Een ruimtelijke afweging over het opnemen van een uitzondering op bouwregels in de planregels moet gebaseerd zijn op een deugdelijke ruimtelijke motivering. Het is aan de raad om inzichtelijk te maken waarom een uitzondering uit ruimtelijk oogpunt nodig wordt geacht.

Casus

Bij besluit van 30 september 2021 heeft de raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug (de raad) het bestemmingsplan ‘Recreatieterreinen Utrechtse Heuvelrug’ (het bestemmingsplan) vastgesteld. Tegen dit besluit hebben verschillende partijen beroep ingesteld.

Bij besluit van 9 november 2023 heeft de raad het bestemmingsplan ‘Correctieve herziening Recreatieterreinen Utrechtse Heuvelrug’ (het herzieningsplan) vastgesteld. Tegen dit besluit hebben diverse appellanten beroepsgronden ingediend.

Met het bestemmingsplan heeft de raad een integrale regeling vastgesteld voor negentien verblijfsrecreatieterreinen en campings in de gemeente. Met het herzieningsplan is dat bestemmingsplan op enige punten gewijzigd en geheel opnieuw vastgesteld.

Een aantal appellanten betoogt dat artikel 3.2.3 van de regels van het bestemmingsplan en artikel 4.2.3 van de regels van het herzieningsplan in strijd zijn met een goede ruimtelijke ordening, voor zover daarin met de bouwregeling een uitzondering is gemaakt voor recreatieterrein Vakantiepark Bonte Vlucht. Zij voeren aan dat de raad niet deugdelijk heeft gemotiveerd waarom voor Vakantiepark Bonte Vlucht een uitzondering is gemaakt voor de maatvoering van gebouwen en bouwwerken.

Rechtsvraag

Heeft de raad de afwijkende bouwregeling afdoende gemotiveerd?

Uitspraak

De Afdeling overweegt dat in artikel 4.2.3 van de regels van het herzieningsplan en artikel 3.2.2 van de regels van het bestemmingsplan een uitzondering op de bouwregels is opgenomen die alleen voor Vakantiepark Bonte Vlucht geldt. De raad heeft tijdens de zitting toegelicht dat deze uitzondering in de plannen is opgenomen naar aanleiding van het verzoek van de eigenaar Bonte Vlucht B.V. en de recreantenvereniging. De Afdeling overweegt dat een ruimtelijke afweging over het opnemen van een uitzondering op bouwregels in de planregels moet zijn gebaseerd op een deugdelijke ruimtelijke motivering. Het verzoek van Bonte Vlucht B.V. en de recreantenvereniging is geen ruimtelijk argument om een uitzondering te rechtvaardigen. Dat de raad geen ruimtelijke bezwaren heeft om tegemoet te komen aan het verzoek is daarvoor ook niet voldoende. Het is aan de raad om inzichtelijk te maken waarom een uitzondering voor Vakantiepark Bonte Vlucht in dit geval uit ruimtelijk oogpunt nodig wordt geacht. De Afdeling is niet overtuigd van de door de raad aangedragen ruimtelijke argumenten voor de uitzondering. De door de raad aangedragen feitelijke verschillen met andere parken, zoals de redelijk intensieve bebouwing en de omstandigheid dat het terrein op een helling is gelegen, zijn op de zitting door appellanten gemotiveerd weersproken. Op de zitting hebben appellanten naar voren gebracht dat ook andere terreinen binnen Natuur Netwerk Nederland-gebied (NNN-gebied) gelegen zijn, dat situering en omvang van de kavels op andere terreinen vergelijkbaar zijn en dat ook andere terreinen glooiend zijn. Appellanten hebben ook nog aangevoerd dat het park langgerekt is en niet aan een weg is gelegen van waar de bebouwing zichtbaar is. Dit alles maakt dat de plannen naar het oordeel van de Afdeling in zoverre onzorgvuldig zijn voorbereid en de besluiten tot vaststelling van de plannen ondeugdelijk zijn gemotiveerd.

Rechtelijke Instantie : Raad van State
Datum Uitspraak : 23-10-2024
Eclinummer : ECLI:NL:RVS:2024:4278
Ruud Veenhof

Privacy beleid
STAB hecht aan het naleven van de beginselen uit de AVG. De wijze waarop we met gegevens omgaan, is vastgelegd in een privacyverklaring. Voor onze volledige privacyverklaring kunt u hier terecht.

Privacy Preference Center

Ontdek meer van STAB

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder