Site icoon STAB

Maatwerkvoorschriften/Pijnacker-Nootdorp

Het college heeft maatwerkvoorschriften voor rozentelers kunnen stellen om lagere afschermingspercentages te hanteren voor de lichtuitstraling vanuit hun kassen in de donkerteperiode en de nanacht.

Casus

Het college van burgemeester en wethouders van Pijnakker heeft voor drie rozentelers maatwerkvoorschriften gesteld voor afscherming van assimilatiebelichting voor de periode tot 1 mei 2026. Op basis van de maatwerkvoorschriften mogen de rozentelers lagere afschermingspercentages voor de lichtuitstraling vanuit hun kassen in de donkerteperiode en de nanacht hanteren dan voorgeschreven in het Activiteitenbesluit. De Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, afdeling Natuurlijk Delfland, heeft hiertegen beroep ingesteld.

Rechtsvraag

Mocht het college maatwerkvoorschriften stellen?

Uitspraak

De rechtbank stelt voorop dat het college beleidsruimte heeft bij de beslissing of hij gebruikmaakt van zijn bevoegdheid om maatwerkvoorschriften te stellen. Het college dient daarbij een belangenafweging te maken. Hierbij is van belang dat uit de geschiedenis van de totstandkoming van het Activiteitenbesluit volgt dat de wetgever ervan uitgaat dat, gezien de specifieke werkingssfeer van het instrument maatwerkvoorschrift, het gebruik van dit instrument tot bijzondere en incidentele gevallen beperkt zal blijven.
De rechtbank stelt vast dat artikel 3.58 van het Activiteitenbesluit betrekking heeft op de situatie waarin assimilatiebelichting een verlichtingssterkte heeft van minder dan 15.000 lux. In dit artikel zijn emissie-eisen voor de donkerteperiode en de nanacht opgenomen. Omdat de kierbreedte van 25% die in het Besluit glastuinbouw nog was opgenomen, in de praktijk niet handhaafbaar bleek, is per 1 januari 2013 in artikel 3.58 van het Activiteitenbesluit voor de nanacht een andere regeling opgenomen die inhoudt dat voor de nanacht ten minste 74% van al het licht moet worden gereduceerd. Per die datum is in dat artikel ook de mogelijkheid opgenomen om voor de nanacht maatwerkvoorschriften te stellen. Uit de Nota van Toelichting bij het wijzigingsbesluit van het Activiteitenbesluit per die datum blijkt dat die mogelijkheid is opgenomen omdat bij de teelt van een beperkt aantal gewassen het niet altijd mogelijk blijkt om het noodzakelijke kasklimaat te realiseren als na de donkerteperiode gedurende de nanacht nog eens 74% moet worden afgeschermd. Om de praktijk de ruimte te bieden zich aan te passen aan de strenger geworden voorschriften is daarom de mogelijkheid geboden tot maatwerk voor de nanacht. Per 1 januari 2017 is de lichtuitstraling vanuit de kassen van een glastuinbouwbedrijf verder aangescherpt, in die zin dat de lichtuitstraling met ten minste 98% moet worden gereduceerd in plaats van 95%. Voor de donkerteperiode is vervolgens ook de mogelijkheid opgenomen om maatwerkvoorschriften te stellen. Uit de Nota van toelichting bij het besluit van 23 juni 2017 tot wijziging van het Activiteitenbesluit, blijkt dat de reden hiervoor is dat in bepaalde gevallen nog niet met toepassing van de BBT aan het voorschrift voor de donkerteperiode kan worden voldaan. In die gevallen (ongeveer 3% van het Nederlandse glasareaal) kunnen bij bepaalde weersomstandigheden zodanige problemen met de klimaatbeheersing ontstaan dat een rendabele teelt van het betreffende gewas niet mogelijk is.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college mogen aannemen dat ten aanzien van de betrokken rozentelers en hun inrichtingen sprake is van een bijzonder geval waarin het stellen van maatwerkvoorschriften mogelijk is. Daarbij heeft het college kunnen afgaan op het bij de aanvragen gevoegde rapport van 24 juni 2021 van Glastuinbouw Nederland. Uit dat rapport en de daarin aangehaalde onderzoeken blijkt dat het nog steeds nodig is om, onder bepaalde omstandigheden, via maatwerk af te kunnen wijken van de standaardregels voor lichtafscherming om een kwalitatief goede roos te kunnen telen en daarmee de concurrentiepositie ten opzichte van de importroos te kunnen waarborgen. Er wordt weliswaar geëxperimenteerd met het gebruik van LED-belichting, maar de inzet van volledige LED-belichting is nog te risicovol. Ter zitting is namens de rozenteler toegelicht dat volledige LED-belichting nog niet volledig kan worden toegepast omdat de luchtvochtigheid in de kassen dan te hoog is. Dit wordt ook bevestigd door de door de rozenteler overgelegde stukken van onderzoeksrapport Monitoring LED in de rozenteelt van Wageningen University Research over de periode 2022-2023 en het evaluatierapport uit september 2025 van een rozenteler uit de Lier. Hoewel die stukken dateren van na de datum in geding, bevestigen zij dat in elk geval ten tijde van het nemen van het bestreden besluit nog geen andere methode voorhanden was die als BBT kan worden aangemerkt. Hierdoor was het volledig halen van de lichtafschermingspercentages nog niet mogelijk.

Rechtelijke Instantie : Rechtbank Den Haag
Datum Uitspraak : 09-12-2025
Eclinummer : ECLI:NL:RBDHA:2025:24300
Jelle van de Poel

Mobiele versie afsluiten