2.    In de uitspraak van 8 september 2010 heeft de Afdeling overwogen dat nadeelcompensatie – schadevergoeding voor rechtmatige overheidsdaad – op grond van het in artikel 3:4, tweede lid, van de Awb neergelegde evenredigheidsbeginsel uitsluitend van toepassing is in gevallen, waarin het bestuursorgaan een belangenafweging moet maken. Bij het nemen van een besluit tot vaststelling van de ernst en spoed van een verontreiniging op grond van de artikelen 29 en 37 van de Wet bodembescherming heeft een bestuursorgaan echter geen ruimte voor een belangenafweging. Die vaststelling is namelijk alleen gebaseerd op aspecten van bodemverontreiniging en niet op een afweging, waarbij het individuele belang wordt meegewogen. Voor het toekennen van nadeelcompensatie op grond van het evenredigheidsbeginsel was derhalve geen grond aanwezig, aldus de Afdeling.

4.3.    De uitspraak van 8 september 2010 heeft betrekking op een zogenoemd onzuiver (of onzelfstandig) schadebesluit. Dit is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan over vergoeding van schade, voortvloeiende uit een besluit, die is genomen in het kader van de belangenafweging die aan dit besluit ten grondslag ligt.

4.4.    [appellant] heeft het verzoek om schadevergoeding ingediend nadat het college het besluit van 18 december 2013 had genomen. De beslissing op dit verzoek is een zogenoemd zuiver (of zelfstandig) schadebesluit. De grondslag van dit verzoek is het algemene beginsel van de gelijkheid voor de openbare lasten (égalité devant les charges publiques). Dit beginsel is ook van toepassing wanneer de schade beweerdelijk is veroorzaakt door de uitoefening van een bevoegdheid waarbij, zoals in dit geval, het bestuursorgaan voor het nemen van de beschikking een beoordeling moet geven van de ernst en de spoedeisendheid van de verontreiniging, maar waarbij het belang van de appellant op zichzelf op basis van de toepasselijke regelgeving geen rol speelt bij die beoordeling.

4.5.    Het college heeft dit niet onderkend. Het college heeft ten onrechte niet onderzocht of er aanleiding bestaat om [appellant] schadevergoeding toe te kennen op grond van het algemene beginsel van de gelijkheid voor de openbare lasten. Het zal moeten vaststellen of er een causaal verband is tussen de gestelde schade en het beweerdelijk schadeveroorzakende besluit en vervolgens of [appellant] door dit besluit een speciale en abnormale last te dragen heeft en of ook overigens aan de vereisten voor het toekennen van schadevergoeding op grond van dit beginsel is voldaan.

Het betoog slaagt.

* 26 april 2022 (ABRvS 202002130/1/R2): Awb, Wabo, Gmw; handhaving, dwangsommen, verwijderen dekschuiten bij woonboten, afzonderlijke bouwwerken/geen constructieve eenheid, Wvvw/uitleg, evenredigheid/motivering (Rb Limburg 18/2706, 18/2682, 18/2703, 18/2704, 18/2705, 18/2707 en 18/2708)
6.3.    De Afdeling stelt voorop dat uit de memorie van toelichting bij de Wvvw (Kamerstukken II 2015-2016, 34 434, nr. 3) volgt dat de wetgever heeft beoogd een oplossing te bieden voor de situatie die is ontstaan voor woonboten door de uitspraak van de Afdeling van 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1331. Uit die uitspraak volgt dat woonboten in veel gevallen illegaal zijn omdat deze moeten worden aangemerkt als een bouwwerk in de zin van de Woningwet en Wabo, maar niet over een omgevingsvergunning beschikken. In de Wvvw is overgangsrecht opgenomen voor alle bestaande woonboten en bestaande andere drijvende objecten die hoofdzakelijk worden gebruikt voor verblijf, die voorheen niet werden aangemerkt als bouwwerken en die voldeden aan de voor die constructies geldende lokale regels. Volgens de memorie van toelichting worden woonboten waarvoor bij een provinciale of gemeentelijke verordening geen vergunning of ontheffing was vereist voor het bouwen of gebruiken ervan gelijkgesteld met een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning is verleend voor het bouwen, brandveilig gebruik of planologisch strijdig gebruik. Met het van rechtswege verlenen van een omgevingsvergunning kunnen ook deze woonboten blijven liggen zonder dat eigenaren en gebruikers ervan nieuwe vergunningen hoeven aan te vragen.
6.6.    De Afdeling overweegt over het betoog van het college dat de rechtbank in de overwegingen ten aanzien van de dekschuiten van [appellant E], [appellanten F] een te ruime uitleg aan de Wvvw heeft gegeven, als volgt. Zoals onder rechtsoverweging 6.5 is overwogen, leidt de Afdeling uit de memorie van toelichting bij de Wvvw af dat de wetgever met de categorie andere drijvende objecten die hoofdzakelijk voor verblijf worden gebruikt, niet mede de dekschuiten van [appellant E], [appellanten F] heeft beoogd. Gelet hierop is de Afdeling van oordeel dat het gegeven dat op de dekschuiten van [appellant E], [appellanten F] enkele verblijfsruimten en verschillende opbouwen met voorzieningen voor de woonfunctie zijn gerealiseerd, niet betekent dat de desbetreffende dekschuiten daarmee hoofdzakelijk een verblijfsfunctie hebben verkregen. Het college betoogt dan ook met juistheid dat de rechtbank in dit opzicht een te ruime uitleg aan de Wvvw heeft gegeven.

Het betoog slaagt, maar dat leidt niet tot een vernietiging van de aangevallen uitspraak, omdat deze hoger beroepsgrond zich uitsluitend richt tegen de overweging en niet tegen de beslissing van de rechtbank.

* 22 april 2022 (Rb Oost-Brabant SHE 20/243 en SHE 21/1991): Awb, Wnb; verzoek om handhaving/sluiting, biomassa-energiecentrale, ontbreken vergunning, omgevingsvergunning, referentiesituatie, Vogel-/Habitatrichtlijn, 25 kilometer afkap
De zaken gaan over de vraag of voor de BECC in Cuijk een vergunning is vereist op grond van de Wnb waarin de gevolgen van de biomassa-energiecentrale voor nabijgelegen Natura 2000-gebieden worden beoordeeld (verder: een natuurvergunning). De BECC is opgericht in 1998 nadat enkele Vogelrichtlijngebieden onder de bescherming van de Habitatrichtlijn zijn gekomen. Door de BECC was al wel sprake van enige stikstofdepositie op die gebieden. Volgens de rechtbank had dit toen al moeten worden beoordeeld. Achteraf kan niet worden gezegd dat toen geen natuurvergunning nodig was. Ook toen de handhavingsverzoeken van eisers werden afgewezen, was een natuurvergunning nodig. Inmiddels is er een nieuwe versie van AERIUS waarbij gebieden op meer dan 25 kilometer afstand buiten beschouwing worden gelaten. Ook de rechtbank vindt het opmerkelijk dat door een wijziging van een rekenprogramma er eerst wel een vergunningplicht is en nu niet meer. De rechtbank draagt de provincie op om een nieuw besluit op de handhavingsverzoeken te nemen.

* 22 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/6318): Awb, Wnb; vergunning, woningbouw, belanghebbende, Spoedwet aanpak stikstof, stikstofregistratiesysteem, motivering, snelheidsverlaging wegen/Rnb, bronmaatregel, referentiesituatie, Habitatrichtlijn
De bouw van de woningen, het project Delversduin, is gepland naast een zogenoemd Natura 2000-gebied, het beschermde ‘Noordhollands Duinreservaat’. Omdat de woningbouw leidt tot enige neerslag van stikstof, zogenoemde stikstofdepositie, is een vergunning nodig op grond van de Wet natuurbescherming. Door gebruik te maken van de stikstofruimte die de snelheidsverlaging op de snelwegen heeft gecreëerd, kan deze vergunning volgens GS worden verleend en zijn ‘significante gevolgen’ voor het Duinreservaat uitgesloten.

Een groep bewoners in de buurt heeft bezwaar tegen de verleende vergunning. Zij stellen dat het gebruikmaken van de stikstofruimte niet garandeert dat woningbouw de natuurlijke kenmerken van het Duinreservaat niet zal aantasten.

Op 1 januari 2020 is een spoedwet aanpak stikstof in werking getreden. Deze wet was nodig na de uitspraken van de Raad van State waarin is geoordeeld dat het Programma Aanpak Stikstof in strijd is met de Habitatrichtlijn. Op basis van de spoedwet is een stikstofregistratiesysteem voor de woningbouw- en infrasector in werking getreden. Dit systeem moet vergunningverlening voor onder andere woningbouwprojecten mogelijk maken. In dit stikstofregistratiesysteem wordt de stikstofruimte die ontstaat vanwege stikstofreducerende maatregelen bijgehouden. Deze ruimte kan dan worden ingezet voor een woningbouwproject. De enige stikstofreducerende maatregel die op dit moment is ingevoerd in dat systeem is de verlaging van de maximumsnelheid naar 100 km/uur op snelwegen.

Op grond van de Habitatrichtlijn moeten lidstaten voor elk plan of project dat significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000-gebieden een passende beoordeling maken van die gevolgen. Ook de verlaging van de maximumsnelheid is zo’n plan of project. De lidstaten kunnen alleen toestemming voor een plan of project geven als zeker is dat het de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden niet aantast. Volgens de rechtbank blijkt echter uit de rapporten waarop de verlaging van de maximumsnelheid is gebaseerd, dat niet kan worden uitgesloten dat de natuurlijke kenmerken van enkele Natura 2000-gebieden toch nog worden aangetast, en dat aanvullende maatregelen nodig zijn om de toename van stikstofdepositie weg te nemen. Deze aanvullende maatregelen zijn nog niet uitgevoerd.

Er is dus geen zekerheid dat de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden niet worden aangetast. Dit is in strijd met de Habitatrichtlijn. De rechtbank concludeert daarom dat deze regeling van het stikstofregistratiesysteem niet mag worden toegepast bij de verlening van deze vergunning. De rechtbank vernietigt om die reden de vergunning.

* 22 april 2022 (Rb Noord-Holland HAA 20/6203): Awb, Wnb; vergunning, veehouderij, beweiden/vergunningplicht, toename aantal dieren, emissiefactor stalsysteem, Rav-code, CBS rapport, verkeersbewegingen
De melkveehouderij ligt nabij twee zogenoemde Natura 2000-gebieden, de beschermde gebieden ‘Duinen en Lage Land Texel’ en ‘Waddenzee’. De melkveehouderij wil haar veestapel uitbreiden, bestaande stallen aanpassen en een nieuwe, zogenoemde emissiearme, stal bouwen. Omdat dit mogelijk effect heeft op de Natura 2000-gebieden is een vergunning nodig op grond van de Wet natuurbescherming. Daarbij moet worden beoordeeld of de uitbreiding van de melkveehouderij leidt tot een toename van de neerslag van stikstof in die gebieden.

Een aantal argumenten dat de behartigers van milieubelangen tegen de verleende vergunning heeft aangevoerd slaagt niet, maar twee ervan wel. De rechtbank concludeert ten eerste dat ten onrechte geen rekening is gehouden met de stikstofeffecten van de beweiding van het vee. Het uitgangspunt van Gedeputeerde Staten dat dat in dit geval ook niet hoeft omdat de stikstofeffecten van beweiding van vee altijd gunstiger zijn dan de stikstofeffecten van vee dat in de stal staat, volgt de rechtbank niet.

Ten tweede concludeert de rechtbank dat een te lage emissiefactor is gebruikt om de stikstof-effecten van het nieuwe stalsysteem te berekenen. Voor het verlenen van een Wet natuurbeschermingsvergunning moet zeker zijn dat de stikstofemissie ten opzichte van de oude situatie niet toeneemt. Door te rekenen met de gemiddelde en afgeronde getallen uit de Regeling ammoniak en veehouderij, is die zekerheid er nu niet.

* 20 april 2022 (Rb Overijssel ZWO 22/470 en ZWO 22/471): Awb, Wabo; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken bpl, reguliere procedure, distributiecentrum, belanghebbende, Aarhus, stikstof, AERIUS
5.5    De voorzieningenrechter concludeert op grond van het voorgaande dat het primaire besluit niet valt onder de werkingssfeer van het Verdrag van Aarhus. Daarom is dit verdrag niet van toepassing en kan van strijd met dit verdrag geen sprake zijn. Hieruit volgt dat de door eiseres genoemde verplichtingen uit het verdrag, waaronder de verplichting tot het bieden van inspraak en de verplichting tot het verlenen van toegang tot de rechter, in dit geval niet van toepassing zijn. Daarom ziet de voorzieningenrechter ook geen aanleiding voor het stellen van prejudiciële vragen.
5.6 Hieruit volgt dat het Verdrag van Aarhus geen aanleiding geeft om eiseres ontvankelijk te achten in haar bezwaar tegen het primaire besluit. Dit betekent dat de ontvankelijkheid van dit bezwaar moet worden beoordeeld op grond van het nationale recht.
………………………………………………………………….
7.14 De voorzieningenrechter concludeert dat niet is gebleken dat eiseres de rechtstreeks bij het primaire besluit betrokken belangen blijkens haar feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigt in de zin van artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Awb. Daarom kan eiseres niet worden aangemerkt als belanghebbende in de zin van artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Awb. Hieruit volgt dat verweerder het bezwaar van eiseres terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.

* 15 april 2022 (Rb Rotterdam ROT 22/1518): Awb, Gmw; vovo, woningsluiting, explosief, openbare orde, grondrechten, bevoegdheid
Verzoek om voorlopige voorziening. Woningsluiting na ontploffen explosief bij de woning van verzoekers. Verweerder heeft de woningsluiting gebaseerd op artikel 174a van de Gemeentewet. Deze bevoegdheid geldt alleen bij gedragingen in de woning en dat is hier niet het geval. Verweerder heeft de woningsluiting ook gebaseerd op artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet. Dit is een lichte bevoegdheid waarbij verweerder geen grondrechten mag beperken. Door de woningsluiting komt echter het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer in het geding. Verweerder was dus niet bevoegd om de woning te sluiten op grond van deze artikelen uit de Gemeentewet.

* 8 april 2022 (Rb Zeeland-West-Brabant BRE 22/929 WET VV): Awb, Wnb; opheffing vovo, geen vergunning nodig voor wijziging dieraantallen in combinatie met emissiearm stalsysteem, verwijzing naar kwestie Rb Oost-Brabant/STAB-verslag
9.6   De stelling van verzoeker dat uit het overgelegde STAB-advies zou volgen dat er voldoende zekerheid is over een emissiefactor van ten hoogste 7 kg NH3 wordt niet gedeeld door de voorzieningenrechter, , omdat door middel van dat advies ook niet de zekerheid wordt gegeven dat de emissiefactor van 7 kg NH3 wél juist is vastgesteld ten opzichte van de situatie in de praktijk. Uit het STAB-advies blijkt niet ondubbelzinnig welke bovengrens gehanteerd kan worden. Ook de STAB erkent dat het CBS-rapport een indicatie geeft dat stalsysteem BWL 2010.34 mogelijk minder goed presteert in de praktijk. De STAB noemt – net als het CBS heeft gedaan – verschillende aspecten die zouden kunnen verklaren dat de daadwerkelijke stikstofemissie in de praktijk afwijkt van (en hoger ligt dan) de emissiefactor, zoals bijvoorbeeld het stalmanagement en de bedrijfsvoering. Dit zijn echter slechts veronderstellingen en de STAB geeft ook aan dat daar nader wetenschappelijk onderzoek naar zal moeten worden verricht. Uit een ambtshalve bij de voorzieningenrechter bekende brief van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit20 aan de Tweede Kamer blijkt dat de Minister Wageningen University & Research (WUR) daartoe opdracht heeft gegeven. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter kunnen Gedeputeerde Staten daarom redelijkerwijs niet stellen dat de uitvoerings- en gebruikseisen uit de leaflet waarborgen dat het stalsysteem daadwerkelijk de vastgestelde emissiereductie zal bewerkstellingen.
10.1   Gelet op het voorgaande hebben Gedeputeerde Staten – ook met inachtneming van het STAB-advies – redelijkerwijs niet kunnen besluiten dat voor het wijzigen van de dieraantallen geen natuurvergunning is vereist op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb. Ook op basis van het STAB-advies kunnen significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden niet uitgesloten worden. Daar blijkt onvoldoende uit dat intern gesaldeerd kan worden en dat de wijziging van de dieraantallen niet zal leiden tot een toename van stikstof-depositie op stikstofgevoelige habitattypen op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De ammoniakemissie en daarmee gepaard gaande stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden in de beoogde situatie is daarvoor op dit moment – nog steeds – onvoldoende zeker.

10.2   De voorzieningenrechter zal het verzoek daarom afwijzen.

* 8 april 2022 (Rb Den Haag SGR 21/423): Awb, Wvw 1994; verkeersbesluit, milieuzone voor brom- en snorfietsen, oude Puch, mogelijkheid van ontheffing
5. De rechtbank ziet in wat eiser heeft aangevoerd geen grond voor het oordeel dat verweerder niet in redelijkheid tot het verkeersbesluit heeft kunnen komen. Het doel van het verkeersbesluit is de verbetering van de luchtkwaliteit in Den Haag, omdat luchtverontreiniging schadelijk is voor de volksgezondheid. Dit beperkt zich niet enkel tot bepaalde wijken, maar geldt voor heel Den Haag. Niet is gebleken dat de verschillende onderzoeken waarop verweerder zijn besluitvorming heeft gebaseerd ondeugdelijk zijn. Dat het effect van de milieuzone voor brom- en snorfietsen gering is, maakt niet dat de maatregel ongeschikt is, omdat deze milieuzone deel uitmaakt van een groter samenhangend pakket aan maatregelen om de luchtkwaliteit in Den Haag te verbeteren. Verweerder heeft er hierbij voor gekozen om de milieuzone te laten gelden voor bromfietsen van ouder dan tien jaar. De rechtbank acht dit niet onredelijk.

  1. Naar het oordeel van de rechtbank is de door verweerder uitgevoerde belangenafweging niet onredelijk. Het gaat om een relatief milde maatregel en de milieuzone is geruime tijd voor de invoering ervan, in 2018, aangekondigd.

Bovendien voorziet het beleid van verweerder in ontheffingsmogelijkheden. De ontheffing geldt voor 40 keer per jaar en voor 12 uur per ontheffing. De gemachtigde van verweerder heeft ter zitting toegelicht dat het aanvragen van de ontheffing vrij eenvoudig gaat via de website en dat deze ook achteraf aangevraagd mag worden.

* 23 maart 2022 (Rb Rotterdam ROT 20/6799): Awb, Gmw; schorsing exploitatievergunning, shisha-lounge, te hoge koolstofmonoxide (CO)-waarde, APV, betrouwbaarheid meting, motivering
Verweerder heeft ten onrechte de vergunning voor een shisha-restaurant geschorst omdat er te hoge CO-waardes zouden zijn gemeten. De rechtbank is van oordeel dat teveel twijfel bestaat over de betrouwbaarheid van de gemeten CO-waardes. Zo is onduidelijk gebleven waar en tot welke afstand tot de bron verweerder zijn metingen heeft uitgevoerd. Daarnaast heeft eiseres gemotiveerd aangevoerd dat het door verweerder gebruikte meetinstrument niet geschikt is om daarmee precieze metingen te kunnen verrichten. Verweerder heeft dit betoog onvoldoende weerlegd. Nu twijfel bestaat over de betrouwbaarheid van de gemeten CO-waardes, kan er niet van worden uitgegaan dat eiseres in overtreding is geweest. Daarmee is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet toereikend gemotiveerd.