Gemeente heeft onvoldoende onderkend dat het belang van de aanwijzing van een beschermenswaardig pand tot gemeentelijk monument, niet opweegt tegen de waardedaling van het pand die het gevolg is van de aanwijzing.

Casus

Bij het besluit van 28 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg een pand op een locatie in Berkel-Enschot aangewezen als gemeentelijk monument. De eigenaar van het pand heeft hiertegen bezwaar gemaakt. In de uitspraak van 3 augustus 2022 heeft de Afdeling geoordeeld dat het college niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat sprake is van een onroerende zaak met monumentale waarde. Daarnaast heeft de Afdeling in die uitspraak ook overwogen dat het college een taxatierapport, waarin is geconcludeerd dat de waarde van het pand als gevolg van de aanwijzing op de peildatum 1 augustus 2018 met € 150.000 is gedaald, niet met een taxatierapport van een andere deskundige of anderszins heeft bestreden, zodat van de juistheid van dat rapport wordt uitgegaan. Het college heeft daarom de waardedaling van het pand als gevolg van de aanwijzing ten onrechte niet in de belangenafweging betrokken.

Bij het besluit van 22 november 2022 heeft het college opnieuw beslist op het door appellant tegen het besluit van 28 augustus 2018 gemaakte bezwaar en de aanwijzing van het pand als gemeentelijk monument gehandhaafd. Het college heeft aan dat besluit een gewijzigde redengevende omschrijving en een nader advies van de Omgevingscommissie van 31 augustus 2022 ten grondslag gelegd. Het college stelt zich verder aan de hand van een second opinion op het standpunt dat de door appellant gestelde waardedaling als gevolg van de aanwijzing onvoldoende gefundeerd is en dat de extra kosten die appellant als gevolg van de aanwijzing bij verbouwingen moet maken niet opweegt tegen het belang dat gediend is bij het aanwijzen van het pand als gemeentelijk monument. Appellant betoogt in hoger beroep dat de aanwijzing niet evenredig is, omdat de monumentale waarde van het pand niet opweegt tegen de aanzienlijke waardedaling van het pand als gevolg van de aanwijzing.

Rechtsvraag

Heeft het college terecht een pand tot gemeentelijk monument aangewezen, ook al heeft dit een eventuele waardedaling van het pand en extra verbouwingskosten tot gevolg?

Uitspraak

In de uitspraak van 3 augustus 2022 is aan het college de opdracht gegeven om een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak is overwogen. In deze uitspraak is geoordeeld dat van de juistheid van het taxatierapport, waarin is geconcludeerd dat de waarde van het pand als gevolg van de aanwijzing is gedaald met € 150.000, moet worden uitgegaan. Het college was bij het nemen van het besluit van 22 november 2022 aan deze opdracht gebonden. Er zijn naar het oordeel van de Afdeling geen redenen waarom het college aan de opdracht van de Afdeling in de uitspraak van 3 augustus 2022 voorbij zou kunnen gaan.

De Afdeling constateert verder dat het college zijn besluit als volgt nader heeft gemotiveerd. Het pand heeft architectuurhistorische en typologische waarde. Dat wordt nog versterkt door de ligging in een gebied met veel monumenten. Voor het college is daarnaast vooral de cultuurhistorische waarde van het pand van belang. Die waarde bestaat er in dat het pand vanwege de directe verbinding met burgemeester Alphons Panis en diens broer architect Constant Panis betekenis heeft voor de bestuurlijke geschiedenis van Berkel-Enschot. Zoals het college ook ter zitting heeft bevestigd is het de optelsom van factoren die leidt tot de vaststelling dat het pand monumentale waarde heeft en daarom bescherming behoeft. Met name het verhaal over de directe verbinding tussen burgemeester Panis en diens broer is hiervoor doorslaggevend. De Afdeling is van oordeel dat het college daarmee voldoende heeft gemotiveerd dat het pand monumentale waarde heeft en in beginsel als monument kan worden aangewezen. Daar staat tegenover dat er, zoals hiervoor is overwogen, van moet worden uitgegaan dat het pand als gevolg van de aanwijzing € 150.000 in waarde zal dalen. De Afdeling is van oordeel dat het belang van aanwijzing, mede gelet op de overwegingen die het college hebben geleid tot de vaststelling dat het pand beschermenswaardig is, niet opweegt tegen de waardedaling die het gevolg is van de aanwijzing. Het college heeft aan het belang van aanwijzing daarom geen zwaarder gewicht mogen toekennen dan aan de nadelige gevolgen van de aanwijzing voor appellant.

Rechtelijke Instantie : Raad van State
Datum Uitspraak : 20-12-2023
Eclinummer : ECLI:NL:RVS:2023:4773
Gijsbert Keus

Privacy beleid
STAB hecht aan het naleven van de beginselen uit de AVG. De wijze waarop we met gegevens omgaan, is vastgelegd in een privacyverklaring. Voor onze volledige privacyverklaring kunt u hier terecht.

Privacy Preference Center

Ontdek meer van STAB

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder