Weekoverzicht uitspraken omgevingsrecht

* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3487: Awb; handhaving, opslag niet-toepasbare baggerspecie,  Bbk, zorgplicht, Activiteitenbesluit, vergunningplicht, overtreding, gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel (Rb Noord­Nederland 21/2148)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3479: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, woning en uitrit, waterafvoer, berging, bijbehorende bouwwerk, Bor, privaatrechtelijke belemmering, ondoorzichtige folie op ramen achterzijde, privacy (Rb Zeeland-West-Brabant 22/4739)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3502: Awb, Wro; bpl, herstelbesluit, politielocatie, doorkruising historisch pad, einduitspraak na tussenuitspraak
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3488: Awb, Wabo; weigering omgevingsvergunning, zonnepark, bevoegdheid rechtbank, Elektriciteitswet 1998, rijkscoördinatieregeling, bevoegdheid college, melding bij minister, weigering vvgb, goede ruimtelijke ordening, Bor, beleid raad, weidevogelleefgebied, hardheidsclausule, fair-playbeginsel (Rb Noord­Holland 22/4172)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3493: Awb, Wro, Chw; projectuitvoeringsbesluit en omgevingsvergunning, nieuw en gewijzigd projectbesluit, realisatie 8 appartementen, 4 vrijstaande woningen, herontwikkeling, voormalige huishoudschool en bedrijfsgebouw, kwalitatieve en kwantitatieve behoefte, stedelijke ontwikkeling, ladder duurzame verstedelijking, omgevingsverordening, beleidsregels, soortenbescherming, MER-beoordeling, bescherming bomen, woon- en leefklimaat, bouwhoogte, bezonning, welstand
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3484: Awb, Wro; bpl, agrarische bestemming, wonen, overgangsrecht, uit te werken bestemming, aantal (bedrijfs)woningen, geen herstelbesluit, einduitspraak na tussenuitspraak
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3483: Awb, Wabo; tijdelijke omgevingsvergunning, gebruik garagebox, hobby- en klusruimte, geluidsoverlast, parkeerproblemen (Rb Gelderland 22/2017)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3495: Awb, Wabo; intrekking omgevingsvergunning bouwen/milieu/gevolgen voor beschermde natuurgebieden, varkenshouderij, geen bouwactiviteiten, Brummenleer, financiële bedrijfsbelangen, ontbreken belangenafweging (Rb Oost­Brabant 22/293)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3496: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, aanvraag buiten behandeling, bouw varkensstallen, ontbreken m.e.r.-beoordelingsbesluit (Rb Oost‑Brabant 22/689)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3507: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, 149 woningen in twee torens, parkeergarage, belemmering bedrijfsvoering, installatie/machinebouw, geluidsoverlast, geluidwering, Bouwbesluit 2012, gezondheid bewoners, relativiteitsvereiste (Rb Rotterdam 20/6117)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3504: Awb, Wro; bpl, beeldentuin, galerie, dagrecreatiepark, NNB, bosgebied, woon- en leefklimaat, geluidsoverlast, privacy, verkeersoverlast, verkeersgeneratie, capaciteit wegennet, parkeerbehoefte
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3491: Awb, Wabo; weigering omgevingsvergunning, bootoverkapping, strijd met bpl, bestemming water, afwijkingsbevoegdheid, legalisatie, stedenbouwkundige aspecten (Rb Rotterdam 23/4728)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3506: Awb, Wro; bpl, autoschade- en restauratiebedrijf, bebouwingspercentage, uitleg planregels, bestaande bebouwing, bedrijfscategorie, wegbestemd, tussenuitspraak
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3489: Awb, Wbb; saneringsbesluit, bodemverontreiniging, saneringsplan, minerale olie, ondergrondse brandstoftanks, buur perceel, geen technische/organisatorische/ruimtelijke samenhang verontreiniging
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3490: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, detailhandel en 6 appartementen, parkeerbehoefte, dubbelgebruik, parkeerbalans, parkeerplaatsen op eigen terrein (Rb Amsterdam 23/6197, 23/6945 en 23/6962)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3501: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, herstelbesluit, verbouwing woning, lessenaarsdak, welstand, welstandstoets, redelijke termijn
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3480: Awb, Wro; bpl, bedrijventerrein, afstand, ontvankelijkheid, zienswijze, verkeersgevolgen, aansluiting op rijksweg A28, relativiteitsvereiste
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3503: Awb, Wro; bpl, snelweghotel, kantoorruimte, bouwhoogte, woon- en leefklimaat, privacy, bezonning, waterberging, verordening, regionale afstemming,
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3497: Awb, Wro; bpl, realisatie 323 woningen, wens ontwikkelaar, borging ouderenwoningen, gemeentelijk beleid, woonvisie, Didam-arrest, uitvoerbaarheid, vertrouwensbeginsel
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3505: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, realisatie 37 woningen, deelplan, herontwikkeling landbouwgebied, 2.750 woningen, commerciële en maatschappelijke voorzieningen, groen- en recreatiegebied en ontsluitingen, natuur, leefomgeving, milieu, landschappelijke waarden, ontvankelijkheid stichting, hoorzitting, aanhaakplicht, gebiedsbescherming, stikstofdepositie, gebruiksfase, 18 december uitspraak, intern salderen plansystematiek, uitleg planregels, ruimte voor groen, motiveringsgebrek, aantal woningen, archeologie, relativiteitsvereiste, exploitatieplan, parallelle ontwikkeling, Mor, tussenuitspraak (Rb Noord­Holland 24/7225)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3499: Awb, Wabo; weigering omgevingsvergunning, realisatie short stay-appartementen in kantoorgebouw, gewijzigd bouwplan, beleidsregels, strijd met bpl, uitleg planregels, begrippen dienstverlening en zakelijke dienstverlening (Rb Overijssel van 2 juni 2025 in zaak nr. 24/3544)
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3466: Awb, Wro; vovo, bpl, grondwaterwinningslocatie, drinkwaterproductiebedrijf, woon- en leefklimaat, flora- en fauna, schade aan woning, geen aanvragen, geen onomkeerbare gevolgen
* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3467: Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning, uitbreiding productiecapaciteit diervoeders, voorschriften, afsluiting poort, ongewoon voorval, begrip bijlage Ow, aanpassing voorschrift, term voertuigbewegingen ipv vrachtwagenbewegingen, achteruitrijsignalering, geen uitschakelmogelijkheid, geldende geluidgrenswaarden, schorsing voorwaarde, geluidscherm, tijdstip geluidonderzoek (Rb Oost­Brabant 21/3194 en 21/3339)
* College van Beroep voor het bedrijfsleven 16 juni 2026, ECLI:NL:CBB:2026:276: Awb; afwijzing subsidie, melkveehouderij, stikstofvracht, overbelast Natura 2000-gebied, geschiktheid AERIUS-check
* ABRvS 15 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3423: Awb, Wro; vovo, bpl, uitbreiding 110/10 kV-transformatorstation, groenbestemming, geluid, representatieve invulling maximale invulling, normen Activiteitenbesluit, gezondheidsrisico, handreiking RIVM
* ABRvS 15 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3420: Awb, Wabo; vovo, omgevingsvergunning, bouw supermarkt, parkeerbehoefte, parkeeroverlast (Rb Noord­Nederland 24/1931 en 24/1949)
* ABRvS 15 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3424: Awb, Wro; vovo, bpl, twee-onder-een-kapwoning, verdwijnen openbaar groen, omgevingsvisie, belangenafweging, kwalitatieve behoefte, stedenbouwkundige inpassing, privacy en uitzicht, beroep aan huis, waterhuishouding, watertoets, borging waterberging, voorwaardelijke verplichting, uitvoerbaarheid, soortenbescherming, vleermuizen, natuurtoetsen
Rechtbank Midden-Nederland 15 juni 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:3299: Awb, Ow; vovo, tijdelijke omgevingsvergunning, kamergewijze verhuur aan statushouders, woonbestemming, beleidsregels, functiewijziging, taakstelling, doorstroomfunctie, belangenafweging
Rechtbank Limburg 12 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5654: Awb, Ow; vovo, handhaving, bouwen zonder vergunning, gebruik in strijd met bpl, bestuursdwang, geen opheffing eerdere voorziening, belangenafweging
ABRvS 12 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3407: Awb, Ow; vovo, TAM-omgevingsplan, functieverandering, woningen, ontsluiting, belemmering bedrijfsvoering, pluimveebedrijf, nog geen aanvraag omgevingsvergunning, civielrechtelijke positie weg, geen spoedeisendheid
* Rechtbank Noord-Nederland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2290: Awb, TwG; heffingsbesluiten, doorbelasten vergoede waardedaling woningen, Regeling waardedaling, NAM, arrest Hof, prejudiciële beslissing HR, begroten waardedalingsschade, Atlas-methode, afbakening waardedalingsgebied, BW, geofysisch stabiele toestand, peildatum, keuze taxatiemethode, onzekerheidstoeslag, waardedaling onverkochte woningen
* Rechtbank Noord-Nederland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2286: Awb, TwG; heffing, kosten IMG, afhandeling fysieke schade, positie IMG en NAM, heffingsbevoegdheid, reguliere schades, wettelijke basis doorbelasting, bestuurs- en civielrechtelijke kaders, afbakening effectgebied, trillingscontour, bodemdalingscontour, maatstaf voor weerlegging bewijsvermoeden, zettingsschade, causaliteitsonderzoek, toepassing overige regels BW, calculatiemodel, uitvoeringskosten, motiveringsbeginsel, art. 1 EP EVRM
* Conclusie AG HvJ EU 11 juni 2026, ECLI:EU:C:2026:488; Richtlijn 2000/60/EG; prejudiciële verwijzing, waterbeleid, grondwater, art. 4 en 13, stroomgebiedsbeheersplannen, milieudoelstellingen, verlenging termijn bereiken doelstellingen, motiveringsplicht
* Rechtbank Noord-Nederland 11 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2374: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, bowlingscentrum met horeca, stadiongebouw, binnensport, uitleg planregels, ondergeschiktheid horeca, onvoldoende onderzoek, motiveringsgebrek, uitvoerbaarheid, relativiteitsvereiste, bestuurlijke lus, tussenuitspraak
* ABRvS 11 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3389: Awb; vovo, handhaving, gebruik parkeerterrein als tijdelijk busstation, verkeersbestemming, geluidhinder, fijnstof, treinvervangend busvervoer, verstrekkende gevolgen, belangenafweging, schorsing usp rb (Rb Limburg 25/1575)
* Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 10 juni 2026, ECLI:NL:OGHACMB:2026:144: en Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 10 juni 2026, ECLI:NL:OGHACMB:2026:143: Awb; handhaving, gewijzigde bouwvergunning, legalisatie, appartementencomplex, /zwembad, ophoging grond, keermuur, afwijken voorschriften, geen nieuwe integrale toetsing, bouwhoogte, woon- en leefklimaat, hinder, ontsiering, onderdelen handhavingsverzoek, bevoegdheid, legalisatie keermuur, Bwv
Rechtbank Amsterdam 10 juni 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:5778: Awb; afwijzing verzoek om nadeelcompensatie, horecaonderneming met restaurant, zaalverhuur en theater, sluiting pand, openbare orde, verordening, vergewisplicht, voorzienbaarheid, normaal maatschappelijk risico
Rechtbank Limburg 10 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5593: Awb, Ow; vovo en kortsluiten, handhaving, afwijzen verzoek, gebruik loods als parkeergarage, uitbreiding productiekeuken, herhaalde aanvraag, overgangsrecht, legalisatie
Rechtbank Limburg 10 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5575: Awb, Ow; vovo, omgevingsvergunning, transformeren kantoor naar appartement, gebrek participatie hersteld, ETFA, vleermuizen, beperkt bouwplan, privacy, geluid, relativiteitsvereiste, evidente privaatrechtelijke belemmeringen
Rechtbank Limburg 10 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5598: Awb, Ow; vovo en kortsluiten, omgevingsvergunning, legalisatie nieuwe poort, gevelwijziging, opa, erfgoedverordening, gemeentelijk monument, limitatief-imperatief stelsel
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 9 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5029: Awb, Ow; omgevingsvergunning, functiewijziging, van maatschappelijk naar wonen, bopa, sociale aspecten, adviesrecht, provinciaal beleid, adviesrecht gs, beleidsregels, ETFAL, omgevingsverordening, continue overtreding, strijd met wet, evenredigheid, gelijkheidsbeginsel
* Rechtbank Overijssel 9 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3198: Awb, Wabo; handhaving, afwijzing verzoek, airco-units, Bouwbesluit, Bbl, geluidsnormen, geluidsonderzoek omgevingsdienst, begrip paardenbak, belanghebbendheid, uitleg planregels, paardrijactiviteiten, motiveringsgebrek, paardenstal, hobbymatig gebruik, geluid- en geurhinder, parkeren, onvoldoende onderzoek
Rechtbank Oost-Brabant 9 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3993: Awb, Ow; vovo, verlenging tijdelijke omgevingsvergunning, kantoorpand, huisvesten dak- en thuislozen, 52 spaceboxen, BOPA, ETFAL, woongenot, geluid, parkeerdruk en vervuiling, sociale veiligheid
Rechtbank Limburg 9 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5554: Awb, Ow; vovo en kortsluiten, handhaving, illegale bebouwing, dwangsom, invordering, financiële draagkracht
Rechtbank Oost-Brabant 8 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3976: Awb, Ow; handhaving, afwijzing verzoek, overschrijding emissiegrenswaarden  ZZS, wijziging systematiek wettelijke bepalingen, Abm, Bal, aard overtreding, puntbron, nieuw recht, geen overtreding, Invoeringsbesluit Ob, geen procesbelang
¶ Rechtbank Overijssel 8 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3196: Awb, Ow; weigering omgevingsvergunning, bed & breakfast, strijd met bpl, geen hoofdbewoners, prostitutiebedrijf, woonmilieu
Rechtbank Noord-Holland 8 juni 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:6620: Awb, Ow; vovo, handhaving, dwangsom, niet in stand houden rijksmonument, geen financiële noodsituatie
* Rechtbank Overijssel 5 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3188: Awb, Wvw 1994; verkeersbesluit, afsluiting weg, bereikbaarheid restaurant, onevenredigheid, verkeersveiligheid, doorstroming
Rechtbank Gelderland 5 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4508: Awb, Ow: vovo, omgevingsvergunning, bomenkap, opheffing schorsing
Rechtbank Gelderland 5 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4449: Awb, Ow; omgevingsvergunning, uitbreiding woning, derde bouwlaag, conform omgevingsplan, bouwhoogte, welstand
Rechtbank Gelderland 5 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4477: Awb, Ow; vovo, gedoogbesluit voorafgaand aan omgevingsvergunning, realiseren tijdelijke opvangcapaciteit daklozen, rechtsbescherming, geen besluit, geen uitzonderingssituatie
Rechtbank Limburg 5 juni 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:5473: Awb, Ow; vovo en kortsluiten, handhaving, afwijzing handhavingsverzoek, tennis- en padelvereniging, geluidsoverlast, afwijken advies bezwaarschriftencie, exploitatievergunning, motiveringsgebrek
¶ Rechtbank Zeeland-West-Brabant 5 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4955: Awb, Ow; weigering omgevingsvergunning, gebruik woning, recreatieve verhuur, uitleg planregels, strijd met bpl, ETFAL, motiveringsgebrek, strijd met gelijkheids- en evenredigheidsbeginsel
* Rechtbank Noord-Nederland 4 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2218: Awb, Wabo, Wnb; omgevingsvergunning, monomestvergistingsinstallatie, depositie in gebruiksfase, Natura 2000-gebieden, noodzaak natuurvergunning, geen voortoets, emissies bij overdrukbeveiliging en noodfakkelinstallatie, motiveringsgebrek
Rechtbank Oost-Brabant 4 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:4269: Awb, Ow; vovo, handhaving, intrekkingsbesluit omgevingsvergunning, afbreken onvoltooide bedrijfswoning, aanvraag OPA, twee procedures, ordemaatregel
Rechtbank Oost-Brabant 4 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3854: Awb, Ow, handhaving, afwijzing verzoek, biomassa-installatie, bedrijfsbelang PAS-melder, natuurbelang, Wsn, ontbreken natuurvergunning, legalisatie, ecologische beoordeling, motiveringsgebrek, overleg tussen partijen, tussenuitspraak
Rechtbank Oost-Brabant 4 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3855: Awb, Ow; handhaving, afwijzing verzoek, varkenshouderij, PAS-melders, Wnb, ontbreken natuurvergunning, legalisatie, motiveringsgebrek, terugkoppeling aan wetgever
* Rechtbank Den Haag 4 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14812: Awb, Wabo; handhaving, melkvee- en schapenhouderij, agrarische bestemming, gebruik gebouwen en gronden, houden/trainen/fokken honden, strijd met bpl, overtreding, gelijkheidsbeginsel
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 4 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4947: Awb, Ow; vovo, omgevingsvergunning, tijdelijke opvanglocatie, statushouders/asielzoekers, ontvankelijkheid, afstanden, sociale veiligheid, parkeeroverlast, omkeerbaarheid, onvoldoende spoedeisendheid
* Rechtbank Gelderland 4 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4441 en Rechtbank Gelderland 4 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4434: Awb, Wro; planschade, afwijzing aanvragen, realisering schoolcomplex, planvergelijking, speelvoorziening, woonklimaat, waardering schadefactoren, lichtoverlast, gebruik schoolplein, taxatie, normaal maatschappelijk risico
* Rechtbank Gelderland 4 juni 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4442: Awb, Wro: planschade; afwijzing aanvraag, realisering schoolcomplex, planvergelijking, speelvoorziening, woonklimaat, waardering schadefactoren, lichtoverlast, gebruik schoolplein, normaal maatschappelijk risico, geveltaxatie, stamkaart NVM, vertrekwaarde, ontbreken informatie referentieobjecten, controleerbaarheid, motiveringsgebrek, tussenuitspraak
* Rechtbank Noord-Holland 3 juni 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:7104: Awb, Ow; omgevingsdienst, bestuursrechtelijk oordeel, metaalverwerkingsbedrijven, vragen overgangsrecht Ow, negatief ILT, EVOA, rechtsbescherming, bedrijfssituatie, geen besluit
Rechtbank Midden-Nederland 3 juni 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:3257; Awb, Ow; voorlopige schadeloosstelling, onteigening bedrijf t.b.v. uitbreiding transformatorstation 15.43 Ow, tussenbeschikking
* Rechtbank Overijssel 3 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3066: Awb, Wabo; handhaving, afwijzing verzoek, rijwielen op grasstroken, gebruik gymzaal, plaatsing zitje/lichtbakken, strijdig gebruik/bebouwing op openbare weg, controlerapporten, geen overtredingen, redelijke termijn
* Rechtbank Overijssel 3 juni 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:3069: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, sporthal, strijd met bpl, stikstof, fair play-beginsel, hoorplicht, redelijke termijn, processueel gedrag eisers
* Rechtbank Den Haag 2 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14615: Awb, Wabo; handhaving, afwijzing verzoek, houtstook, Bouwbesluit, voldoende onderzoek, geen overtreding
Rechtbank Den Haag 2 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:12384: Awb, Ow; omgevingsvergunning, dakopbouw, schaduwwerking, aanvullende motivering, bezonningsstudie, herziene stedenbouwkundige advies, einduitspraak na tussenuitspraak
* Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 juni 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3647: Awb, Wro, Gemw; belastingrecht, leges, aanvraag wijziging beheersverordening, individualiseerbaar of publiek belang
* Rechtbank Noord-Nederland 1 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2340: Awb, TwG: mijnbouwschade, fysieke schade, fundering, heipalen, BW, bewijsvermoeden, verzakkings- en zettingsschade, draagkracht ondergrond, funderingsonderzoek, voorhuis uit 1930, ontbreken draagkrachtberekeningen, spatkrachten, oplegdruk betonlatei
* Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 1 juni 2026, ECLI:NL:OGHACMB:2026:142: Awb; Bwv, bouwvergunning, bouw buitentrappen, woning, toetsingskader, oud verkavelingsplan, EOP, overgangsregeling, jurisprudentie, overschrijding gevelrooilijnen, deels in stand laten rechtsgevolgen
Rechtbank Amsterdam 29 mei 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:5304: Awb, Ow; handhaving, plaatsen plantenbakken in openbare ruimte, dwangsom, APV
* Rechtbank Oost-Brabant 29 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3950: Awb, Wnb; weigering natuurvergunning, uitbreiden/wijzigingen vakantiepark, stikstofdepositie, intern salderen, jurisprudentie Afdeling, noodzaak vergunning, voortoets
* Rechtbank Zeeland-West-Brabant 28 mei 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:5010: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, verbouwen schoolgebouw en rijksmonumentale kapel, plaatsen overkapping, geluidhinder kinderstemmen, verkeersaantrekkende werking, technische installaties, Bouwbesluit 2012, geluidsniveaus
* Rechtbank Noord-Nederland 28 mei 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2228: Awb, TwG; afwijzing aanvraag immateriële schade, mijnbouwactiviteiten, toetsingskader, standaardregeling, huurder, PIA, bewijs, hoorplicht
Rechtbank Den Haag 27 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:13203: Awb, Ow; vovo, omgevingsvergunning, tijdelijke uitweg, bouwweg, reeds gerealiseerd, overlast, verkeersveiligheid
* Rechtbank Den Haag 26 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14625: Awb, Wabo; handhaving, afwijzing verzoek, geluidsoverlast padelbanen, geluidsmetingen, geluidsvoorschriften, Activiteitenbesluit, meetplan, grenswaarden, geen overschrijding, vegetatiecorrectie, representatieve bedrijfssituatie, achtergrondniveau, nauwkeurigheidscorrectie, gelijkheidsbeginsel
* Rechtbank Zeeland-West-Brabant 26 mei 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4478: Awb; hersteluitspraak, maatwerkvoorschriften bodem en geluid abusievelijk vervallen, omvang geschil, externe veiligheid
* Rechtbank Den Haag 22 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14598: Awb, Wabo; handhaving, bedrijfsmatige opvang honden, strijd met bpl, bevoegdheid, overtreding
* Rechtbank Midden-Nederland 21 mei 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:2510: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, 24 flexwoningen met parkeerplaats, huisvesting statushouders/starters, belanghebbendheid, gevolgen van enige betekenis, herstelbesluit, vvgb, vijftienjaarstermijn, gemeentelijk en provinciaal beleid, ladder duurzame verstedelijking, woon- en leefklimaat, verkeersveiligheid, locatie
Rechtbank Oost-Brabant 20 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3303: Awb, Ow; bopa, 12 tijdelijke woonunits, beleidsregels, tijdelijkheid, ETFAL, wadi’s, parkeernorm, CROW-publicatie, aansluiting bij sociale huur, bezoekersaantal, motiveringsgebrek, alternatieven, financiële haalbaarheid, tussenuitspraak
Rechtbank Midden-Nederland 18 mei 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:2955: Awb, Ow; vovo, afwijzing handhavingsverzoek, paardenbak, geen overtredingen, stress omwonende, geen onomkeerbaar gevolg
* Rechtbank Den Haag 18 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14685: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, bouwen horecagelegenheid, niet-tijdige indiening,  ontvankelijkheid, e-mail met vragen geen bezwaarschrift, verschoonbaarheid, criteria behoordeling, jurisprudentie CBb
* Rechtbank Noord-Nederland 30 april 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2379: Awb; vovo, handhaving, last onder dwangsom, verstrekken perceelsgegevens, lelietelers, gebruik v gewasbeschermingsmiddelen zonder omgevingsvergunning voor Natura 2000-activiteit, significante effecten, rapport WUR, gebruikte middelen, opvragen informatie n.a.v. handhavingsverzoek, geschikt middel, bedrijfsgevoelige informatie, Wbb, belangenafweging, geen criminal charge
* Rechtbank Limburg 30 april 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:4178: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, nieuwbouwwoning, strijd met bpl, goede ruimtelijke ordening, bereikbaarheid hulpdiensten, verkeerssituatie, beleidslijn, precedentwerking
* Rechtbank Den Haag 28 april 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:14617: Awb, Wabo; weigering omgevingsvergunning, legalisatie aanbouw, Bor, geen vergunningvrij bouwwerk, oppervlakte, bebouwingsgebied, afstand tot hoofdgebouw, strijd met bpl, bebouwingspercentage, welstand, beschermd stadsgezicht, binnenterrein
Rechtbank Rotterdam 30 oktober 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:12576 en Rechtbank Rotterdam 19 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6705: Awb, Ow; omgevingsvergunning, vergroten woning, dakopbouw, Bor, bouw- en goothoogte, verhouding verbeelding/planregels, zelfstandige woning, splitsing, sloopvergunning torentje, karakteristiek bouwdeel hoekpand, welstand, dubbelbestemming Waarde-Cultuurhistorie, Rijksbeschermd stadsgezicht, onzorgvuldig welstandsadvies, motiveringsgebrek, tussenuitspraak, onvoldoende aanvullende motivering, besluit innerlijk tegenstrijdig, overschrijding termijn, einduitspraak
* Rechtbank Oost-Brabant 4 september 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:5550: Awb, Wro, Chw; omgevingsvergunning, zonnepark en energieopslagsysteem, Zonneladder, provinciale verordening, behoefte, geen stedelijke ontwikkeling, woon- en leefklimaat, lichthinder, geluidhinder vanwege regen, cumulatieve geluidsdruk, vliegverkeer/helikopter, openheid, landschappelijke inpassing, borging, financiële haalbaarheid, SDE-subsidie, alternatieven, uitvoerbaarheid, draagvlak, calamiteiten
* Rechtbank Limburg 19 december 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:9660: Awb, Wabo; tijdelijke omgevingsvergunning, opstellen parasols met heaters op terras, geluidsbelasting, woon- en leefklimaat, aanvullende geluidsrapporten, strijd met goede procesorde, aantal bezoekers, rechtszekerheidsbeginsel, geluidbronnen/cumulatie, openingstijden, uitzicht, onvoldoende onderzoek, motiveringsgebrek, redelijke termijn

¶ = uitspraak waarop de Omgevingswet materieel van toepassing is (dus niet de uitspraken die vallen onder het overgangsrecht)
# = betrokkenheid STAB
= (nog) niet gepubliceerd

Bijzondere overwegingen

* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3487: Awb; handhaving, opslag niet-toepasbare baggerspecie,  Bbk, zorgplicht, Activiteitenbesluit, vergunningplicht, overtreding, gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel (Rb Noord­Nederland 21/2148)
5.1. Vast staat dat Ippel Dredging niet beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo. (…). De overtreding betreft de opslag van niet-toepasbare baggerspecie zonder de daarvoor vereiste vergunning. Voor zover Ippel Dredging op de zitting heeft gesteld dat het moment dat de baggerspecie het depot verlaat bepalend is bij de vraag of sprake is van niet-toepasbare baggerspecie en, om die reden, een overtreding, overweegt de Afdeling dat, zoals het college in reactie daarop heeft toegelicht, uit de systematiek van het Bbk volgt dat het opslaan van baggerspecie een vorm van toepassen van baggerspecie is. Het moment van de inname van de baggerspecie is dan ook bepalend voor de vraag of het opslaan daarvan al dan niet een overtreding is. Voor zover Ippel Dredging aanvoert dat zij een vloeistofkerende vloer heeft aangelegd, wordt verder overwogen dat, wat daar verder van zij, deze vloeistofkerende vloer niet afdoet aan de vergunningplicht. Het college heeft overigens toegelicht dat voor de opslag van niet-toepasbare baggerspecie zoals hier aan de orde onder meer een vloeistofdichte voorziening noodzakelijk is die vloeistoffen permanent tegenhoudt, in tegenstelling tot tijdelijk zoals in het geval van een vloeistofkerende vloer. Niet in geschil is dat geen sprake is van een vloeistofdichte voorziening.

* ABRvS 17 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3488: Awb, Wabo; weigering omgevingsvergunning, zonnepark, bevoegdheid rechtbank, Elektriciteitswet 1998, rijkscoördinatieregeling, bevoegdheid college, melding bij minister, weigering vvgb, goede ruimtelijke ordening, Bor, beleid raad, weidevogelleefgebied, hardheidsclausule, fair-playbeginsel (Rb Noord­Holland 22/4172)
4.2.    De Afdeling is van oordeel dat op het besluit van 19 juli 2022 de rijkscoördinatieregeling van toepassing is en zet dat hierna uiteen.
Het aangevraagde zonnepark moet worden aangemerkt als een productie-installatie, aangezien dit bestaat uit meerdere productie-eenheden voor de opwekking van elektriciteit. Daarnaast heeft volgens de aanvraag een vermogen van 73 Megawattpiek (MWp). Wattpiek is een meeteenheid waarin wordt uitgedrukt wat het vermogen van een zonnecel is onder standaard testomstandigheden. Hoewel MWp daarmee niet zonder meer gelijk staat aan MW, is het op basis van de aanvraag aannemelijk dat het zonnepark een vermogen heeft van meer dan 50 MW. De aanvraag voldoet hiermee aan de omschrijving in artikel 9b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Elektriciteitswet, zodat de in artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wro genoemde rijkscoördinatieregeling van toepassing is.
URL heeft nagelaten om bij de minister een melding te doen over de voorgenomen aanleg van het zonnepark. Maar dat betekent nog niet dat de rijkscoördinatieregeling om die reden niet van toepassing is. De toepassing van de rijkscoördinatieregeling vloeit in dit geval namelijk rechtstreeks voort uit de wet, te weten artikel 9b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Elektriciteitswet 1998. Weliswaar volgt uit artikel 9b, derde lid, van de Elektriciteitswet dat URL een dergelijke melding had moeten doen maar uit de wettekst van artikel 9b van de Elektriciteitswet blijkt niet dat die melding een voorwaarde is voor de toepasselijkheid van de rijkscoördinatieregeling. Ook de memorie van toelichting bij artikel 9b van de Elektriciteitswet (Kamerstukken II 2007/08, 31 326, nr. 3 blz. 15) biedt geen aanknopingspunten voor een dergelijk oordeel. Daaruit volgt alleen maar dat de wetgever ervan is uitgegaan dat de (beoogd) producent in de zin van de Elektriciteitswet een melding zal doen omdat dit in zijn eigen belang is.
Het standpunt van het college dat de rijkscoördinatieregeling niet van toepassing is op het besluit van 19 juli 2022 omdat de gevraagde omgevingsvergunning niet wordt verleend, deelt de Afdeling evenmin.
Hoewel de letterlijke tekst van artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wro met de bewoording “wordt […] verleend” suggereert dat het moet gaan om de verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wabo, zou deze uitleg tot gevolg hebben dat pas nadat een besluit op de aanvraag is genomen, duidelijk is of de rijkscoördinatieregeling van toepassing is op de voorbereiding van het besluit. Dit terwijl de rijkscoördinatieregeling in de eerste plaats bij de voorbereiding van het besluit van belang is.
Nu verder vast staat dat er niet een besluit als bedoeld in artikel 9b, vierde lid, van de Elektriciteitswet is genomen, komt de Afdeling tot de conclusie dat de rijkscoördinatieregeling van toepassing is.
4.3.  Op grond van artikel 8:6, eerste lid, in samenhang gelezen met artikel 2 van bijlage 2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), zoals die luidde ten tijde van belang, kon rechtstreeks bij de Afdeling beroep worden ingesteld tegen een besluit waarop artikel 3.35 van de Wro van toepassing is. Gelet hierop kon tegen het besluit van 19 juli 2022 alleen in eerste en enige aanleg beroep worden ingesteld bij de Afdeling. Dit betekent dat de rechtbank onbevoegd was om kennis te nemen van het beroep van URL tegen dat besluit.
7.1.    Op grond van artikel 2.4, eerste lid, van de Wabo is in beginsel het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar een project in hoofdzaak zal worden of wordt uitgevoerd, bevoegd om op een aanvraag voor een omgevingsvergunning te beslissen. Gelet op de locatie van het bouwplan was het college daarom in beginsel bevoegd om op de aanvraag van URL te beslissen.
Bij het aanleggen van een zonnepark in de zin van artikel 9b, eerste lid, aanhef onder b, van de Elektriciteitswet, heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat, nu de minister van Klimaat en Groene Groei, op grond van artikel 9b en 9c van de Elektriciteitswet en artikelen 3.35 en 3.36 van de Wro verschillende bevoegdheden tot het nemen en/of het coördineren van ruimtelijke besluiten. Maar de tekst van die bepalingen biedt geen grond voor het oordeel dat die aan de minister toegekende bevoegdheden ook zonder meer in de plaats komen van de bevoegdheid die het college op grond van artikel 2.4, eerste lid, van de Wabo heeft om op de aanvraag voor een omgevingsvergunning te beslissen.
De Afdeling is dan ook van oordeel dat het college het besluit van 19 juli 2022 bevoegd heeft genomen.

* College van Beroep voor het bedrijfsleven 16 juni 2026, ECLI:NL:CBB:2026:276: Awb; afwijzing subsidie, melkveehouderij, stikstofvracht, overbelast Natura 2000-gebied, geschiktheid AERIUS-check
5.6 Het College ziet geen grond voor het oordeel dat de regelgever in het kader van diens beslisruimte de keuze voor de AERIUS Check als rekeninstrument niet heeft kunnen maken. De AERIUS Check is een rekeninstrument dat is ontwikkeld door het RIVM en dat wordt gebruikt bij de vergunningverlening op grond van de Wet natuurbescherming. Uit de AERIUS-berekeningen volgt de hoeveelheid stikstofdepositie die een bepaalde situatie veroorzaakt op de verschillende Natura 2000-gebieden. De AERIUS Calculator berekent de depositiebijdrage van emissiebronnen die een gebruiker in het systeem invoert of importeert. Het rekeninstrument is een geschikt middel om het doel, een depositieberekening van de stikstofvracht op de verschillende Natura 2000-gebieden, te bereiken, zodat bepaald kan worden of de stikstofdepositie van een veehouderijlocatie boven de drempelwaarden van de Lbv uitkomt. Dat het AERIUS-model, naar het landbouwbedrijf onder verwijzing naar publicaties van het RIVM heeft gesteld, een onzekerheidsmarge van 30% kent, betekent niet dat de minister de berekening van de voor de Lbv relevante stikstofvracht niet op de AERIUS had mogen baseren. De bruikbaarheid van AERIUS voor de berekening van de stikstofvracht in het kader van de Lbv wordt door het landbouwbedrijf niet betwist. Het betoog van het landbouwbedrijf komt erop neer dat de regelgever bij zijn keuze voor de AERIUS Check als rekeninstrument in de regeling rekening had moeten houden met de onzekerheden, bijvoorbeeld in de vorm van afwijkingsmarges. Dit betoog volgt het College niet. De Lbv is een subsidieregeling en het gaat hier voor de aanvrager van de subsidie om een begunstigend besluit. Met de AERIUS Check wordt de stikstofdepositie voor alle aanvragers op eenzelfde wijze bepaald. Er zijn geen indicaties dat de AERIUS niet geschikt is voor deze berekeningen. Bovendien geldt dat de onzekerheidsmarge naar twee kanten kan werken. Dat betekent dat de feitelijke waarde zowel hoger als lager uit kan vallen dan de in het model berekende waarde. Gelet daarop valt niet zonder meer in te zien dat een in de Lbv opgenomen onzekerheidsmarge een verschil had gemaakt.

* Rechtbank Noord-Nederland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2290: Awb, TwG; heffingsbesluiten, doorbelasten vergoede waardedaling woningen, Regeling waardedaling, NAM, arrest Hof, prejudiciële beslissing HR, begroten waardedalingsschade, Atlas-methode, afbakening waardedalingsgebied, BW, geofysisch stabiele toestand, peildatum, keuze taxatiemethode, onzekerheidstoeslag, waardedaling onverkochte woningen
1.1. NAM heeft van 2014 tot 2020 waardedalingsschade afgehandeld via de Regeling waardedaling. Die regeling zag op verkochte woningen. Het belangrijkste geschilpunt in deze zaak gaat over de vraag of de door het Instituut gemaakte kosten in verband met vergoede waardedaling van onverkochte woningen kunnen worden doorbelast.
1.4. De rechtbank zoekt bij haar oordeel aansluiting bij de prejudiciële beslissing van de Hoge Raad van 19 juli 2019 en is van oordeel dat de wijze waarop de waardedaling nu voor wat betreft onverkochte woningen is doorbelast daarmee niet overeenstemt. De Hoge Raad heeft op 19 juli 2019 overwogen dat er nog geen sprake is van een voldoende stabiele toestand om waardedaling van onverkochte woningen te begroten. Dit betekent dat het doorbelasten van kosten aan NAM niet kan als de waardedaling is begroot met als peildatum 1 januari 2019. De Minister moet een nieuw besluit nemen. Als de Minister vindt dat er inmiddels wel sprake is van een voldoende stabiele toestand om de waardedaling van onverkochte woningen te begroten, is het aan de Minister om dat uit te leggen en te onderbouwen.

* Rechtbank Noord-Nederland 12 juni 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2286: Awb, TwG; heffing, kosten IMG, afhandeling fysieke schade, positie IMG en NAM, heffingsbevoegdheid, reguliere schades, wettelijke basis doorbelasting, bestuurs- en civielrechtelijke kaders, afbakening effectgebied, trillingscontour, bodemdalingscontour, maatstaf voor weerlegging bewijsvermoeden, zettingsschade, causaliteitsonderzoek, toepassing overige regels BW, calculatiemodel, uitvoeringskosten, motiveringsbeginsel, art. 1 EP EVRM
12.12. Het Instituut heeft zich bij de afbakening van het effectgebied gebaseerd op diverse wetenschappelijk rapporten en adviezen en de inzichten van een multidisciplinair samengestelde commissie, het Panel van Deskundigen. Hij heeft aan de hand daarvan het gebied afgebakend op een veilige grens waarbuiten redelijkerwijs geen schade is te verwachten. Deze wijze van afbakening is naar het oordeel van de rechtbank daarom op zorgvuldige wijze tot stand gekomen. De rechtbank is van oordeel dat het Instituut bij deze wijze van afbakening ook binnen de toepasselijke civielrechtelijke en bestuursrechtelijke kaders is gebleven en invulling heeft gegeven aan de opdracht om bij de afwikkeling van mijnbouwschade ruimhartigheid te betrachten die passend is bij de door de wetgever gewenste bescherming van de benadeelden. Voor toepassing van ruimhartigheid kan ook grondslag in het BW worden gevonden via de ruime toerekening op grond van artikel 6:98 BW. De rechtbank is gelet op het voorgaande van oordeel dat de Minister de vergoedingen die op grond van de bodemdalingscontour door het Instituut zijn toegekend terecht heeft doorbelast aan NAM.

* Conclusie AG HvJ EU 11 juni 2026, ECLI:EU:C:2026:488; Richtlijn 2000/60/EG; prejudiciële verwijzing, waterbeleid, grondwater, art. 4 en 13, stroomgebiedsbeheersplannen, milieudoelstellingen, verlenging termijn bereiken doelstellingen, motiveringsplicht
71. Gelet op het voorgaande geef ik het Hof in overweging, de prejudiciële vraag van het Bundesverwaltungsgericht te beantwoorden als volgt:
„Artikel 4, lid 4, van richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid moet aldus worden uitgelegd dat de in een stroomgebiedsbeheersplan vastgestelde verlenging van de termijn ter verwezenlijking van de milieudoelstellingen voor waterlichamen ongeldig is wanneer de informatie in dat beheersplan niet voldoet aan alle vereisten van die bepaling, daaronder begrepen die van artikel 4, lid 4, onder b) en d), van deze richtlijn.”

Rechtbank Amsterdam 10 juni 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:5778: Awb; afwijzing verzoek om nadeelcompensatie, horecaonderneming met restaurant, zaalverhuur en theater, sluiting pand, openbare orde, verordening, vergewisplicht, voorzienbaarheid, normaal maatschappelijk risico
9. De rechtbank overweegt dat het sluiten van een pand waarin een horecaonderneming is gevestigd, waar voor de deur een zwaar explosief is afgegaan, in een omgeving met woningen en een hotel een normale en te verwachten reactie is van de burgemeester en in die zin voorzienbaar is. Het betreft hier namelijk een ernstige schending van de openbare orde. De sluiting is daarmee in zoverre voorzienbaar, waardoor het geen buiten het normaal ondernemersrisico vallend nadeel is dat de burgemeester zou moeten compenseren. Voor zover eiseres stelt dat geen sprake is van verwijtbaarheid, overweegt de rechtbank dat het ontbreken van verwijtbaarheid geen bijzondere omstandigheid is waardoor de burgemeester alsnog tot het verstrekken van nadeelcompensatie had moeten overgaan. Het gaat immers om een risico dat verbonden is aan de bedrijfsvoering, namelijk het exploiteren van een horecaonderneming in een gebied waarin ook woningen en een hotel zijn gelegen. Dat risico wordt benadrukt door de eerdere incidenten, die de burgemeester bij de belangenafweging bij de sluiting heeft betrokken. Hoewel de rechtbank aanneemt dat eiseres het maximale heeft gedaan om de veiligheid te waarborgen in en rondom het pand, maakt dit gegeven niet dat het risico van een sluiting daarmee niet tot haar bedrijfsvoering kan worden gerekend. Voor zover eiseres stelt dat de burgemeester de openbare orde niet heeft weten te handhaven en dat haar om die reden nadeelcompensatie toekomt, kan dat standpunt dan ook niet worden gevolgd. De rechtbank kan zich vinden in de uitleg van de burgemeester van de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 februari 20102 en 4 oktober 2023 en de conclusie die de burgemeester aan deze uitspraken heeft verbonden.

Rechtbank Oost-Brabant 8 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3976: Awb, Ow; handhaving, afwijzing verzoek, overschrijding emissiegrenswaarden  ZZS, wijziging systematiek wettelijke bepalingen, Abm, Bal, aard overtreding, puntbron, nieuw recht, geen overtreding, Invoeringsbesluit Ob, geen procesbelang
3.3. De rechtbank stelt voorop dat het gaat om de vraag of eisers met hun beroep kunnen bereiken dat het college tot handhaving overgaat. Als hun beroep gegrond zou zijn, zou de rechtbank het bestreden besluit vernietigen en zou het college opnieuw op het bezwaar van eisers moeten beslissen. Daarbij zou het college het primaire besluit van 17 oktober 2024 moeten heroverwegen. De heroverweging van besluiten over een handhaving omvat twee stappen. In de eerste plaats moet het college de vraag beantwoorden of op basis van de feiten en omstandigheden en het recht ten tijde van het primaire besluit terecht is geweigerd om tot handhaving over te gaan. Hierbij is onder meer van belang of ten tijde van het primaire besluit sprake is van een overtreding van een wettelijk voorschrift. Als het college een handhavingsverzoek bij nader inzien onterecht heeft afgewezen, komt de tweede vraag aan de orde. Dan moet het bekijken of de bevoegdheid om een herstelsanctie op te leggen nog steeds bestaat. Valt de overtreding nog steeds te beëindigen, ongedaan te maken of te voorkomen? Bij de beantwoording van deze vraag dient het college de feiten, omstandigheden en het recht ten tijde van de heroverweging te betrekken. Bij een wijziging van recht is van belang of de aard van de overtreding hetzelfde is gebleven. De bevoegdheid om een herstelsanctie op te leggen bestaat alleen als het gaat om hetzelfde voorschrift met dezelfde strekking. In dit kader kan ook de systematiek van het voorschrift een rol spelen.
3.4. Het verzoek om handhaving dat ten grondslag ligt aan de besluitvorming, is op 28 januari 2024 ingediend. Eisers hebben in het verzoek gesteld dat sprake is van overschrijdingen van de normen van het Bal. Dat maakt echter niet dat het Bal toen al onverkort van toepassing was. Tot 1 januari 2026 golden de normen in artikel 5.30 van het Bal immers pas als aan de voorwaarden uit artikel 2.5, eerste en vierde lid, van het Abm was voldaan.
3.5. Als de rechtbank eisers gelijk zou geven en het bestreden besluit zou vernietigen, zou het college een nieuw besluit op bezwaar moeten nemen. Hierbij moet het college eerst met toepassing van artikel 2.5, eerste en vierde lid, van het Abm beoordelen of ten tijde van het primaire besluit van 17 oktober 2024 sprake was van een overtreding (eerste stap van de tweeslag). Pas als die vraag bevestigend zou worden beantwoord, komt de vraag aan de orde of de bevoegdheid om een last onder dwangsom op te leggen voor die overtreding nog altijd bestaat onder de werking van artikel 5.30 van het Bal. Gaat het om hetzelfde voorschrift met dezelfde strekking?
3.6. In het Bal zijn regels gesteld per activiteit. In het Abm zijn regels gesteld per inrichting. Dit zijn verschillende benaderingen. Dit verschil komt tot uitdrukking in de regelgeving. Als gevolg van het stellen van regels per activiteit zijn in het Bal nu grenswaarden gesteld per puntbron. De drempel van de grensmassastroom voor alle puntbronnen binnen de inrichting als geheel is komen te vervallen. Ook de sommatiebepaling voor de inrichting als geheel is komen te vervallen. Sinds 1 januari 2026 wordt per puntbron beoordeeld of emissies boven de drempelwaarde uitkomen en, zo ja, of deze aan de emissie-eisen voldoen. Naar het oordeel van de rechtbank is hiermee de aard van de overtreding gewijzigd. De toetsingsmethodiek waarbij eerst de inrichting als geheel wordt beoordeeld, is onder het nieuwe recht irrelevant geworden. Onder het nieuwe recht wordt immers niet meer gekeken naar de totale emissies van alle puntbronnen per stofklasse en stofcategorie van de inrichting. Dat heeft onder meer tot gevolg dat de lagere emissies van de ene puntbron binnen de inrichting de hogere emissies van een andere puntbron binnen de inrichting niet meer kunnen compenseren.
3.7. Onder het oude recht hoeft het ook niet om dezelfde overtreder te gaan als onder het nieuwe recht. De juridische entiteit die verantwoordelijk is voor de inrichting als geheel, hoeft niet dezelfde te zijn als de juridische entiteit die verantwoordelijk is voor de emissies van een puntbron. De wetgever heeft bedrijven op grond van artikel 8.1.6 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet twee jaar de tijd heeft gegeven om maatregelen te treffen om aan de nieuwe regels te gaan voldoen. De rechtbank beschouwt dit als een zodanige ingrijpende wijziging dat de voorschriften onder het Abm niet meer dezelfde strekking hebben als de voorschriften onder het Bal. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank tot de conclusie dat de gestelde overtreding van de oude bepalingen niet mede een overtreding is van de nieuwe bepalingen. Het college is dan ook niet bevoegd om vanwege de gestelde overtreding van de oude bepalingen onder dwangsom naleving van de nieuwe bepalingen te gelasten. Het college is evenmin bevoegd om onder dwangsom naleving van de oude bepalingen te gelasten, omdat die bepalingen niet meer gelden. Dat leidt tot de conclusie dat het beroep niet meer tot handhaving kan leiden.

Rechtbank Oost-Brabant 4 juni 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3855: Awb, Ow; handhaving, afwijzing verzoek, varkenshouderij, PAS-melders, Wnb, ontbreken natuurvergunning, legalisatie, motiveringsgebrek, terugkoppeling aan wetgever
6.5. Deze uitspraak is een herhaling van zetten. Partijen en de natuur komen hiermee niet dichterbij een oplossing en er komt geen stip op de horizon. Deze uitspraak verschilt daarmee niet met uitspraken van andere rechtbanken. De rechtbank geeft de terugkoppeling aan de wetgever dat het de hoogste tijd is om gevolg te geven aan artikel 22.21 van de Omgevingswet en zorg te dragen voor een betekenisvol programma met kans van slagen.
6.6. De rechtbank roept partijen wel op om met elkaar in overleg te gaan over een oplossing in deze zaak. Ten behoeve van dit overleg geeft de rechtbank partijen het volgende mee voor het overleg over hun rechtspositie en opstelling bij dit overleg.
– In intrekkingszaken, waaronder de eerdergenoemde uitspraak van 16 april 2025, heeft de rechtbank overwogen dat artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn niet absoluut is maar wordt beperkt door artikel 17 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. De rechtbank is bovendien bekend met het feit dat eiseres in andere zaken zich bereid heeft verklaard om water bij de wijn te doen als er maar maatregelen worden genomen. Dit is onder meer het geval in de zaak SHE 25/579 waar vandaag om die reden een tussenuitspraak wordt gedaan. Overleg kan een snellere route zijn naar het door eiseres gewenste natuurherstel.
–  In navolging van rechtsoverweging 3.20 van het eerdergenoemde arrest van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch wijst de rechtbank de derde-partij erop dat de vrijheid van ondernemerschap en het recht op ongestoord genot van eigendom niet onbeperkt zijn, maar worden beperkt door artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn. Van de derde-partij mag dus enige inspanning worden verwacht, zeker nu de wetgever en de rechtspraak geen aanleiding hebben gezien voor een generaal pardon voor PAS-melders.
– Het college heeft er terecht op gewezen dat het aan de landelijke wetgever is om stappen te maken in dit traject, maar de provincie Noord-Brabant heeft ook strenge eisen gesteld aan de stalsystemen van nieuwe stallen in artikel 3.99 van de Omgevingsverordening. Dit beperkt de derde-partij bij het renoveren van stal 1. Het college is wel het bevoegd gezag bij de verlening van de (eventueel) noodzakelijke natuurvergunning ter legalisatie.

* Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 juni 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:3647: Awb, Wro, Gemw; belastingrecht, leges, aanvraag wijziging beheersverordening, individualiseerbaar of publiek belang
4.6. Ten tijde van het in behandeling nemen van belanghebbendes aanvraag is de beheersverordening ‘Landelijk gebied 2020’ van toepassing. Een dergelijke beheersverordening regelt enkel het beheer overeenkomstig het bestaande gebruik (zie 4.3). Voor het uitvoeren van de door belanghebbende verzochte bestemmingswijziging moet daarom een bestemmingsplan worden vastgesteld als bedoeld in artikel 3.1 Wro (zie 4.1).
4.7. Op grond van artikel 229, lid 1, aanhef en letter b Gemeentewet kunnen leges worden geheven ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten (zie 4.5). Onder dergelijke diensten worden verstaan de werkzaamheden die rechtstreeks en in overheersende mate verband houden met dienstverlening ten behoeve van een individualiseerbaar belang.
4.8. Naar het oordeel van het Hof gaat het bij het vaststellen door de gemeenteraad van de bestemming van gronden in een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 Wro, rechtstreeks en vooral om het dienen van het publieke belang. Juist dit publieke belang vormt de rechtvaardiging voor de beperkingen die een bestemmingsplan oplegt aan eigenaren van grond binnen dit bestemmingsplan. Het vaststellen van een bestemmingsplan door de gemeenteraad, ook als het plangebied slechts een of enkele percelen betreft, wordt uitgevoerd met het oog op de publieke taakuitoefening van de gemeente en houdt niet rechtstreeks en in overheersende mate verband met dienstverlening ten behoeve van een individualiseerbaar belang. Bij het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 Wro is derhalve niet, ook niet gedeeltelijk, sprake van een rechtstreeks aan de aanvrager verrichte dienst waarvoor op grond van artikel 229, lid 1, aanhef en letter b Gemeentewet leges kunnen worden geheven. Hoewel ook hier indirect sprake is van een particulier belang, zoals altijd als een bestemmingsplan wordt vastgesteld met betrekking tot een gebied dat (gedeeltelijk) in eigendom is bij particulieren, is dit particuliere belang naar het oordeel van het Hof niet rechtstreeks en in overheersende mate in het geding. Nu geen sprake is van een dienst in de zin van artikel 229, lid 1, letter b Gemeentewet, is heffing van leges op grond van die bepaling niet mogelijk en dient de aanslag leges te worden vernietigd.

* Rechtbank Midden-Nederland 21 mei 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:2510: Awb, Wabo; omgevingsvergunning, 24 flexwoningen met parkeerplaats, huisvesting statushouders/starters, belanghebbendheid, gevolgen van enige betekenis, herstelbesluit, vvgb, vijftienjaarstermijn, gemeentelijk en provinciaal beleid, ladder duurzame verstedelijking, woon- en leefklimaat, verkeersveiligheid, locatie
22. Eiser voert aan dat de omgevingsvergunning in feite voor langer dan vijftien jaar is verleend. Met het herstelbesluit heeft het college de aanvang van de vijftienjaarstermijn gekoppeld aan de dag na die waarop de bouw door vergunninghouder gereed wordt gemeld. Volgens eiser is dat in strijd met de Chw en met artikel 5.16 van het Besluit omgevingsrecht (Bor).
23. De rechtbank volgt eiser hierin niet. In de Chw noch het Bor is een maximale termijn van vijftien jaar voorgeschreven voor omgevingsvergunningen als deze. Artikel 5.16 van het Bor regelt alleen dat áls het college een tijdelijke bouwvergunning voor vijftien jaar of korter wil verlenen, het college in de vergunning de verplichting moet opnemen dat vergunninghouder na afloop van die termijn de voor de verlening bestaande toestand hersteld moet hebben. De rechtbank vindt het niet onredelijk om de vijftienjaarstermijn te laten aanvangen op de dag na gereedmelding van de bouw. Dit is in lijn met het Bouwbesluit 2012 waarin tijdelijke bouwwerken, zoals het onderhavige, zijn omschreven als bouwwerken die bedoeld zijn om voor een periode van ten hoogste vijftien jaar op een bepaalde plaats aanwezig te zijn. Bovendien zullen de flexwoningen pas in gebruik kunnen worden genomen als deze gereed zijn. De beroepsgrond slaagt niet.

* Rechtbank Noord-Nederland 30 april 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2379: Awb; vovo, handhaving, last onder dwangsom, verstrekken perceelsgegevens, lelietelers, gebruik v gewasbeschermingsmiddelen zonder omgevingsvergunning voor Natura 2000-activiteit, significante effecten, rapport WUR, gebruikte middelen, opvragen informatie n.a.v. handhavingsverzoek, geschikt middel, bedrijfsgevoelige informatie, Wbb, belangenafweging, geen criminal charge
5.3. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is het ook niet onevenredig om de lelietelers te vragen om de gevraagde bedrijfsgegevens te verstrekken. Wat er ook zij van de conclusies van het WUR-rapport en de overige door verzoekers gestelde omstandigheden, het college moet een gemotiveerd besluit nemen op het verzoek om handhaving. Nu dat verzoek ziet op zeventien lelietelers, moeten de vraag of sprake is van een overtreding en de vraag, of er bijzondere omstandigheden zijn om niet handhavend op te treden, op perceelsniveau worden beoordeeld en moet het daartoe benodigde onderzoek daarom ook op perceelsniveau plaatsvinden. De enkele verwijzing naar het – algemene – WUR-rapport en de andere omstandigheden is daartoe onvoldoende. Pas als het college weet op welke percelen de lelies worden geteeld, kan worden onderzocht of al dan niet sprake is van een overtreding, waarbij onder meer omstandigheden als de afstand tot het natuurgebied en de vraag of sprake is van voortgezet gebruik een rol spelen. Zoals het college ter zitting heeft aangegeven, zullen hierbij ook het WUR-rapport en het beleid van het college worden betrokken.

Rechtbank Rotterdam 30 oktober 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:12576 en Rechtbank Rotterdam 19 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6705: Awb, Ow; omgevingsvergunning, vergroten woning, dakopbouw, Bor, bouw- en goothoogte, verhouding verbeelding/planregels, zelfstandige woning, splitsing, sloopvergunning torentje, karakteristiek bouwdeel hoekpand, welstand, dubbelbestemming Waarde-Cultuurhistorie, Rijksbeschermd stadsgezicht, onzorgvuldig welstandsadvies, motiveringsgebrek, tussenuitspraak, onvoldoende aanvullende motivering, besluit innerlijk tegenstrijdig, overschrijding termijn, einduitspraak
8.2 De rechtbank is gelet op wat hiervoor in 8.1. is opgenomen van oordeel dat het college met de aanvullende motivering van de AOC nog steeds niet afdoende heeft gemotiveerd waarom het bouwplan binnen het Rijksbeschermd stadsgezicht past en dat de oorspronkelijke waardevolle karakteristiek van het pand of ensemble niet wordt aangetast.
Uit de aanvullende motivering van het college blijkt niet hoe het bouwplan zich verhoudt tot de specifieke cultuurhistorische waarden van het Rijksbeschermd stadsgezicht. Daarnaast is het bouwplan niet dan wel onvoldoende afgezet tegen de typeringen uit de toelichting bij het aanwijzingsbesluit. De door de AOC gegeven motivering betreft naar het oordeel van de rechtbank slechts een samenvatting van de reactie van de welstandscommissie op de negatieve welstandsadviezen en de oplossingen van de welstandscommissie om alsnog tot een positief welstandsadvies te kunnen komen. De oplossingen van de welstandscommissie zijn afgezet tegen de directe omgeving en daaruit blijkt niet dat het door de welstandscommissie geaccordeerde bouwplan ook is afgezet tegen de in de toelichting bij het aanwijzingsbesluit genoemde typeringen terwijl dit op grond van criteria B van de Welstandsnota en artikel 25.1 van de planregels (dubbelbestemming “Waarde-Cultuurhistorie”) wel is vereist. Er moet immers rekening worden gehouden met die kenmerken van de omgeving, die hebben geleid tot de aanwijzing. Deze dienen op zijn minst gerespecteerd te worden en waar mogelijk versterkt, zoals in de toelichting bij Criterium B staat.

Privacy beleid
STAB hecht aan het naleven van de beginselen uit de AVG. De wijze waarop we met gegevens omgaan, is vastgelegd in een privacyverklaring. Voor onze volledige privacyverklaring kunt u hier terecht.

Privacy Preference Center

Ontdek meer van STAB

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder