Het ophangen van tentdoeken in een rijhal. Geen kortdurend en incidenteel strijdig gebruik. Er is sprake van een overtreding van het omgevingsplan. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot handhavend optreden. Handhavend optreden is in dit geval onevenredig.

Casus

Eiser heeft het college van burgemeester en wethouders van Oss (het college) verzocht om handhavend op te treden tegen het in strijd met het bestemmingsplan ‘Buitengebied Oss 2010’ gebruiken van een perceel, door de derde-partij door het ophangen van tentdoeken in een gebouw op dit perceel. Het college heeft dit verzoek niet-ontvankelijk verklaard onder de overweging dat eiser niet als belanghebbende is aan te merken. Met het bestreden besluit op het bezwaar van eiser is het college op dit standpunt teruggekomen. Het college heeft het verzoek om handhaving vervolgens inhoudelijk beoordeeld en zich daarbij op het standpunt gesteld dat er sprake is van een overtreding omdat het te drogen ophangen van tentdoeken/zeilen niet ten dienste staat van de geldende sportbestemming omdat het niet samenhangt met het uitoefenen van het paardensportcentrum. Het gebruik is volgens het college aan te merken als kortdurend en incidenteel gebruik in afwijking van het omgevingsplan. Daarbij heeft het gebruik een kleine ruimtelijke impact en een incidenteel karakter omdat de activiteit in een tijdsbestek van twee en een half jaar slechts tweemaal is geconstateerd. Het toegestane gebruik als manege heeft echter een grotere ruimtelijke impact dan het kortdurende afwijkende gebruik. Daarom is het college van mening dat dit kortdurende en incidentele afwijkende gebruik geen overtreding van het omgevingsplan in samenhang met artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet oplevert. Het college is van mening niet bevoegd te zijn om handhavend op te treden.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld bij de rechtbank. Hij meent dat wel sprake is van een overtreding van het omgevingsplan.

Rechtsvragen

1. Is sprake van een overtreding, zodat het college bevoegd is handhavend op te treden?
2. Is handhavend optreden in dit geval onevenredig?

Uitspraak

1. De rechtbank is van oordeel dat wel degelijk sprake is van een overtreding en geen bagatel. Het is geen kortdurend incidenteel strijdig gebruik. In zoverre is het besluit van het college onjuist. Het college is wel bevoegd handhavend op te treden.

2. De rechtbank acht handhavend optreden in dit geval onevenredig. Hoewel de rechtbank een vrees voor herhaling niet helemaal uitsluit, acht de rechtbank de overtreding qua aard en omvang zeer gering. De overlast vanwege de overtreding is eveneens zeer gering. Het college merkt terecht op dat, al zou de buitenbak worden gebruikt, het college hiertegen al handhavend optreedt. Bovendien heeft de derde-partij nog een binnenbak. Handhavend optreden is daarom niet evenwichtig en dus niet evenredig.

Rechtelijke Instantie : Rechtbank Oost-Brabant
Datum Uitspraak : 19-09-2025
Eclinummer : ECLI:NL:RBOBR:2025:5800
Ruud Veenhof

Privacy beleid
STAB hecht aan het naleven van de beginselen uit de AVG. De wijze waarop we met gegevens omgaan, is vastgelegd in een privacyverklaring. Voor onze volledige privacyverklaring kunt u hier terecht.

Privacy Preference Center

Ontdek meer van STAB

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder